Guillaume Bastiaens heeft het grootste deel van zijn actieve loopbaan gewoond in de buurt van Minneapolis waar zijn werkgever, het Amerikaanse voedingsconcern Cargill, zijn hoofdkwartier heeft. Nog een maand kan Bas-tiaens zijn businesskaartje met de titel 'vice-chairman' aanbieden. Dan is het welletjes geweest en is er meer tijd voor de familie en de racefiets. Toch denkt Bastiaens er niet aan om terug te keren naar zijn geboortedorp Westerlo, hoewel hij er op aanraden van zijn broers een rustieke woonst heeft gekocht bij de akkers waar zijn grootouders boerden.
...

Guillaume Bastiaens heeft het grootste deel van zijn actieve loopbaan gewoond in de buurt van Minneapolis waar zijn werkgever, het Amerikaanse voedingsconcern Cargill, zijn hoofdkwartier heeft. Nog een maand kan Bas-tiaens zijn businesskaartje met de titel 'vice-chairman' aanbieden. Dan is het welletjes geweest en is er meer tijd voor de familie en de racefiets. Toch denkt Bastiaens er niet aan om terug te keren naar zijn geboortedorp Westerlo, hoewel hij er op aanraden van zijn broers een rustieke woonst heeft gekocht bij de akkers waar zijn grootouders boerden. Bastiaens is een schoolvoorbeeld van de topmanager die bij het grote publiek onbekend is gebleven. Dat heeft veel, zo niet alles, te maken met het gesloten karakter van Cargill waarvoor Bastiaens mee de strategie heeft uitgetekend. Met succes, want Cargill is vandaag een kolos van 158.000 werknemers, van wie bijna duizend in België. Geen voedings-, landbouw- of drankproduct of Cargill heeft er de hand in via de ontwikkeling, verwerking of levering van grondstoffen en ingrediënten, alles samen goed voor een jaarlijkse omzet van ruim 88 miljard dollar. Cargill en Bastiaens werden dan ook als eersten geconfronteerd met de aanzwellende onrust over de toekomst van de landbouw en voedingsprijzen. Bastiaens heeft zijn kalmte bewaard. En dat moet u ook doen, vindt hij. GUILLAUME BASTIAENS. "Neen. Wij hebben altijd gewaarschuwd voor een exponentiële groei van biobrandstoffen. Want dat zou een probleem creëren tussen voedselvoorziening en het gebruik van voedingsgewassen als brandstof. Maar er bestaan veel misverstanden over. Uiteindelijk zal slechts een vijfde van de maïs in de VS gebruikt worden voor biobrandstoffen. Dat is niet de oorzaak van de stijgende armoede. "Overheden en zakenlui moeten hun kalmte bewaren. Als je paniekvoetbal speelt, krijg je paniekuitslagen. Veertig landen hebben vandaag hun grenzen gesloten. Of ze heffen zware tarieven voor import of export. Met als gevolg dat het probleem alleen nog groter wordt voor de andere landen. Die tijdelijke oplossingen zijn slechts pleisters op de wonde." BASTIAENS. "De olieprijzen gingen van 25 naar 135 dollar. De granen en meststoffen verdubbelden in prijs. Dat heb ik nooit meegemaakt. Maar hoe is dat ontstaan? Zowel de boeren als de producenten van zware grondstoffen hebben de voorbije twintig jaar een te laag rendement gehad. Het was heel moeilijk om genoeg te verdienen en te investeren. Plots is de vraag toegenomen en was er onvoldoende capaciteit." BASTIAENS. "Er is geen ruimte. Waar is de paniek ontstaan? De voorraden van graan en oliezaden zijn gezakt tot 13 % van de consumptie. Een normale situatie is 25 %. De voorraden in verhouding tot de vraag zijn sinds 1980 niet meer zo laag geweest. En dan is er ergens droogte. Of plots een overstroming. Dan rijzen die prijzen de pan uit." BASTIAENS. "Tot nu goed. Dat zie je aan de tarweprijzen. Die zijn enkele maanden geleden fors gezakt. Nu zijn ze weer wat geklommen. Maar de toevoer van tarwe ziet er beter uit dan vorig jaar. Het antwoord op hoge prijzen is hoge prijzen. De tarweprijs is meer dan verdubbeld. Dus de boer gaat elk stukje grond omdraaien. Bij 100 euro per ton tarwe kun je het land niet rendabel maken. De meststoffen en zaden zijn dan te duur. Als je niet veel geld overhoudt, heb je geen ruimte om creatief te zijn. Maar vandaag krijg je bijna 200 euro per ton! Dat stimuleert en nu krijgt een boer fantastische ideeën over hoe hij zijn opbrengsten kan verhogen. De productie zal dus toenemen Maar de prijzen zullen nooit meer teruggaan naar waar ze vandaan kwamen." BASTIAENS. "Terecht. Maar 10 % extra grond betekent niet meteen 10 % extra productie. De landerijen die braak lagen, waren niet meteen de meest vruchtbare. Maar hier in Europa