Spoortransport is in Brazilië verwaarloosbaar, en binnenscheepvaart nagenoeg onbestaand. Vliegtuigen zijn er genoeg, maar die kunnen niet alles vervoeren. Blijft over: wegtransport. Dat had de Zwevegemse metaalbewerker Fomeco goed gezien. Het begon in 2008 met de productie van uitlaatpijpen voor vrachtwagens en bussen in Brazilië, onder de naam Fomeco do Brasil. "We leveren aan alle grote merken op de Braziliaanse markt, Volvo, Scania, Mercedes en DAF", zegt Bea Schurmans, de CEO van Fomeco. "Vorig jaar is Fomeco do Brasil met 30 procent gegroeid."
...

Spoortransport is in Brazilië verwaarloosbaar, en binnenscheepvaart nagenoeg onbestaand. Vliegtuigen zijn er genoeg, maar die kunnen niet alles vervoeren. Blijft over: wegtransport. Dat had de Zwevegemse metaalbewerker Fomeco goed gezien. Het begon in 2008 met de productie van uitlaatpijpen voor vrachtwagens en bussen in Brazilië, onder de naam Fomeco do Brasil. "We leveren aan alle grote merken op de Braziliaanse markt, Volvo, Scania, Mercedes en DAF", zegt Bea Schurmans, de CEO van Fomeco. "Vorig jaar is Fomeco do Brasil met 30 procent gegroeid." Fabrikanten van uitlaatpijpen bestonden al in Brazilië, maar ze werkten met verouderde technologie, zoals zo veel plaatselijke kmo's. Dat creëert kansen voor westerse bedrijven, die via de opkoop van bedrijven hun kennis kunnen verzilveren op de Braziliaanse markt. Fomeco kocht een Braziliaanse fabrikant van uitlaatbuizen op, vernieuwde het machinepark en was vertrokken. Frisomat, een bouwer van industriële loodsen uit Wijnegem, startte uit het niets een Braziliaanse vestiging op. "We hebben een vernieuwend concept, met wereldwijd ruim 25.000 referenties", zegt directeur Benoît Somers. "Maar Brazilianen kopen pas als je aan andere Brazilianen hebt verkocht. Wij moeten hier geduldig lokale referenties opbouwen. We hebben nu een 45-tal projecten verkocht. Ons sneeuwvlokje begint te rollen en wordt stilaan een sneeuwbal." De overheid is de grootste hindernis. Bedrijven moeten optornen tegen een oerwoud van belastingen, bureaucratie en regelgeving. "Om je product in te voeren heb je de hulp van een lokale douanemakelaar nodig", zegt Yves Lapere, vertegenwoordiger van Flanders Investment & Trade in São Paulo. "Sommige producten vergen een registratie vooraf. Voor vlees en kaas duurt dat achttien maanden. Eerst moet een Braziliaanse ambtenaar de productie-installaties komen goedkeuren, wat opnieuw een jaar kan duren. Is je container uiteindelijk aangekomen in de Braziliaanse haven, doet de douane er gemakkelijk tien dagen over om de goederen te controleren. Dan zwijg ik nog over de cascade van importheffingen en andere taksen." Fomeco moest de Portugese vertaling van zijn statuten overdoen, omdat de beëdigde Braziliaanse vertaler niet in Brazilië woonde. Frisomat moest anderhalf jaar wachten op de bouw van een brug naar zijn terrein. "Die brug is er nu, maar zonder de op- en afrijschansen", zegt Somers. "Dat betekent vijftig minuten omrijden langs zandwegen. Bij regen moeten we regelmatig onze vrachtwagens door bulldozers uit de modder laten trekken." Al het leed weegt niet op tegen de mogelijkheden van de enorme Braziliaanse markt. Ann Vanden Avenne begon in 1999 samen met haar man een bedrijf in Brazilië, maar is alweer bezig met twee nieuwe bedrijfjes. "Het ene zal Belgische voedingsproducten verdelen, het andere interieurartikelen van Flamant", zegt Vanden Avenne. "Ondanks alle problemen kun je hier altijd voort."