Aan de basis van Aymara ligt het liefdesverhaal tussen de Vlaamse ingenieur Sven Van Gucht en de Peruaanse reisagente Yannina Esquivias. "In het begin van mijn carrière werkte ik voor een kleine kmo die koelmachines op de markt bracht. Ik was als ontwerper begonnen, maar rolde al snel in een meer commerciële functie", vertelt Van Gucht. "Toen mijn baas me vertelde dat het bedrijf met problemen kampte, stelde ik hem voor een sabbatjaar in te lassen. Een week later kocht ik mijn ticket 'around the world'. Daar droomde ik al sinds mijn tienerjaren van."
...

Aan de basis van Aymara ligt het liefdesverhaal tussen de Vlaamse ingenieur Sven Van Gucht en de Peruaanse reisagente Yannina Esquivias. "In het begin van mijn carrière werkte ik voor een kleine kmo die koelmachines op de markt bracht. Ik was als ontwerper begonnen, maar rolde al snel in een meer commerciële functie", vertelt Van Gucht. "Toen mijn baas me vertelde dat het bedrijf met problemen kampte, stelde ik hem voor een sabbatjaar in te lassen. Een week later kocht ik mijn ticket 'around the world'. Daar droomde ik al sinds mijn tienerjaren van." Een van de eerste haltes op de wereldreis was Peru. Daar leerde hij zijn vrouw kennen. "Ik heb mijn reis voortgezet, maar ben wel geregeld teruggekeerd. Op die manier leerde ik het land, zijn materialen en kennis goed kennen. Voor ik Yannina ontmoette, was de textielsector een ver-van-mijn-bed-show. Maar de kwalitatieve grondstoffen en de hoge graad van afwerking van de producten, die vooral bestemd waren voor het hogere segment, trokken mijn aandacht." Toen Van Gucht terug in België kwam, ging het zijn werkgever niet meer voor de wind en de beslissing was snel gemaakt: samen met Yannina -- wier moeder al jaren in de textielsector werkte -- stampte hij Aymara uit de grond. De naam verwijst naar de etnische groep die al meer dan 2000 jaar in de Andes woont. "Het was van in het begin onze ambitie ons eigen merk te creëren, maar we hebben wat tijd gekocht. Zo produceerden we het eerste seizoen alleen eenvoudige stukken als handgebreide sjaals voor een aantal Belgische boetieks. Die toonden we daarna aan labels als Gigue en Natan. Bij Natan waren ze zo onder de indruk van de kwaliteit van ons katoen, dat ze meteen een reeks truien bestelden. Voor de maten gebruikten we hun tabel, want zelf hadden we er nog geen." Met enkele orders op zak trok het duo naar Peru, waar het een appartement huurde, een bvba oprichtte en met zijn bestellingen naar enkele kleine ateliers trok. "We zijn er drie maanden gebleven en reden van 's ochtends tot 's avonds van het ene atelier naar het andere. Soms leek het alsof overal in Arequipa dezelfde trui gebreid werd, omdat alle kleine ateliers voor de grote firma's werken. De tijd vorderde, maar de productie niet, dat was best demotiverend", vertelt Van Gucht. "De kleine ateliers zeggen nooit 'nee' en dus hebben ze vaak veel te veel werk. Bovendien werken ze allemaal volgens hun eigen breimethode en matensysteem, waardoor we voortdurend alles moesten controleren", vult Esquivias aan. "Het heeft ons bloed, zweet en tranen gekost, maar uiteindelijk hebben we geen enkel stuk teruggekregen van onze klanten." Na deze eerste ervaring stond het besluit voor het koppel snel vast: ze moesten en zouden een eigen atelier hebben. Om de basisproductie te garanderen, richtte de vader van Esquivias een atelier met artisanale thuisbreimachines op. "Aangezien we voor de winter van 2007/2008 met een kindercollectie op de markt wilden komen, kochten we ook zelf een paar machines. Zo konden we de nieuwe