moet je de boeren niets leren. In de VS evenmin. Boeren kennen hun vak. Ze halen een opbrengst van zeven ton tarwe per hectare. Maar dat is slechts een stukje van de wereld. We moeten het beschikbare landbouw-areaal optimaliseren. In een land als Kazachstan bijvoorbeeld is de opbrengst anderhalve ton tarwe per hectare. Ook in Brazilië en Rusland is er een groot potentieel, maar is de grote uitdaging het verbeteren van de bereikbaarheid van het akkerland." BASTIAENS. "Cargill is altijd een grote voorstander geweest van investeringen in biotechnologie en ggo's. Als je dat morgen toelaat, kun je de totale productie met een tiende verhogen. Zonder het gebruik van extra land. Het gaat uiteraard meer geld kosten voor de boer, want de zaden zijn duurder. Maar hij houdt er uiteindelijk meer aan over. Bij de introductie van ggo's is er niet goed gecommuniceerd. Veel is perceptie. Want de wetenschap heeft aangetoond dat het veilig is. Ik eet het ook. Maar men moet het overlaten aan de klant. Als de consument ggo-vrij wil, moet dat kunnen." BASTIAENS. "Dat zeg ik niet. Ik zeg alleen: het is een zware verantwoordelijkheid voor de overheden van de landen die ggo's niet ondersteunen. Door gebruik van biotechnologie zou de wereldproductie van granen en voedsel veel hoger liggen, zeker de productie van maïs, soja en katoen. En zonder ggo's zal de vleessector in Europa op termijn nog meer moeite hebben om te concurreren met landen als Brazilië." BASTIAENS. "Boeren zullen altijd klagen. De boer in de akkerbouw als zodanig heeft het goed. De veehouderij heeft het moeilijker, want ze moet duurdere grondstoffen kopen. Maar de inkomsten van de graanboeren, de akkerbouw, zijn fantastisch. Toch in vergelijking met het verleden." BASTIAENS. "Dat zouden we wel willen. Maar dat gaat niet. Wij zitten in de voedingsketen. We maken geen eindproducten voor de consument. Als het directiecomité van Cargill samen zit, is er altijd iemand die tevreden is. En een andere is ongelukkig. We zijn een van de grootste vleesproducenten in de VS. Dat is vandaag een moeilijke sector, door de hoge graanprijzen. Maar de meststoffen doen het dan weer heel goed. In totaliteit draaien we dus goed." BASTIAENS. "Ik zie geen enkel probleem als ik met pensioen ga. Ik heb een team dat beter is dan ikzelf, dus het gaat er alleen maar op verbeteren ( lacht niet). Wat die loonkosten betreft, de Belg is de duurste werknemer, maar gaat met het minste geld naar huis en dat is schandalig. Maar tijdens mijn 41-jarige carrière is Cargill steeds gegroeid, ook in België, en we willen dat ook blijven doen. Maar om gezond te blijven, moeten we ook constant bijsturen. Vergelijk het met een bos waarin je voortdurend moet bijplanten en snoeien maar ook dood hout moet verwijderen. Zo hou je ook een bedrijf gezond. En we zijn goed in bijsturen. We zijn zo groot als een supertanker, maar reageren als een kajak. "Een ander geheim van het succes van Cargill is dat we een groot deel van onze cashflow herinvesteren. Elk jaar spenderen we 25 % van die herinvesteringen aan verbeteringen, ook in onze fabrieken in Gent, Antwerpen en Moeskroen. Voor België speelt dan weer de competitiviteit tegenover de buurlanden. De mensen hier mogen zichzelf niet buiten strijd zetten. Als binnen tien jaar blijkt dat het toch nog goedkoper blijft in een land dat een paar honderd kilometer verder ligt, ga je problemen krijgen, want waar ga je dan uitbreiden? Maar vergeet niet dat we de jongste jaren sterk zijn gegroeid in België. Mechelen is ons hoofdkantoor voor Europa geworden en we hebben in Vilvoorde het grootste O&O-centrum buiten de VS." BASTIAENS. "Die staat niet op ons radarscherm. Als het bedrijf en zijn productenportfolio gezond zijn, is er geen behoefte om naar de beurs te gaan. In mijn 41 jaar bij Cargill heb ik bij de familie geen enkele keer de behoefte gevoeld om publiek te gaan." BASTIAENS. "Toen ik werd aangeworven, werd ik naar Taragona in Spanje gestuurd, toen de enige vestiging van Cargill buiten Amerika. Ik mag stellen dat ik nadien heb geholpen om dit bedrijf te laten groeien tot alle uithoeken van de wereld. Toen ik begon, waren we traders en verwerkers van grondstoffen. Een van mijn grote bijdragen is geweest om voor veel meer toegevoegde waarde te zorgen. Ik heb ook in 1986 de meststoffenbusiness opgestart en dat is nu een van onze