Dat de diplomatie met de voormalige kolonie Congo dikwijls een hachelijke zaak is, werd in het verleden wel vaker aangetoond. Eén verkeerde beweging volstaat om een fikse rel te ontketenen, de voorbeelden zijn legio, waarna een pak energie moet worden geïnvesteerd om de plooien glad te strij-ken. België zou bovendien België niet zijn als ook dit dossier geen communautair tintje zou hebben. Dat dwars door de diplomatieke evenwichtsoefening een communautaire scheidslijn loopt, is ook Evert Kets, auteur van Kuifje & Tintin kibbelen in Afrika, niet ontgaan. De franc parler - sommig...

Dat de diplomatie met de voormalige kolonie Congo dikwijls een hachelijke zaak is, werd in het verleden wel vaker aangetoond. Eén verkeerde beweging volstaat om een fikse rel te ontketenen, de voorbeelden zijn legio, waarna een pak energie moet worden geïnvesteerd om de plooien glad te strij-ken. België zou bovendien België niet zijn als ook dit dossier geen communautair tintje zou hebben. Dat dwars door de diplomatieke evenwichtsoefening een communautaire scheidslijn loopt, is ook Evert Kets, auteur van Kuifje & Tintin kibbelen in Afrika, niet ontgaan. De franc parler - sommigen hebben het niet over parler vrai - van Karel De Gucht staat haaks op de houding die menig Franstalig politicus ten aanzien van het Centraal-Afrikaanse land aanneemt. Wat graag lopen figuren als vader en zoon Michel de deur plat bij de plaatselijke bewindslui. Sinterklaas spelen en in ruil met de nodige exotische egards ontvangen worden, wat moet er meer zijn om de ijdelheid te strelen? Ook de achterban reageert anders op de respectieve optredens. Waar De Gucht met zijn harde taal in het noorden op heel wat bijval kan rekenen, neemt men aan Franstalige kant een meer inschikkelijke houding aan tegenover Kabilla. En die realiteit - zo lezen we - ontgaat ook de Congolezen zelf niet. Het boek van Evert Kets - voor alle duidelijkheid: een aanrader - handelt over verschillende onderwerpen. De communautarisering van het Belgische Congobeleid is er een van, maar hij besteedt ook aandacht aan lokale taalverhoudingen. Bijzonder interessant is zijn analyse van het vroegere koloniale bewind. Men vergeet vandaag veel te vaak hoezeer de taalverhoudingen in dit eigenste land destijds de vertolking van een sociale realiteit waren. En precies die werkelijkheid vond men ook in Belgisch Congo terug. Tweetaligheid bestond, maar enkel op papier. In werkelijkheid was Frans er de lingua franca, iets waar de meeste Vlamingen gedwee in berustten. Meer dan eens ergerde de inheemse bevolking zich trouwens aan die Vlamingen en hun taaltje waar ze geen snars van begrepen. Een mens zou geloven dat de band tussen Vlamingen en Congolezen vrij goed was, maar niets is minder waar. Vaak waren het Vlamingen die de laagste trappen van de koloniale hiërarchie bekleedden, waardoor ze meer rechtstreekse contacten hadden met de zwarten. Op die manier werden ze een beetje als het gelaat van de koloniale onderdrukker gezien. Dit en meer valt te lezen in het boek van Evert Kets. In zijn onderwerp is de man zelf geen neofiet. Na enkele jaren als journalist voor TV-Brussel, werd hij via een functie als analist bij het ministerie van Defensie onderzoeker bij het befaamde Clingendael-instituut in Den Haag. Onderzoeker is hij vandaag nog steeds, zij het op zelfstandige basis. Centraal-Afrika loopt als een rode draad door zijn bezigheden en in dit verhaal combineert hij zijn onderzoeksresultaten met eigen ervaring. Een interessante problematiek, degelijk gebracht en vlot geschreven. (T) EVERT KETS, KUIFJE & TINTIN KIBBELEN IN AFRIKA. DE BELGISCHE TAALSTRIJD IN CONGO, RWANDA EN BURUNDI, ACCO, 2009, 123 BLZ, 19,50 EURO MVD