Een van de lang gekoesterde wensen van de horeca-sector lijkt dan toch in vervulling te gaan. Als alles volgens plan verloopt, zullen restaurantdiensten over enkele jaren van het verlaagde btw-tarief kunnen genieten van 6 %, in plaats van 21 % nu.
...

Een van de lang gekoesterde wensen van de horeca-sector lijkt dan toch in vervulling te gaan. Als alles volgens plan verloopt, zullen restaurantdiensten over enkele jaren van het verlaagde btw-tarief kunnen genieten van 6 %, in plaats van 21 % nu. Dat dit allemaal zo lang moet duren, heeft te maken met het feit dat de btw in zeer grote mate een belasting is die op Europees niveau wordt geregeld. Het merendeel van de voorschriften vindt men terug in de Europese btw-richtlijn. Die schrijft ook voor hoe hoog het tarief van de btw moet zijn. De lidstaten moeten een normaal btw-tarief toepassen dat volgens de richtlijn niet lager mag zijn dan 15 %. In België bedraagt dit vandaag 21 %. De richtlijn zegt dat de lidstaten daarnaast nog een of twee verlaagde tarieven kunnen toepassen. Die mogen niet lager zijn dan 5 %. In uitvoering daarvan past België vandaag twee verlaagde tarieven toe: 6 % en 12 %. Het eerste geldt voor een aantal levensnoodzakelijke goederen en diensten, zoals bijvoorbeeld boeken en doodskisten. Het tarief van 12 % heeft een heel beperkt toepassingsgebied. Het geldt voor bepaalde vormen van sociale huisvesting en ook bijvoorbeeld voor margarine. In de praktijk bestaat er nog een derde verlaagd tarief. Op uw krant betaalt u geen btw. Dat komt omdat ten aanzien van bepaalde periodieke publicaties toepassing wordt gemaakt van het zogenaamde nultarief. Maar dat komt in geen enkele wet of richtlijn voor. Het betreft een louter admi-nistratief geregelde, intern-Belgische tolerantie. De lidstaten kunnen niet op eigen houtje beslissen welke goederen of diensten ze onder toepassing brengen van de verlaagde tarieven. Die kunnen uitsluitend van toepassing zijn ten aanzien van goederen of diensten die limitatief opgesomd zijn in de bijlage III bij de btw-richtlijn. Restaurantdiensten horen daar vandaag niet bij. Vandaar dat België deze diensten niet aan een verlaagd tarief kan onderwerpen, zelfs al zou het dat willen. Daarvoor is eerst een aanpassing van de btw-richtlijn vereist. Alles wijst erop dat die er nu komt. De Europese Commissie heeft een voorstel van richtlijn bekendgemaakt dat in een hele reeks van aanpassingen voorziet aan de lijst van goederen en diensten die aan een verlaagd tarief onderworpen mogen worden. Twee belangrijke aanpassingen springen in het oog. Om te beginnen, worden de restaurantdiensten toegevoegd aan de lijst. De lidstaten die het wensen, zullen deze diensten dus aan een verlaagd tarief kunnen onderwerpen. Maar de mogelijkheid is beperkt. Het voorstel sluit uitdrukkelijk de levering van alcoholische dranken uit. Als België ervoor opteert restaurantdiensten onder te brengen onder het verlaagde tarief van bijvoorbeeld 6 % dan zal de restauranthouder de prijs moeten uitsplitsen tussen het gedeelte dat slaat op de eigenlijke maaltijd en de niet-alcoholische dranken (6 %) en de prijs die aangerekend wordt voor het verbruik van alcoholische dranken (wijn, enzovoort). Dit laatste gedeelte blijft onderworpen aan het normale tarief van 21 %. Een tweede belangrijke aanpassing betreft de woningbouw. Op dit ogenblik is de bouw van woningen in beginsel onderworpen aan het normale tarief van 21 %. In de sector van de sociale woningbouw geldt onder welbepaalde voorwaarden een verlaging van het tarief naar 12 % en in bepaalde gevallen ook naar 6 %. De renovatie van woningen die minstens vijf jaar oud zijn, kan vandaag onder bepaalde voorwaarden ook gebeuren tegen 6 %. In het voorstel van de Europese Commissie zullen de lidstaten de mogelijkheid krijgen de levering en bouw van woningen in het algemeen aan een verlaagd tarief te onderwerpen. Dit zal ook België de mogelijkheid geven tegemoet te komen aan de verzuchting van velen om het tarief ten aanzien van de bouw van woningen te zien dalen naar (liefst) 6 %. Het voorstel voorziet daarnaast nog in verschillende andere sterk uiteenlopende aanpassingen. Eentje daarvan heeft betrekking op zogenaamde arbeidsintensieve diensten. Ten aanzien van een aantal daarvan geldt vandaag een tijdelijke verlaging van het tarief tot 6 %. Dit is het geval voor de herstelling van fietsen, schoeisel en lederwaren en voor de herstelling en het vermaken van kleding en huishoudlinnen. In het voorstel van de Commissie krijgt de mogelijkheid om het tarief ten aanzien van deze diensten te verlagen een permanent karakter. Bovendien wordt die mogelijkheid uitgebreid tot de kleine herstelling van om het even welke lichamelijke roerende goederen (vervoermiddelen andere dan twee- of driewielers uitgesloten) en tot de schoonmaak en het onderhoud ervan. De herstelling of het onderhoud van een computer of tv-toestel zal dus ook onder het verlaagde tarief kunnen vallen. De aanpassing is niet voor morgen. Om te beginnen, moet het voorstel van richtlijn nog door de lidstaten worden goedgekeurd. Bovendien voorziet het voorstel pas in een inwerkingtreding met ingang van 2011. Minstens tot dan blijven restaurantdiensten in België onderworpen aan het normale tarief van 21 %. (T) DE AUTEUR IS ADVOCAAT EN HOOFDREDACTEUR VAN FISCOLOOGJan Van Dyck