Egoïstisch, opgeblazen, oppervlakkig en reactionair, met die woorden vatte Beatrice Potter haar eerste indruk over Winston Churchill samen. Na een tweede ontmoeting in 1903, waarbij ze met de jonge conservatieve politicus het idee van een landelijk gegarandeerde minimumlevensstandaard wilde bespreken, vertrouwde ze haar dagboek toe dat Churchill alleen met 'kleuterschooleconomie' reageerde. "Hij heeft totaal geen weet van maatschappelijke zaken, maar beseft dat niet. Zelfs de meest elementaire bezwaren tegen ongebreidelde marktwerking zijn hem niet bekend", klonk haar vonnis.
...

Egoïstisch, opgeblazen, oppervlakkig en reactionair, met die woorden vatte Beatrice Potter haar eerste indruk over Winston Churchill samen. Na een tweede ontmoeting in 1903, waarbij ze met de jonge conservatieve politicus het idee van een landelijk gegarandeerde minimumlevensstandaard wilde bespreken, vertrouwde ze haar dagboek toe dat Churchill alleen met 'kleuterschooleconomie' reageerde. "Hij heeft totaal geen weet van maatschappelijke zaken, maar beseft dat niet. Zelfs de meest elementaire bezwaren tegen ongebreidelde marktwerking zijn hem niet bekend", klonk haar vonnis. Beatrice Potter is een van de economen die Sylvia Nasar even plastisch als boeiend portretteert in De wil tot welvaart, een turf die de economische theorievorming tot leven brengt van de tijd dat Charles Dickens het lot van de Londense armen aankaartte tot vandaag. Van Karl Marx, via Joseph Schumpeter en Milton Friedman, tot hekkensluiter Amartya Sen. Niet alleen de iconen komen aan bod, ook enkele minder bekende baanbrekers passeren de revue, zoals Potter. Samen met haar drie jaar jongere man Sidney Webb vormde Potter, dochter van de puissant rijke directeur van de Great Western Railway, de spil van de Fabian Society. Op hun politieke salons nodigden de Webbs alle politieke kleuren uit, maar hun denktank pleitte voor een socialistische hervorming, "maar dan socialisme met behoud van eigendom, parlement en kapitalisten, en zonder Marx of klassenstrijd. Ze wilden de Frankenstein van het vrije ondernemerschap temmen in plaats van hem te vermoorden, en de rijken belastingen opleggen in plaats van hen te vernietigen." "Ik weiger om me samen met mevrouw Webb in een gaarkeuken te laten opsluiten", meesmuilde Churchill. Na een uitgebreid bezoek aan de krottenwijken van Manchester zette hij zich wel decennia stevig in om de sociale krijtlijnen die Potter getrokken had om te zetten in de politieke praktijk. Zo lag hij dan toch nog mee aan de basis van de verzorgingsstaat. De kern ervan vinden we in Potters The Minority Report, waarin ze de verzorgingsstaat presenteerde als "het volgende stadium in de natuurlijke evolutie van de liberale staat". George Bernard Shaw, de auteur van Pygmalion (1913), dat de blauwdruk vormde voor de musical My Fair Lady, schreef een jubelende recensie: " The Minority Report zou weleens een even grote doorbraak voor de sociologie en de politicologie kunnen betekenen als Darwins On the Origin of Species voor de filosofie en de natuurlijke historie." Met deze korte focus op Potter wilden we even de bekende verhalen van Keynes, Friedman en co ontwijken, al brengt Sylvia Nasar hen even fascinerend tot leven. Ze vindt een jaloersmakend evenwicht tussen pittige details en de kern van hun opvattingen. Ook de tijd waarin de economen aan de slag waren, wordt kleurrijk geschilderd. In een hoofdstuk over Joseph Schumpeter, bijvoorbeeld, blijven de beelden van de chaos, waanzin, honger en revolte in Wenen aan het einde van de Eerste Wereldoorlog beslist lang nazinderen. Sylvia Nasar, De wil tot welvaart - Het verhaal van geniale economen, Bezige Bij, 2011, 573 blz., 29,90 euro. DAAN DUMOULIN