Ook Formule 1-rijders krijgen van hun werkgever een bedrijfswagen. Naar verluidt mogen ze een voertuig kiezen uit de hoogste prijsklasse. Maar de boetes moeten ze zelf betalen.
...

Ook Formule 1-rijders krijgen van hun werkgever een bedrijfswagen. Naar verluidt mogen ze een voertuig kiezen uit de hoogste prijsklasse. Maar de boetes moeten ze zelf betalen. Zoals Juan-Pablo Montoya, de Colom- biaan van BMW-Williams. Zowat anderhalve maand geleden werd hij geflitst op de Zuid-Franse autoweg A8. Tweehonderd per uur, of zo. "Ik ben het gewoon om snel te rijden," probeerde hij nog toen de politieman een vermanende vinger liet zien. "En trouwens, dit ding gaat nog veel harder dan tweehonderd, hoor." Het ding van Montoya: neen, niet de weelderige luxe en het royale comfort van de BMW 7-reeks. En ook niet de bestiale kracht van de M5 met het veelzeggende logo van BMW Motorsport. Neen, Juan-Pablo Montoya rijdt met een BMW X5. Een Sports Utility Vehicle of SUV. Montoya is geen alleenstaand geval. Waar op de personeelsparking van ziekenhuizen vroeger wel eens een Porsche 911 stond, meer bepaald op de gereserveerde plaatsjes voor topchirurgen, prijkt nu almaar vaker een Mercedes M-klasse, een Lexus RX300 of een BMW X5. De SUV is tegenwoordig een uitzondering in het autolandschap: het is namelijk een groeiend marktsegment. Zoals andere nicheproducten in de autowereld, trouwens. "Omdat die klant iets anders wil," antwoordt Christophe Weerts van BMW Bel- gium op de vraag waarom iemand een Sports Utility Vehicle koopt. Een type auto dat twintig jaar geleden eigenlijk al bestond. Alleen noemde iedereen de SUV toen nog gewoon een terreinwagen. Of een viermaalvier. Een auto die was ontworpen om met zijn vierwielaandrijving off-road te gaan, door modder en slijk. Ideaal voor landbouwers of mensen met een leuk buitengoed diep in de Ardennen. Maar plots begonnen de Nissan Patrol en de Range Rover ook in de stad op te duiken. Zonder ook maar één modderspatje op de bumper. En de drijfveer van de koper was toen, twintig jaar geleden, net dezelfde als vandaag: iets anders. Wie niet als een grijze muis door het verkeer wou sluipen, kocht een terreinwagen. Twintig jaar geleden was de terreinwagen specifiek ontworpen om over braakliggende terreinen te rijden. Daarnaast was het natuurlijk ook mogelijk om op de openbare weg te komen. Dat impliceerde bepaalde technische keuzes die het rijgedrag van zo'n auto bepaalden. Twintig jaar geleden met een terreinwagen voluit door een strakke bocht gaan, was smeken om slagzij. Maar dat was inderdaad twintig jaar geleden. Ondertussen hebben de constructeurs gesnapt dat 90 % van de terreinwagens niet, wellicht zelfs nooit, tot in het bos raakt. Komt daarbij dat de grote mobiliteit die de voorbije twintig jaar is ontstaan, gekoppeld aan een intensere vrijetijdsbeleving, nieuwe segmenten in het autolandschap heeft laten bloeien. Zoals breaks of monovolumes. Daarom hebben we het niet langer over een terreinwagen, maar over een Sports Utility Vehicle. Klinkt hipper. En chic, want de betere SUV's situeren zich in de hogere prijsklasse. Volkswagen, dat zich met de Phaeton al wat hoger is gaan profileren, kon dan ook niet anders dan in dit segment stappen. En schonk ons de Touareg. Niet meteen een auto voor het volk. Ze hadden er zo het logo van Audi op kunnen zetten. Trouwens, Mercedes, Porsche, BMW, Volvo, Volkswagen of Lexus: alleen al met het oog op de Amerikaanse markt, waar de SUV razend populair is, moeten kwaliteitsmerken zo'n tuig in hun gamma hebben. Tuigen die technisch op een heel ander concept stoelen dan pakweg twintig jaar geleden. SUV's uit het topsegment worden nu ontworpen om door het leven te gaan als een gewone auto. Dat zijn ze ook, alleen staan ze hoger van de grond en lijken ze op een terreinwagen. Maar uiteindelijk zijn ze het niet. "Met de X5 kan je rijden zoals met iedere BMW," zegt Christophe Weerts. "En als je dat wenst, kan je er ook de wei mee in." Hij had er evengoed bij kunnen zeggen: "Als je hem per se vuil wilt maken." Want SUV's worden niet langer beklad met modder. Kaderleden, artsen of beoefenaars van een vrij beroep: vandaag gaan ze voor een Volkswagen Touareg of zijn evenknie uit de showroom van Mercedes, BMW, Volvo of Lexus. Auto's die op hoge pootjes staan, maar zich eigenlijk laten rijden als een gewone berline. Die in het snellere bochtenwerk geen slagzij meer maken, en waarmee je op de autoweg vlot voorbij de tweehonderd gaat, zoals Juan-Pablo Montoya. Want SUV's uit de topklasse zijn uitgerust met een beer van een motor. Met de achtcilinder van 4,1 liter haalt de Volkswagen Touareg een piek van 218 per uur. En de Porsche Cayenne S met zijn V8 van 4,5 liter zowaar 242. De Porsche Cayenne? Dat Porsche, het sportieve merk bij uitstek, een SUV op de markt gooide, onderstreept de realiteit: wie vroeger bij voorkeur laag over de grond scheurde, zoekt het nu hoger van de grond. SUV's scoren bij de beter verdienende leeftijdsgroep van 35 tot 45. Heren en dames die niet langer een sportieve auto of sportwagen willen, maar veeleer een auto die een sportief gevoel in- fluistert. Omdat de flitspalen welig tieren. Maar ook omdat rijden met een BMW X5 een statement is. Het zegt iets over de status van de eigenaar, en over zijn jonge, sportieve aard. Porsche kon het zich strategisch niet veroorloven om afwezig te blijven in dit marktsegment. Net zoals Lexus, het exclusievere Japanse merk. De Lexus RX300, onlangs gelanceerd in zijn nieuwe versie, werd vooral opgewaardeerd qua look en uitrusting. Want naast iets anders en dat sportieve gevoel bespeelt de SUV nog andere snaren. Zoals comfort en uitrusting. Maar ook veiligheid. Hoe anders verklaren dat opvallend veel vrouwen vallen voor een dikke SUV? Om boodschappen te doen en de kinderen naar school te brengen. Zo hoog boven de grond, hoger dan het gros van het verkeer, voelen ze zich inderdaad veiliger. Want ook dat veilige gevoel is de jongste jaren niet onbelangrijker geworden in het autolandschap. Jo BossuytSUV's scoren bij de beter verdienende leeftijdsgroep van 35 tot 45. Heren en dames die niet langer een sportwagen willen, maar veeleer een auto die een sportief gevoel influistert.