De Belgische econoom William De Vijlder verdeelt zijn tijd tussen Parijs -- waar hij tijdens de week woont en werkt -- en Vlaanderen -- waar hij met zijn familie het weekend doorbrengt. Als hoofdeconoom van de Franse bankgroep BNP Paribas leidt hij een internationaal team van meer dan vijftig economen. "Een boeiende functie, met een grote verscheidenheid aan onderwerpen", vindt De Vijlder.
...

De Belgische econoom William De Vijlder verdeelt zijn tijd tussen Parijs -- waar hij tijdens de week woont en werkt -- en Vlaanderen -- waar hij met zijn familie het weekend doorbrengt. Als hoofdeconoom van de Franse bankgroep BNP Paribas leidt hij een internationaal team van meer dan vijftig economen. "Een boeiende functie, met een grote verscheidenheid aan onderwerpen", vindt De Vijlder. Met hem praten we over de toestand van de Europese en de internationale economie vandaag en in 2015, de uitdagingen waar Europa voor staat, de bezorgdheid die hij met veel andere economen deelt over de toegenomen ongelijkheid en hoe de kloof tussen rijk en arm verkleind kan worden. WILLIAM DE VIJLDER. "Je merkt wel dat Frankrijk onder druk staat. De gezinsuitgaven zijn een van de elementen die de Franse economie tot nu toe min of meer recht hebben gehouden. Maar als je dat in detail bekijkt, dan zie je bijvoorbeeld dat de gemiddelde leeftijd van Franse wagens is gestegen naar negen jaar. Bovendien worden bij de nieuwe wagens vooral de goedkopere merken verkocht. Dacia bijvoorbeeld ziet zijn omzet in Frankrijk sterk stijgen." DE VIJLDER. "Dat klopt. De belastingen verhogen is er geen optie, want de belastingdruk is er al zeer groot. Bezuinigen is dus de enige optie voor de Franse regering. Maar waar begin je? Indien je bespaart op de publieke investeringen krijg je een onmiddellijke weerslag op de groei en dreig je op langere termijn opgescheept te zitten met een verouderde infrastructuur. In de sociale zekerheid knippen zal ook pijn doen, want de gezinnen staan al onder druk. Waar je ook bezuinigt, het zal pijn doen. Maar de Franse regering heeft geen andere optie." DE VIJLDER. "Het is ook niet duidelijk welk beleid Frankrijk precies wil voeren. De regering lijkt mentaal de bocht te hebben genomen -- ze wil hervormen en de economie flexibeler maken -- maar concrete actie is blijkbaar nog een stap te ver. Er gebeurt wel iets, maar het is niet duidelijk of het voldoende zal zijn. "Elke Europese overheid moet maatregelen nemen die op lange termijn de groei bevorderen, die het groeipotentieel van de economie vergroten. Dat is de enige manier om duurzaam uit de crisis te raken. Politici schuiven te veel maatregelen naar voren die enkel een tijdelijk effect hebben. Zelfs het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) heeft slechts een tijdelijk effect -- hoe agressief dat beleid ook zou worden. De ECB kan enkel de aanzet geven in de hoop dat anderen het overnemen en het vertrouwen terugkeert." DE VIJLDER. "Om het groeipotentieel van de Europese economie duurzaam te versterken moet enerzijds de arbeidsmarkt flexibeler worden. Dat heeft op korte termijn een negatief effect: als werknemers minder beschermd zijn, kan dat banen kosten, maar het zal ondernemingen sneller aansporen om nieuwe banen te scheppen. Op lange termijn zal het leiden tot een hogere algemene tewerkstellingsgraad. De overheid kan negatieve kortetermijneffecten opvangen met opleidingen en tijdelijk hogere werkloosheidsuitkeringen. 'Bescherm de mensen, niet de jobs' is de boodschap. "Anderzijds moet de overheid de infrastructuur zo veel mogelijk verbeteren om de productiviteit aan te zwengelen. Dat geldt zowel voor transport- en energie- als ICT-infrastructuur. Ook de innovatie stimuleren is cruciaal." DE VIJLDER. "Het plan-Juncker is een stap in de goede richting, al is het beperkt in omvang. Slechts 21 miljard euro publieke middelen, de rest zou van de privésector moeten komen. Om die privémiddelen effectief aan te trekken, zal er toch meer zekerheid moeten zijn, bijvoorbeeld over het regelgevende of fiscale kader de komende jaren. Duitsland zou ook meer kunnen investeren om de Europese economie op gang te trekken. "Maar los daarvan, verwachten we toch dat de economie volgend jaar weer aantrekt. Sinds september zijn we wat bijgekomen van de eerste, negatieve impact van de sancties op Rusland. Een triple-diprecessie is nipt vermeden. Er zijn weer impulsen die de economie de komende kwartalen positief zullen beïnvloeden. Zo is de olieprijs sterk gedaald -- goed voor de gezinnen en de bedrijven -- en is de euro goedkoper geworden tegenover de dollar -- goed voor onze exportbedrijven. Daarnaast is de rente opnieuw gedaald, ook in Zuid-Europa, en is de onzekerheid rond de stresstesten en de banken verdwenen." DE VIJLDER. "Ik denk dat het herstel er nog enkele jaren kan blijven duren. Het herstel is er zo traag gegaan dat de klassieke spanningen die normaal gezien het einde van een economische groeiperiode inluiden, zoals fors stijgende lonen of een overdreven stijging van de kredieten, er nu niet zijn. De Amerikaanse economie zit in een droomscenario, ik noem het 'Goldilocks bis'. Het begrotingstekort daalt er sterk, net als het tekort op de lopende rekening (dankzij onder meer de schalierevolutie, waardoor de VS minder olie moeten invoeren, nvdr). De gezinsconsumptie stijgt langzaam dankzij de dalende werkloosheid, zonder dat de Amerikanen zich opnieuw bezondigen aan hun kredietverslaving. De huizenmarkt heeft nog groeipotentieel en de bedrijfsinvesteringen zitten opnieuw in de lift. De inflatie is laag, maar voldoende boven nul om zich geen zorgen te hoeven maken over deflatie. "Iedereen wacht de eerste renteverhoging van de Fed af, maar die kan een positief effect hebben op de bedrijfsinvesteringen. Bedrijven kunnen een renteverhoging interpreteren als een positief signaal, namelijk dat nu ook de Fed gelooft in het economisch herstel." MATHIAS NUTTIN EN DAAN KILLEMAES"We hebben nipt een triple-diprecessie vermeden" "Elke overheid moet maatregelen nemen die op lange termijn het groeipotentieel van de economie bevorderen."