Een bredere kijk op de 200 snelst groeiende ondernemingen uit West-Vlaanderen leert ons een en ander over de conjunctuur in de kustprovincie. Vorig jaar telde de rangschikking nog 25 textielbedrijven, nu nog amper dertien. Een mogelijke indicatie van een groeivertraging van de textielindustrie, die van oudsher het sterkst vertegenwoordigd is in West-Vlaanderen? Tegelijk vinden we enkele opvallende spelers terug. Zo heeft Berry Floor, de ambassadeur bij de Grote Gazellen, net als Unilin (16) en Spanolux/Balterio (30), zijn wortels in de traditionele textielindustrie. Hun diversificatie lijkt geslaagd.
...

Een bredere kijk op de 200 snelst groeiende ondernemingen uit West-Vlaanderen leert ons een en ander over de conjunctuur in de kustprovincie. Vorig jaar telde de rangschikking nog 25 textielbedrijven, nu nog amper dertien. Een mogelijke indicatie van een groeivertraging van de textielindustrie, die van oudsher het sterkst vertegenwoordigd is in West-Vlaanderen? Tegelijk vinden we enkele opvallende spelers terug. Zo heeft Berry Floor, de ambassadeur bij de Grote Gazellen, net als Unilin (16) en Spanolux/Balterio (30), zijn wortels in de traditionele textielindustrie. Hun diversificatie lijkt geslaagd. Andere sectoren die traditioneel sterk vertegenwoordigd zijn, zoals transport (15) en bouw (18), houden vrij goed stand. De voedingssector in zijn ruime betekenis is met 22 bedrijven het sterkst aanwezig. Rekenen we daar nog de Zuidwest-Vlaamse cluster van diepvriesgroenteverwerkers bij (7), dan wordt de Bourgondische aard van de provincie helemaal bevestigd. De omzet van de Grote en Middelgrote Gazellen steeg van goed 5 miljard euro in 1999 naar ruim 8 miljard euro in 2003, een klim met 61 %. Vorig jaar liet deze categorie nog een omzetgroei van 66 % optekenen. Opvallend: de grote ondernemingen groeiden trager qua omzet (+58 %) dan de middelgrote (+93 %). Ook op het vlak van personeelsgroei scoren de middelgrote bedrijven (+1496 banen of +59 %) beter dan hun grotere collega's (+5640 banen of +42 %). Beide categorieën zijn goed voor een bijkomende tewerkstelling van 7136 banen. Ze stellen nu 23.120 mensen tewerk (+44 %). De cijfers bij de Kleine Gazellen geven een totaal ander beeld. Zo steeg hun gezamenlijke brutomarge met 33 miljoen euro tot 45,8 miljoen euro, een steile klim van 258 %. Op het vlak van personeel scoren ze eveneens goed: van 341 naar 889 werknemers (+160 %). Ook de rentabiliteit ziet er keurig uit. De mediaan ligt er op 20 % (wat betekent dat de helft meer haalt dan 20 %, de andere helft minder). Bij de Grote Gazellen ligt die op 16 %, wat nog steeds boven het Gazellen-gemiddelde ligt van vorig jaar: 13 %. Dat is exact het percentage bij de mediaan van de middelgrote bedrijven inzake rentabiliteit. Dat cijfer steekt nog steeds schril af ten opzichte van het doorsnee Belgische bedrijf, dat zich tevreden moet stellen met een rentabiliteit van 6 %. De nettowinst van de middelgrote bedrijven klom met 175 % tot 6,9 miljoen euro, terwijl de cashflow er 110 % op vooruitging tot 34,8 miljoen euro. De toegevoegde waarde klokte af op 265 miljoen euro, wat een toegevoegde waarde per personeelslid geeft van 65.886 euro (zowat hetzelfde als vorig jaar). Bij de Grote Gazellen is de toegevoegde waarde per personeelslid 85.829 euro (vorig jaar 79.289 euro). Mooie cijfers, de toegevoegde waarde per personeelslid in het gemiddelde bedrijf is amper 51.000 euro. De geroemde hoge productiviteit van de Belgische werknemer is bij de Gazellen geen loos begrip. De nettowinst bij de Grote Gazellen steeg met 249 % tot 386 miljoen euro, terwijl de cashflow afklokte op 633 miljoen euro (+111 %). Lieven Desmet