Het boeiende aan de choreografieën van Anne Teresa De Keersmaeker is de verscheidenheid van haar producties. Elke voorstelling houdt een verrassing in. En is tevens een onderdeel van een oeuvre dat voortdurend evolueert, naar zichzelf teruggrijpt of citeert en experimenteert. Maar soms wil een experiment eens niet lukken of is het niet genoeg uitgewerkt. Zoals in het nieuwe ' I said I' bijvoorbeeld. Met 'I said I' zetten Anne Teresa ...

Het boeiende aan de choreografieën van Anne Teresa De Keersmaeker is de verscheidenheid van haar producties. Elke voorstelling houdt een verrassing in. En is tevens een onderdeel van een oeuvre dat voortdurend evolueert, naar zichzelf teruggrijpt of citeert en experimenteert. Maar soms wil een experiment eens niet lukken of is het niet genoeg uitgewerkt. Zoals in het nieuwe ' I said I' bijvoorbeeld. Met 'I said I' zetten Anne Teresa en zus Jolente De Keersmaeker het onderzoek over de interactie tussen beweging en tekst voort, dat ze in 'Just Before' (1997) begonnen waren. In 'Just Before' wisselde dans de persoonlijke ontboezemingen van de dansers af. De tijdens improvisatiesessies ontstane teksten uit 'Just Before' maken in 'I said I'plaats voor een bestaande tekst. In 'I said I' proberen de dansers de theatertekst van Peter Handkes ' Selbstbesichtigung' te incorporeren en hem, middels beweging, een eigen inhoud en motivatie mee te geven. Dit wil in 'I said I' niet echt lukken. De opsommingen over de plaats van het ik tegenover de gemeenschap kunnen in het begin van de voorstelling nog de aandacht trekken, maar maken naarmate de tweeënhalf uur ten einde lopen plaats voor regelrechte verveling. De bedoeling is de spanning tussen individu en het collectieve gebeuren via tekst en beweging op te roepen. De angstgevoelens van het individu, zijn of haar onzekerheid, woede en isolement worden via bepaalde handelingen duidelijk gemaakt. Ze raken evenwel op geen enkel moment de kijker in de zaal. De reactie van de toeschouwer op 'I said I' mondt betrekkelijk snel uit in een 'Who cares about I'?. Het schitterende decor van Jan Joris Lamers verstrekt de nodige atttributen, maar wordt in de voorstelling niet meer dan een illustratie. Het anekdotische karakter van de opvoering is te vrijblijvend om het enig gewicht te geven. Hetzelfde geldt voor de uitstekende muziek. Het Ictus Ensemble brengt naast eigen composities fragmenten van ondermeer Berio, Zimmermann en Webern. De beat van de voorstelling wordt met veel gevoel voor ritme en swing opgeroepen door DJ Grazzhoppa en saxofonist Fabrizio Cassol. Hun bijdragen inspireren evenwel tot weinig interessant bewegingsmateriaal van de dansers. De dans is in 'I said I' ondergeschikt aan de tekst en heeft meer weg van improvisatorische oefeningen dan van een doordachte choreografie. ( P.G.)