topbedrijven. We hebben door mijn fout ook twee grote acquisities gemist. Welke? Dat zeg ik niet." BASTIAENS. "Geld verdienen is niet vies. Soms doet men alsof dat wel zo is. Maar voor het geld alleen doe je het niet." BASTIAENS. "Neen. Daar trekken ze zich niet veel van aan. In België maakt men zich altijd zorgen over de VS, maar in Amerika maken ze zich geen zorgen over België. Ik kan in Minneapolis de VRT bekijken, en dan denk ik altijd 'God, gelukkig kunnen ze hier niet verstaan wat er wordt gezegd over hen'. Dat is meestal negatief, het lijkt wel of de VS op instorten staat. Toen de kamer van koophandel me onlangs de Peter Minuitprijs uitreikte (voor zakenlui die de trans-Atlantische relaties tussen België en de VS bevorderen, nvdr) zei ik in mijn toespraak 'probeer nu eens iets goeds te zeggen over de VS'. Ik word ziek van het negativisme over de VS en Bush. Er zijn fouten gemaakt, maar ook in België wordt er geflaterd." BASTIAENS. "Neen. Ik zal zeker niet die 5 miljoen mijlen missen van Northwest Airlines, en ook niet dat mijn agenda tot op de minuut werd geregeld. Ik blijf bestuurder bij Mosaic, een meststoffenbedrijf in de VS waarin Cargill de meerderheid heeft, en bij Donaldson, een Amerikaans bedrijf dat filtersystemen produceert en ook in Leuven een hoofdzetel heeft. En dan doe ik nog wat liefdadigheidswerk. Ik sluit niet uit dat er nog dingen bijkomen. Eigenlijk kom ik gewoon een leven te kort. En ik heb een fulltimejob met mijn zeven kleinkinderen, vier kinderen en mijn vrouw Liliane." BASTIAENS. "Nu moet ik opletten wat ik zeg ( lacht). Ik heb, hoop ik toch, altijd voldoende kwaliteitstijd gehad met mijn familie. Het leven is meer dan alleen maar werken. Ik heb me nooit verveeld en ik ben het ook niet van plan. Want ik ga nog reizen, zonder dat alles minuut per minuut is geregeld. En sport maakt daar deel van uit. Zo gaan we met de familie paardrijden in Yellowstone, of skiën." BASTIAENS. "Juist, maar dit is voor mij geen 'ego issue'. Ik hoop trouwens dat ik meer 'global' ben dan Belg. Anderzijds is het wel zo dat ik graag Belg ben en ik nog altijd een Belgisch paspoort heb. Mijn vier kinderen zijn allemaal in de VS opgegroeid. Ook zij hebben een Belgisch paspoort en zijn daar trots op." BASTIAENS. "Ja, beter dan ikzelf. Het Westelse dialect ken ik nog, maar het zakelijke Nederlands is moeilijk. De twee oudsten spreken heel vloeiend Nederlands, net als Frans trouwens. De derde heeft minder interesse in talen, maar hij praat met mijn schoonmoeder wel Vlaams. De jongste dochter heeft nooit Nederlandse les gehad, maar kan het wel." BASTIAENS. "Ze hebben een baksteen in hun maag, willen hier hun huis bouwen en hier ook sterven. Gisteren vroeg een zeer hooggeplaatste Belg me of ik toch zeker wel van plan was om hier te sterven. Ongelofelijk." BASTIAENS. "We waren thuis met een grote familie. Toen ik opgroeide, leefde ik hier in de buurt. Mijn wereldafstand was mijn fietsafstand. Turnhout was al heel ver. Mijn vader was meer conservatief, maar mijn moeder stimuleerde het reizen. Het was een heel hechte familie. Een groot verschil met de VS, waar kinderen heel vroeg eten na school en snel weer weg zijn om te gaan sporten. Als je bij ons aan tafel zit, heeft dat een sociale functie. De familieband is sterker, en er wordt gesproken over alles en nog wat. Dat is een waarde die zwaar wordt onderschat." BASTIAENS. "Nee, maar hier moet ik wel opletten, want Anheuser-Busch is een van mijn beste klanten." BASTIAENS. "Nu wel, vroeger moest ik het altijd aansleuren. Op zeker moment had ik een stevige voorraad, tot mijn vrouw en zoon de kelder gingen opruimen. Zij vonden allemaal stoffige flesjes in de kelder en hebben die in drie grote emmers uitgekapt. En ze waren trots dat het zo netjes was geworden ( lacht). "Het is natuurlijk ook het aspect gezelligheid dat zo belangrijk is. Samen met mijn vriend Tony Sandler (een Amerikaanse zanger-entertainer met Kortrijkse roots, nvdr) lossen we bij een Tripel alle Belgische problemen op. "De overheid zou trouwens veel meer werk moeten maken van het promoten van de Belgische merken. Kim Clijsters en Justine Henin behoren tot de weinige Belgen die in de VS een ruimere bekendheid genieten. Dat waren brands die ze moesten uitbuiten. Daar had België echt meer kunnen uithalen." (T) Door Bert Lauwers en Wolfgang Riepl/ Foto's Jelle Vermeersch