ontwerpen eigenhandig uitproberen. In de zomer van 2009 lanceerden we ook een damescollectie. Al snel produceerden we de helft van onze collectie zelf en functioneerde het atelier als aanvulling. Aangezien je op zo'n thuisbreimachine twee tot drie uur spendeert aan een stuk, bereikten we met 20.000 stuks snel onze limiet." Daarom schakelde het duo over op industriële machines. "In 2009 konden we de eerste vier met beperkte middelen kopen via een faillissement. Zes maanden later volgden er nog vier, en het jaar nadien nog twee keer vier. Sinds 2011 beschikken we over zestien machines en 60 mensen in loondienst. Hoewel mensen ons gewaarschuwd hadden voor die omschakeling van artisanale machines naar industriële, liep dat goed voor het personeel." "Hun artisanale ervaring was zelfs een groot voordeel: ze kunnen zich perfect inbeelden wat de machine moet doen en kunnen ze ook zo programmeren. Bovendien is het voor hen fijn om door te groeien. Nu breien de machines de onderdelen en die worden daarna met de hand aan elkaar gezet worden. Yannina's mama zorgt in Arequipa voor de kwaliteitscontrole, haar zus en schoonbroer staan in voor de dagelijkse leiding." Daarnaast besteedt Aymara de stukken die met de hand gebreid moeten worden uit aan thuiswerkende vrouwen die per dag of per week een hoeveelheid werk meekrijgen. Zo kunnen ze de zorg voor hun kinderen combineren met hun werk. "Via deze twee kanalen produceren we jaarlijks 70.000 stukken. Intussen is 70 procent voor Aymara bestemd, de rest voor andere merken. Sinds 2013 genereert de damescollectie meer omzet dan die voor de kinderen. Dat komt omdat we bij de kindercollectie door het grote aantal verschillende maten en de beperkte prijsmogelijkheden slechts een erg kleine marge kunnen rekenen." Het breigoed van Aymara dankt zijn succes aan de slimme combinatie van de Belgische ontwerpen en de Peruaanse savoir-faire. De kindercollectie tekent Esquivias zelf, voor de dames trok het duo Saskia Van Herzeele aan. "We volgen de trends, maar verliezen de oorspronkelijke waarden van Aymara niet uit het oog. Het ontwerp gebeurt vanuit het materiaal. Felle kleuren combineren we met zachte tinten en we kiezen steeds voor eenvoudige, pure ontwerpen. Met een fantasiesteek of het gebruik van een dikkere draad geven we de stukken een extra twist." Voor de natuurlijke materialen put Aymara uit de rijke tradities in Peru, met een focus op babyalpaca en pimakatoen. "In Europa moeten we de klant echt opvoeden, omdat ze niet vertrouwd zijn met deze stoffen. Babyalpaca komt van het dons van de alpaca, een soort lama. Per dier is er slechts een paar 100 gram van dit superzachte materiaal beschikbaar. Pimakatoen is een topkatoensoort. In de winter werken we ook met merinoswol met een superwashbehandeling zodat de stukken niet krimpen. Om die reden worden ook alle andere stukken al eens gewassen in de fabriek." Door de combinatie van de hedendaagse, Belgische ontwerpen en de Peruaanse materialen en savoir-faire biedt Aymara een coherent pakket aan. Daardoor stijgt de omzet ook jaar na jaar, en zijn de producten nu al in dertien landen te koop. "Ik denk dat mensen in deze wereld van fast fashion een degelijk product steeds meer appreciëren. Klanten merken dat ons verhaal authentiek is, en dat onze producten een ziel hebben. Of zoals ik tegen de mensen in onze fabriek zeg: dat het producten 'con amor' zijn", besluit Van Gucht. ELIEN HAENTJENS"We ontwerpen kleren vanuit het materiaal. Felle kleuren combineren we met zachte tinten en we kiezen steeds voor eenvoudige, pure ontwerpen"