Het is nooit duidelijk geweest wat Aldo Vastapane op 76-jarige leeftijd bezielde om in de zomer van 2002 aan zijn "dernière petite folie" te beginnen: de overname van Sobelair. Nog minder transparant zijn volgens kenners van dit dossier de constructies die daarmee gepaard gingen. Volgens Vastapane was het vooral "een gevoelskwestie". Hij volgde de Sabena-dochter al veertig jaar, onder meer via zijn vriend Pierre Jonnart, die de chartermaatschappij leidde en een gemeenschappelijke kennis was van wijlen Paul Vanden Boeynants. Daarmee is d...

Het is nooit duidelijk geweest wat Aldo Vastapane op 76-jarige leeftijd bezielde om in de zomer van 2002 aan zijn "dernière petite folie" te beginnen: de overname van Sobelair. Nog minder transparant zijn volgens kenners van dit dossier de constructies die daarmee gepaard gingen. Volgens Vastapane was het vooral "een gevoelskwestie". Hij volgde de Sabena-dochter al veertig jaar, onder meer via zijn vriend Pierre Jonnart, die de chartermaatschappij leidde en een gemeenschappelijke kennis was van wijlen Paul Vanden Boeynants. Daarmee is de achtergrond geschetst. Vastapane bouwde een zakenimperium, gestut door bevriende politici en in affiniteit met een Brussels clubje kompanen uit de golden sixties. Vastapane zou ook gedroomd hebben van Sabena, maar Etienne Davignon en Maurice Lippens staken daar een stokje voor. Het Sobelair van Vastapane crasht, terwijl SN Brussels Air- lines van het duo Davignon/Lippens in een hogere versnelling schakelt. Het typeert twee fundamenteel verschillende ondernemersculturen in de hoogste zakenkringen van de hoofdstad, tegenpolen ondanks inwisselbare adressenboekjes: Davignon en Lippens gaan mee in de dynamiek van aandeelhouderswaarde en deugdelijk bestuur, maar de Vastapanes overleefden als dinosaurussen vooral zichzelf. De kortstondige baas van Sobelair is groot geworden met de bouwheren De Pauw, De Waele, Blaton en andere vrienden rond VdB, zoals wapenhandelaar Roger Boas en jeanskoning Pierre Salik. Allemaal dino's met incestueuze politieke en economische bindingen. Overheidsbestellingen, grote bouw- en vastgoedprojecten, legerbestellingen en luchtvaartactiviteiten waren vaste ingrediënten in die kleinsteedse biotoop van vriendjeskapitalisme, overgoten met een belgo-Brussels bindsausje. In een aantal gevallen kwam daar nog een Congolees (Zaïrees) toetje bovenop, onder meer voor Vastapane zelf en voor dat andere Brusselse duo, Victor Hasson en Georges Gutelman (ex- CityBird en Trans European Airways), of voor George Forrest (ex- Shabair). Het VdB-tijdperk is afgesloten, maar niet helemaal uitgedoofd. Waarom bijvoorbeeld gebeurt er meer dan een jaar na zijn inverdenkingstelling door onderzoeksrechter Jean-Claude Van Espen niets meer met het dossier-Pierre Salik? Of met de affaire van een Brussels rechter-commissaris die wordt verdacht van passieve corruptie door diezelfde Salik? Terug naar Sobelair: concurrenten LDU in Duitsland en Futura in Spanje bewijzen dat er een markt bestaat voor onafhankelijke chartermaatschappijen. Voor Vastapane was het toevoegen van Sobelair aan de verlieslatende cargo-activiteiten van zijn Belgian World Airlines in de nasleep van 11 september 2001 te hoog gegrepen. In de turbulente luchtvaartwereld is er geen plaats meer voor commerçanten en salonkapitalisten met een dozijn vennootschapsnamen op de brievenbus. Kandidaat-overnemers zoals TUI wezen samenwerkingsvoorstellen van Hasson en Gutelman af omdat de Duitse touroperator en belangrijkste klant van Sobelair streeft naar langetermijnoplossingen. Dino's zijn niet meer van deze tijd. Onder een professioneel management had Sobelair nog een toekomst gehad. Jammer voor het personeel. Erik Bruyland