Belgische bedrijven in Congo zijn verontrust over het lot van de belangrijkste bank: Banque Commerciale du Congo, of kortweg BCDC. Bank Degroof, mogelijk aangevuld door de Belgische Maatschappij voor Investeringen in Ontwikkelingslanden (BIO), was met Fortis in gesprek over de overname van BCDC, het kroonjuweel onder de filialen van Belgolaisebank in Afrika. Maar vorige week dumpte Fortis onverwachts Degroof. Attijariwafabank, de grootste bank van Marokko, en George Forrest worden de nieuwe eigenaars, tenminste als de Centrale Bank van Congo haar zegen geeft.
...

Belgische bedrijven in Congo zijn verontrust over het lot van de belangrijkste bank: Banque Commerciale du Congo, of kortweg BCDC. Bank Degroof, mogelijk aangevuld door de Belgische Maatschappij voor Investeringen in Ontwikkelingslanden (BIO), was met Fortis in gesprek over de overname van BCDC, het kroonjuweel onder de filialen van Belgolaisebank in Afrika. Maar vorige week dumpte Fortis onverwachts Degroof. Attijariwafabank, de grootste bank van Marokko, en George Forrest worden de nieuwe eigenaars, tenminste als de Centrale Bank van Congo haar zegen geeft. De gouverneur van de Centrale Bank, Jean-Claude Massangu, is bestuurder bij Katanga Mining Ltd. waarin Forrest de belangrijkste individuele aandeelhouder is. Informeel liet Massangu al zijn goedkeuring blijken, terwijl de Congolese minister voor Overheidsparticipaties openlijk de deal afkeurde. Een auditcomité van de Centrale Bank stelde immers als voorwaarde dat de grootste bank van Congo in handen moest komen van bankiers en niet van een meerderheid privéaandeelhouders. Er wordt gevreesd dat klanten, vooral uit de mijnsector, BCDC zullen verlaten. Ook in bredere zakenmilieus maakt men zich zorgen over gebrek aan transparantie in de aandeelhouderstructuur. De kaarten liggen nu als volgt: de Congolese staat behoudt 25 %, Attijariwafa verwerft de 25 % van Belgolaise. Attijariwafa is een degelijke bank, maar wie de resterende 50 % privé-aandeelhouders zijn, blijft onduidelijk. Het schimmige aandeelhouderschap was de belangrijkste reden waarom BCDC maar niet verkocht geraakte, ondanks een omvangrijk onroerend patrimonium dat geschat wordt op 35 miljoen euro. Het was ook de reden waarom de Vlaamse socialisten scenario's van het Paleis en uit Franstalig België kelderden om via BIO de Belgolaisefilialen in Congo, Rwanda en Burundi, een Belgische verankering te geven. Dat Belgolaisegroep, een instituut met 100 jaar Afrika-ervaring, begin 2005 door Fortis in de etalage werd gezet, was op zich merkwaardig. Dat gebeurde op het moment dat Angelsaksische en Zuid-Afrikaanse banken (Citigroup, HSBC, Barclays, Standard Chartered, Stanbic), Chinezen en Arabieren, in Afrika hun positie via overnames begonnen te versterken. Ook Fortis bouwt trouwens zijn Afrikadesk niet af, integendeel. Hoe dan ook stond eind september een consortuim klaar met Bank Degroof en Attijariwafabank. Tot George Forrest, dealmaker van de nieuwe overnamestructuur, Fortis zover kreeg BCDC van de hand te doen zonder Bank Degroof of BIO. Volgens insiders kan Fortis met dit scenario eindelijk het BCDC-hoofdstuk afsluiten, zonder lastige vragen over de privéaandeelhouders. Dat 50 %-belang zou bestaan uit een eerste pakket van 25 % in handen van individuele aandeelhouders: 12 % bij George Forrest en de rest bij oud-Mobutisten. Daarnaast zou Fortis via een Luxemburgse vennootschap - om BCDC uit de geconsolideerde jaarrekeningen te houden - nog een participatie gehad hebben van 25 %. Volgens ingewijden zou dit vierde pakket feitelijk in handen zijn van gewezen toplui van Belgolaise-Brussel, al wordt dat door sommigen rond Fortis afgedaan als een indianenverhaal. Erik Bruyland