Als kind werd mij geleerd dat de armen het rijk der hemelen zouden binnentreden. Dat is dan uiteraard de compensatie voor het gebrek aan welvaart hier op aarde. Later werd mij geleerd dat rijk zijn mensen ongelukkig maakt. In rijke landen, en dat was dan telkens opnieuw Zweden, zouden de mensen bij bosjes zelfmoord plegen.
...

Als kind werd mij geleerd dat de armen het rijk der hemelen zouden binnentreden. Dat is dan uiteraard de compensatie voor het gebrek aan welvaart hier op aarde. Later werd mij geleerd dat rijk zijn mensen ongelukkig maakt. In rijke landen, en dat was dan telkens opnieuw Zweden, zouden de mensen bij bosjes zelfmoord plegen. Maar toen ik de statistieken controleerde, bleek dat Zweden niet meer dan 'gewone' zelfmoordcijfers had, terwijl het 'arme' Hongarije de kroon spande. Slechts recent heb ik begrepen dat arm zijn meestal ook duur is. De rijken weten waar het goedkoop is, kunnen ernaartoe rijden, kennen de weg naar goedkoop krediet, hebben een bedrijfswagen en boeken reizen op kosten van de zaak. De armen moeten besparen op preventie, vallen dan in extra kosten, moeten nog meer besparen op preventie enzovoort. Armen hebben ook slechtere voedingsgewoonten dan rijken, zelfs als je de factor 'prijs' neutraliseert. Maar niet alleen voedingsgewoonten maken een groot verschil. Arm zijn is echt ongezond. De rijken leven vijf tot tien jaar langer dan de armen. Zoals te verwachten was, is het verschil in de VS het grootst: de armste blanken leven er tien jaar minder lang dan de rijkste! Kritische lezers hebben zich natuurlijk al afgevraagd of de relatie niet omgekeerd is. Misschien worden zieke mensen wel arm? Dat lijkt nauwelijks een rol te spelen. Misschien kunnen alleen de rijken zich moderne geneeskunde veroorloven? Dat speelt slechts een kleine rol. Ook in landen zoals het Verenigd Koninkrijk of ons land, waar bijna iedereen toegang heeft tot degelijke geneeskunde, vind je grote verschillen. Nonnen uit arme gezinnen delen tientallen jaren dezelfde omgeving als nonnen uit rijke gezinnen. Toch sterven de 'armen' gemiddeld veel vroeger dan de 'rijken'. Hogere Britse ambtenaren hebben tweemaal minder kans om te sterven aan een hartziekte dan de laagste rangen, ook al controleer je voor bijvoorbeeld het feit dat hogere ambtenaren minder roken. Kortom, buiten de 'hemel' heeft armoede niet veel voordelen. En nu is er nog een inzicht bijgekomen. In 'Scientific American' van december 2005 stond er een deprimerend overzicht van hoe ongezond 'arm zijn' wel is. Het artikel is van Robert Sapolsky. Die naam zal u niet veel zeggen. Maar de titel van zijn bekendste boek misschien wel: Waarom Zebra's geen maagzweer krijgen is een van de bekendste boeken over stress. Arm zijn is niet alleen weinig aangenaam, het is duur, ongezond, het is bovendien erg... stresserend. Stress is leuk, stress is opwindend, stress doet adrenaline vloeien. Maar dat leuke geldt alleen voor de piekenstress, de kick van het bungeespringen, de vreugde bij de lancering van een nieuw product, of bij een overwinning van Tom Boonen. Over chronische stress valt niet veel goeds te vertellen. Dat is huilen met de pet op. Dat verkort het leven. Daar word je ziek van. En armen lijden aan chronische stress. Want arm zijn is echt niet leuk. Hoe zou dat komen? Kunnen armen hun armoede niet filosofisch opnemen? Kunnen ze dan niet onthecht door het leven gaan? "Als we maar gezond zijn en zo." Stress is echter gekoppeld aan het gevoel dat je de omgeving of jezelf niet onder controle hebt. Stress is controleverlies. Als ik minder verdien dan mijn buren, dan controleer ik heel weinig. Juist, ik 'voel' me arm, ook al ben ik misschien wel (veel) rijker dan mensen uit een (nog) armere buurt. De arme in de Marollen is niet getroost met de wetenschap dat in Oekraïne of India de mensen nog véél armer zijn. Hij vergelijkt met de andere Brusselaars. Het is dus het gevoel arm te zijn dat stress veroorzaakt, niet de objectieve rijkdom. En dat doet je vroeger sterven. Wil je langer leven? Verhuis dan naar een buurt waar je behoort tot de relatief rijksten en vermijd zeker buurten waar er alleen mensen wonen die rijker zijn dan jezelf. Als die verklaring juist is, dan zou er in landen met heel grote inkomensongelijkheid nog meer stress moeten voorkomen bij de armen. Dat lijkt zo wel te zijn, hoewel de evidentie niet overweldigend is. Opvallend is dat ook de rijken dan mee 'betalen'. Je bent beter niet véél rijker dan de rest van je omgeving. Is het daarom dat Bill Gates zoveel geld weggeeft? De heel grote inkomensverschillen gaan vaak gepaard met scherpe repressie. Het vertrouwen van de ene groep in de andere is dan laag. Sociologen spreken over 'sociaal kapitaal', het spontane vertrouwen dat we in elkaar hebben. Op voetbalwedstrijden is bijvoorbeeld het sociaal kapitaal afgenomen. In de jaren vijftig konden toeschouwers vertrouwd worden tot vlak bij de spelers, konden supporters onderling vertrouwd worden, ze zouden elkaar niet de kop inslaan. Nu heb je bij risicomatchen een half leger nodig. De aan- of afwezigheid van sociaal kapitaal is ook een factor. Beter arm als je weet dat je kan vertrouwen op de anderen. Niemand hoeft een tekeningetje te maken bij dergelijke onderzoeksresultaten. Onze maatschappij hemelt inkomensverschillen op, ondermijnt het sociaal kapitaal en vindt signaalgoederen steeds belangrijker. We gaan steeds sneller weten wie 'arm' is en wie 'rijk'. Op solidariteit moet je ook al niet veel meer rekenen. Dat is een slechte en gevaarlijke evolutie. De auteur is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick Leuven Gent Management School. Reacties: marc.buelens@trends.beMarc Buelens