In onze buurlanden zijn ze al actief, de bedrijven die telefoon via internet aanbieden. In de VS kunnen internetbellers zelfs bij de traditionele telefoonreus AT&T al Voice over IP ( VoIP) krijgen ( zie blz. 100). In België is het nog even wachten op de officiële lancering van internettelefonie, maar het Antwerpse RealRoot heeft alvast een belangrijke horde genomen: op 14 april 2004 werd zijn aanvraag voor een VoIP-spraakdienst aanvaard door het Bipt, de overheidsinstantie die de Belgische telecommunicatiemarkt in goede banen leidt.
...

In onze buurlanden zijn ze al actief, de bedrijven die telefoon via internet aanbieden. In de VS kunnen internetbellers zelfs bij de traditionele telefoonreus AT&T al Voice over IP ( VoIP) krijgen ( zie blz. 100). In België is het nog even wachten op de officiële lancering van internettelefonie, maar het Antwerpse RealRoot heeft alvast een belangrijke horde genomen: op 14 april 2004 werd zijn aanvraag voor een VoIP-spraakdienst aanvaard door het Bipt, de overheidsinstantie die de Belgische telecommunicatiemarkt in goede banen leidt. "Met het systeem van RealRoot kan je je telefoon om het even waar meenemen. Je kan inpluggen en je bent bereikbaar. Je bent niet gebonden aan een plaats," vertelt David Erzeel, ingenieur-adviseur bij het Bipt. De abonnee hangt een goedkope adapter tussen zijn gewone telefoontoestel en de breedband internetverbinding. Waar die internetverbinding zich bevindt, maakt niets uit. Hij kan de adapter meenemen naar Hongkong en daar op hetzelfde Belgische nummer - en zonder roamingkosten - via een breedband internetaansluiting bereikbaar blijven. Een vast telefoonnummer dat met zijn gebruiker mee beweegt, is ook voor het Bipt nieuw. Er werd niet gekozen voor speciale nummers voor VoIP-diensten, zoals de 04-reeksen voor mobilofonie. Omdat RealRoot normale - zelfs lage - prijzen wil hanteren, kreeg het een reeks gewone, geografische nummers toegewezen, die tot dusver altijd gekoppeld waren aan één Belgische telefoonzone. In de toekomst hangt aan een nummer uit pakweg de 02- of 03-zone misschien een internettelefoon, waarmee internetbellers zich altijd probleemloos naar een andere telefoonzone kunnen verplaatsen, zonder van nummer te moeten veranderen. Door dat bijzondere karakter beschouwt het Bipt het specifieke VoIP-product van RealRoot niet als een spraaktelefoondienst, maar als een 'spraakdienst met toegevoegde waarde', zoals videofonie. Daardoor valt ook een reeks verplichtingen weg, zoals identificatie van het oproepnummer, helpdesk en 24-uursbeschikbaarheid (al laat het Schotense bedrijf weten dat ze daarom nog niet noodzakelijk zullen ontbreken). Met één nadeel zal de abonnee uitdrukkelijk akkoord moeten gaan: RealRoot kiest ervoor om geen toegang te geven tot de nooddiensten, die immers niet met zekerheid kunnen weten waar de beller zich fysiek bevindt. "Toen mobilofoondiensten tien jaar geleden een licentie kregen, konden ze evenmin volledig aan de verplichtingen inzake nooddiensten beantwoorden. En de beller exact lokaliseren, kunnen ze zelfs vandaag niet. Vanaf dag één aan VoIP-leveranciers stringente verplichtingen van lokalisatie van noodoproepen opleggen, zou een rem op innovatie zetten," meent Yves Blondeel van het Zellikse T-REGS, de specialist in telecomregulering die het dossier van RealRoot bij het Bipt voorbereidde en verdedigde. RealRoot, in 1998 gestart in webhosting, leeft vandaag van internationale IP-diensten, met aansluitpunten in Brussel, Londen, Parijs, Amsterdam en dit jaar nog Frankfurt. De klanten zijn grootgebruikers, zoals de videoclipsite van tv-omroep TMF. VoIP is een nieuwe manier om dat platform te rendabiliseren. RealRoot wil publiek gaan op de Telecom City-beurs in de Brusselse Heizelpaleizen op 25 mei 2004 en zoekt resellers. Toch blijft Cain Ransbottyn, zaakvoerder van RealRoot, voorzichtig: "Ik verwacht