Belgen blijven nijvere spaarders. Volgens een recent OESO-rapport hebben we 265 miljard euro op spaarboekjes staan. Veel politici zouden liever zien dat dit geld 'geactiveerd' wordt voor investeringen die de economische groei aanzwengelen.
...

Belgen blijven nijvere spaarders. Volgens een recent OESO-rapport hebben we 265 miljard euro op spaarboekjes staan. Veel politici zouden liever zien dat dit geld 'geactiveerd' wordt voor investeringen die de economische groei aanzwengelen. Maar ook de banken zien de toename van het spaargeld met lede ogen aan. Het Belgische spaaroverschot is groot. De banken kunnen niet alle spaarmiddelen omzetten in kredieten. Daardoor moeten ze de overtollige liquiditeiten ofwel tegen een negatieve rente parkeren bij de ECB, ofwel tegen een negatieve rente beleggen in veilige staatsobligaties. In beide gevallen verliezen ze eraan, want aan de spaarder zijn ze wettelijk verplicht een minimaal rendement van 0,11 procent te bieden. Het succes van het spaarboekje heeft te maken met een aantal factoren. Naast het positieve rendement is er de vrijstelling van roerende voorheffing tot 1880 euro renteopbrengst per jaar. Nu de regering de roerende voorheffing wil optrekken tot 30 procent zal dat de attractiviteit van het spaarboekje vergroten. Daarnaast is er de depositogarantie tot 100.000 euro per rekening, waardoor spaarders zekerheid hebben dat de overheid garant staat bij een faillissement van de bank. "De Belgische spaarmarkt is structureel ongezond", concludeert professor Eric De Keuleneer van de ULB en de Solvay Business School bij onze collega's van Tendances. "Er vloeit te weinig geld naar productieve investeringen. Door het succes van het spaarboekje zitten de banken op een berg geld dat ze niet nodig hebben. Integendeel, ze kunnen het niet kwijt. Want de vraag naar kredieten blijft, bij gebrek aan goede projecten, laag. Bovendien ligt het risico van die massa spaargeld, via de depositogarantie, uiteindelijk bij de overheid. Dat is onhoudbaar." De Keuleneer pleit voor een spreiding van het fiscale voordeel over verschillende spaar- en beleggingsproducten. Op die manier kunnen de banken hun klanten begeleiden naar producten met een hoger rendement, zoals aandelen, obligaties of fondsen. "De banken hebben er alle belang bij om hun intermediatierol uit te breiden. Op die manier moeten ze de risico's niet op hun eigen balans dragen en kunnen ze hun inkomsten diversifiëren. Een model waarin de bankfinanciering van de economie verschuift naar meer marktfinanciering is bovendien gunstig voor de stabiliteit van het financiële systeem en voor de economische groei." P.C.