31 PROCENT van de Nederlanders vinden zichzelf slimmer dan zijn baas. Een opvallend laag cijfer. De kans dat ik slimmer ben dan iemand anders is waarschijnlijk 50 procent; tenzij ik natuurlijk ernstige redenen heb om te denken dat ik 'speciaal' ben. Ik kan bijvoorbeeld niet lezen of schrijven, maar dan begrijp ik waarschijnlijk ook de vraag niet, of ik ben een finalist op de Wiskunde Olympiade geweest. De gewone Nederlander vindt zich dus gemiddeld niet echt slimmer dan zijn baas. Dat is vreemd. Intelligentie is hoe langer hoe meer een ' qualifier' (als u niet slim genoeg bent om dit te begrijpen, stop dan al maar met lezen), een soort olympisch minimum om te mogen deelnemen aan het professionele spel-om-de-macht. De klassieke IQ-intelligentie zou volgens de hr-goeroes slechts een kleine rol s...

31 PROCENT van de Nederlanders vinden zichzelf slimmer dan zijn baas. Een opvallend laag cijfer. De kans dat ik slimmer ben dan iemand anders is waarschijnlijk 50 procent; tenzij ik natuurlijk ernstige redenen heb om te denken dat ik 'speciaal' ben. Ik kan bijvoorbeeld niet lezen of schrijven, maar dan begrijp ik waarschijnlijk ook de vraag niet, of ik ben een finalist op de Wiskunde Olympiade geweest. De gewone Nederlander vindt zich dus gemiddeld niet echt slimmer dan zijn baas. Dat is vreemd. Intelligentie is hoe langer hoe meer een ' qualifier' (als u niet slim genoeg bent om dit te begrijpen, stop dan al maar met lezen), een soort olympisch minimum om te mogen deelnemen aan het professionele spel-om-de-macht. De klassieke IQ-intelligentie zou volgens de hr-goeroes slechts een kleine rol spelen of mogen spelen. Veel belangrijker dan abstract kunnen redeneren zijn dingen als emotionele intelligentie (volhouden, prestatiemotivatie), gemotiveerd worden door verantwoordelijkheidszin (een mooi woord voor machtshonger), sociale intelligentie en liefst ook wat onderhandelingsvaardigheden. De slimme nerds uit de klas, die urenlang aan een schermpje zaten gekluisterd, zitten daar nu nog altijd en zijn geen baas geworden. Ze hebben wel de enquête ingevuld. En zelfs zij beweren dus slechts voor 31 procent slimmer te zijn dan hun baas. Vreemd. MIJN VAKGENOTEN hebben in de pers het verkeerde uitgelegd, namelijk waarom dat cijfer zo hoog is. Dat komt dan door overdreven zelfvertrouwen: 97 procent van de Franse mannen vindt zichzelf een betere minnaar dan de gemiddelde Fransman, meer dan 90 procent van de chauffeurs vindt zich bovengemiddeld. Ik heb tijdens mijn lesgeversloopbaan de vraag gesteld aan honderden managers, en zij vinden zichzelf veel beter dan de gemiddelde manager in bijvoorbeeld besluitvaardigheid. Zodra een criterium voor ons relevant is, vinden we onszelf beter dan de anderen. Gelukkig maar, want wie zich systematisch, voor de dingen die er echt toe doen, slechter acht dan het gemiddelde, is rijp voor een depressie, of minstens voor een burn-out. HET IS JAMMER dat de Nederlandse onderzoekers niet het omgekeerde hebben gevraagd: bent u slimmer dan uw medewerkers? Op basis van klassiek onderzoek kan ik de resultaten wel voorspellen. Toen men directeuren vroeg wanneer hun nummer twee klaar zou zijn om hun job over te nemen, liepen de antwoorden uiteen van minstens twee jaar tot 'nooit', met een gemiddelde van vier jaar. Vroeg men het aan de nummer twee zelf, dan varieerden de antwoorden van 'nu' (en ik zou het veel beter doen dan mijn baas) tot hoogstens drie jaar. Er was bijna geen overlapping. WAAROM ZOUDEN DIRECTEUREN wél leiden aan zelfoverschatting? Vooreerst siert voldoende zelfvertrouwen de baas. Maar vooral, ze definiëren intelligentie zoals het in hun kraam past. Uiteraard is er hier en daar een medewerker, die halve autist, die voor zuiver IQ hoger scoort, maar wat ben je daarmee in het bedrijfsleven? Slim zijn is immers, volgens die directeuren tenminste, snel relevante informatie verwerken (de autist verwerkt ook irrelevante), weten welk detail je mag verwaarlozen en welk zeker niet (perfectionisten verwaarlozen ook dwaze details niet) en durven knopen door te hakken. Dat soort vaardigheden, wel... daarvoor moet je directeur zijn. BLIJFT NOG een merkwaardig genderverschil. Vooral mannen (35%), meer dan vrouwen (24%), vinden zichzelf slimmer dan hun baas. Ik ben net een roman aan het lezen waarin een wijsneus vindt dat wij graag onze onzekerheid afschermen tegenover de feiten. Omdat al mijn lezers slimmer zijn dan de meeste anderen, laat ik hen met veel plezier een verklaring vinden voor dit toch wel grote verschil, zeker als je weet dat vrouwelijke studenten steeds meer hun mannelijke collega's in de schaduw stellen in de studieresultaten.