België speelt al jaren bankier van de wereld. We krijgen onze spaarcenten niet op en het overschot beleggen we in of lenen we aan het buitenland. De jongste tien jaar investeerde België jaarlijks 4 % tot 6 % van zijn nationale inkomen in het buitenland. Wat geen slimme groeistrategie is: België investeert nu al jaren miljarden euro's in buitenlandse groei en dito jobs, alsof we die zelf kunnen missen.
...

België speelt al jaren bankier van de wereld. We krijgen onze spaarcenten niet op en het overschot beleggen we in of lenen we aan het buitenland. De jongste tien jaar investeerde België jaarlijks 4 % tot 6 % van zijn nationale inkomen in het buitenland. Wat geen slimme groeistrategie is: België investeert nu al jaren miljarden euro's in buitenlandse groei en dito jobs, alsof we die zelf kunnen missen. Ondertussen tempert een vertrouwensdeficit in de toekomst van de Belgische economie hier de investeringslust van de bedrijven en de consumptiedrang van de gezinnen. De handelsbalans vaart daar misschien wel bij, de economie niet. De Verenigde Staten, bijvoorbeeld, hebben een torenhoog en misschien onhoudbaar hoog handelstekort. Maar de VS bleven intussen sneller groeien dankzij de goedkope import van buitenlands (en Belgisch) kapitaal. België lijkt echter, net zoals de meeste Europese landen, wat de Amerikaanse toer op te gaan. Het Belgische spaaroverschot daalde in 2005 naar 1,7 % van het bruto binnenlands product (bbp, zie grafiek) en het klassieke overschot op de handelsbalans smelt weg. De Nationale Bank denkt dat België in 2005 nog een overschot van 6 miljard euro had, tegenover 10,5 miljard euro in 2004. Haal echter de champagne nog niet boven, want de afkalving van het overschot op de handelsbalans is ook het gevolg van een verslechtering van onze concurrentiepositie. De Belgische uitvoer neemt nog wel toe, maar minder snel dan de uitvoermarkten zelf. Gevolg: er gaat marktaandeel verloren - en nog geen klein beetje. "De voorbije tien jaar verloren de Belgische bedrijven 21 % marktaandeel op de internationale markten. Alleen Italië scoort in Europa slechter," weet Bart Van Craeynest, econoom van KBC Asset Management. De vinger wordt uitgestoken naar de toenemende stijging van de loonkosten, die vooral de exportgevoelige industriële productie een hak zet. Lichtpunt is dat het overschot op de dienstenbalans in 2005 is toegenomen, al taant ook het marktaandeel in de hoogwaardige diensten. De invoer stijgt intussen sneller dan de uitvoer. De stijging van de olieprijzen is hier natuurlijk ook debet aan, maar de Belgen spenderen sowieso steeds meer - en dat jaagt in een open economie als de Belgische niet alleen de eigen economie, maar ook de invoer vooruit. Niet dat het beschikbare inkomen van de gezinnen door het dak gaat, verre van zelfs, maar de Belgen sparen steeds minder - en dus blijft er meer geld over om te spenderen. De dalende spaarquote wordt vaak in verband gebracht met de sanering van de overheidsfinanciën. Slimme burgers zien begrotingstekorten als uitgestelde belastingen en sparen dus meer als de overheid met een gat in de portemonnee leeft. Omgekeerd, als de overheidsfinanciën lijken te verbeteren, spaart de burger minder voor toekomstige belastingen. Vandaar dat de regering begrotingen in evenwicht wil afleveren: die stimuleren de economie. Het is een theorie die u ook in de grafiek terugvindt: de paarse lijn (het spaartekort van de overheid) kruipt omhoog in de tweede helft van de jaren negentig, en de oranje lijn (toont het spaaroverschot van de gezinnen) gaat naar beneden - al valt te betwijfelen of de meeste consumenten nog vlug even de jongste begrotingstoestand checken voor ze gaan winkelen. Er is nog een ander vertrouwenssignaal dat in 2005 woog op de handelsbalans: de Belgische bedrijven investeren opnieuw meer. Dat zwengelt de vraag en dus de invoer van bijvoorbeeld uitrustingsgoederen aan. Die relance van de bedrijfsinvesteringen komt niets te vroeg na jaren van onderinvesteringen. De kapitaalvoorraad ligt nog altijd onder zijn historisch gemiddelde. Het competitiviteitsdebat zal mee beslissen of een verder afkalvende handelsbalans een goedaardig of kwaadaardig karakter zal hebben. Gaat het debat samen met onze export de mist in, dan zullen we moeten huilen als de handelsbalans volgend jaar voor het eerst sinds 1992 opnieuw in het rood gaat. Maar als het debat het vertrouwen en de investeringen kan aanzwengelen, is een tekort op de handelsbalans een hoopvol signaal. D.K.