geen 1000 klanten vanaf de eerste dag. Er is geen potentieel voor een radicale prijsverlaging." Alternatieve operatoren hebben drie soorten operationele kosten: ze betalen Belgacom om het telefoontje tot op hun netwerk te brengen, ze transporteren zelf de oproep en ze betalen een derde partij (in België meestal ook Belgacom) om de oproep ter bestemming te brengen. Bij VoIP valt in eerste instantie alleen de eerste kost weg, de toegang tot het netwerk. "Je bespaart ruwweg een derde van je kosten. Ongeveer 1 eurocent per minuut," berekent Ransbottyn. VoIP-gebruikers zullen een abonnement van 4 tot 5 euro per maand betalen (de definitieve prijzen worden op TelecomCity bekendgemaakt), maar RealRoot wil de oproepen die volledig op zijn eigen netwerk blijven, gratis houden. Abonnees moeten daarbij nog de kosten van de adapter rekenen (een Grandstream Handy 286, bijvoorbeeld, kost zowat 70 euro). Wanneer het aantal gebruikers groeit, zal er ook interconnectie tussen VoIP-leveranciers komen en kunnen nog kosten worden bespaard. RealRoot heeft al akkoorden gesloten met VoIP-leveranciers in Engeland en Denemarken voor de uitwisseling van verkeer. Of toch gratis communicatie? François Schenkels van Ad-ICT heeft jaren gewerkt als netwerkspecialist voor KMO's. Hij heeft de jongste twaalf maanden samen met de Nederlander MartinSavelsberg, een invoerder van Quintum-VoIP-apparatuur, een VoIP-dienst opgezet die KMO's goedkoper internationaal telefoonverkeer en gratis communicatie tussen hun vestigingen wil bieden. Voor de particuliere markt worden resellers gezocht. François Schenkels lost het nummerprobleem op door nummers te huren bij andere operatoren, zoals ColtTelecom, die het verkeer dan voor een kleine vergoeding naar Ad-ICT doorsturen. "VoIP is een toevoeging bij bestaande installaties, geen vervanging," beklemtoont Schenkels. Internet blijft immers gevoelig voor storingen. "Belgacom geeft geen kwaliteitswaarborg op zijn ADSL-abonnementen." Ook Schenkels denkt aan een abonnementsprijs van zowat 4 tot 5 euro per maand, met daarnaast lagere communicatiekosten. "Er zit nog weinig structuur in de markt," observeert Laurens Van Reijen, wiens telehotel en hostingbedrijf LCL in Diegem een kweekbed is voor nieuwe initiatieven. Eén van de redenen is dat de grote jongens nog altijd aan de zijlijn staan. Daar komt verandering in als ScarletTelecom in juni 2004 met zijn Voice over DSL ( zie ook blz. 100) uitpakt. Eerst voor zakelijke klanten, enkele maanden later voor de particulier. Scarlet - in België de opvolger van KPN Belgium, Eunet, Ping en Planet Internet - wil zijn ADSL-gebruikers overtuigen om Belgacom op te zeggen en bij Scarlet zowel spraak als internet te kopen. Technisch beschouwd, biedt Scarlet geen Voice over IP. De abonnee zal zijn adapter niet zomaar overal op internet kunnen inpluggen en bellen. Hij zal vastzitten aan zijn Scarlet-lijn. Versatel, een andere operator, begint volgens woordvoerder Yves Braekman eind 2004 met tests in Nederland met dezelfde technologie. Begin 2005 volgt België. Er zit dus beweging in de ogenschijnlijk ingedommelde markt voor spraaktelefonie. Vraag is of al die partijen een aantrekkelijk commercieel aanbod kunnen formuleren. Belgacom heeft immers nog een stok achter de deur. Wanneer een eindgebruiker geen telefoonabonnement heeft bij Belgacom, maar wel een ADSL-abonnement wil, betaalt de leverancier van de ADSL-dienst op groothandelsniveau 9,87 euro extra aan Belgacom voor de toegangslijn. Dat prijsverschil, argumenteert Belgacom, moet de kosten van de lokale toegangslijn dekken. De winst van het opzeggen van het Belgacom-abonnement daalt daardoor tot een luttele 4,01 euro per maand op groothandelsniveau, zonder BTW. Het wordt uitkijken hoe interessant het aanbod wordt. Bruno LeijnseBinnenkort hangt aan een nummer uit pakweg de 02- of 03-zone misschien een internettelefoon.