Diamant en scheikunde slepen de helft van de plaatsen in ons provinciaal klassement in de wacht, maar hun relatieve gewicht is wel erg uiteenlopend. De royale omzetcijfers waarmee de diamantsector pronkt, betreffen echter slechts 609 arbeidsplaatsen. De sector zit op dit ogenblik overigens in een diepe crisis, die een hoogtepunt bereikte met het uiteenspatten van de Hoge Raad voor Diamant, nadat de baas, Peter Meeus, de deur achter zich dichtsloeg. Dilip Metha, zichthouder van Rosy Blue, het grootste diamantbedrijf van het land en - zo wordt gezegd - van de wereld, heeft al gedreigd om zich af te scheiden en een parallelle raad op te richten.
...

Diamant en scheikunde slepen de helft van de plaatsen in ons provinciaal klassement in de wacht, maar hun relatieve gewicht is wel erg uiteenlopend. De royale omzetcijfers waarmee de diamantsector pronkt, betreffen echter slechts 609 arbeidsplaatsen. De sector zit op dit ogenblik overigens in een diepe crisis, die een hoogtepunt bereikte met het uiteenspatten van de Hoge Raad voor Diamant, nadat de baas, Peter Meeus, de deur achter zich dichtsloeg. Dilip Metha, zichthouder van Rosy Blue, het grootste diamantbedrijf van het land en - zo wordt gezegd - van de wereld, heeft al gedreigd om zich af te scheiden en een parallelle raad op te richten. Daarbij vergeleken, weegt de scheikundige nijverheid oneindig lichter. Toch is de haven van Antwerpen het tweede grootste petrochemische centrum ter wereld, na Houston in Texas. Alle groten van de chemie zijn er vertegenwoordigd, te beginnen met BASF, dat geregeld zijn beklag doet over de overdreven hoge loonkosten. In Ludwigshafen (Duitsland) kost een ploegarbeider 30 % minder "voor hetzelfde werk", betreurt Antoon Dieusart, die na 39 jaar trouwe dienst BASF ruilde voor de N-VA. In werkelijkheid draait de chemie rond investeringen en logistiek, maar ook rond creativiteit: in 2004 werden bijna duizend ideeën, afkomstig van de basis, beloond en toegepast. Bayer Antwerpen, dat al sinds 1961 aanwezig is, is de oudste chemieonderneming in het Antwerps havengebied. De Duitse groep ligt ook aan de basis van twee andere ondernemingen uit de provincie. Lanxess, dat tegenwoordig op de beurs genoteerd staat, ontstond in 2004 toen Bayer zich terugtrok uit de rubbersector. Dat leidde ertoe dat het personeelsbestand van Bayer Antwerpen in twee verdeeld werd. De andere afsplitsing is natuurlijk Agfa-Gevaert, dat in 1999 opnieuw Belgisch werd. Gevaert is immers met 27 % opnieuw de belangrijkste aandeelhouder geworden. Agfa-Gevaert had de wind in de zeilen tot de fotografie het parten begon te spelen. Net nadat het autonoom geworden was, moest Agfa Photo immers in het zand bijten en dat faillissement woog op de resultaten van het gewezen moederbedrijf. De beleggers keerden zich af van het aandeel. De derde Duitse groep die actief is in de haven van Antwerpen is Degussa, dat eigenlijk van op een eiland werkt. Het is actief in wat men noemt de 'chemische specialiteiten' en concentreert zich uitsluitend op de meest rendabele. Oxeno, dat in 2004 van start ging, maakt eveneens deel uit van de groep Degussa. Total, de erfgenaam van het ter ziele gegane Petrofina, is alomtegenwoordig in Antwerpen met een raffinaderij, een productie-eenheid van olefine en een unit voor de aanmaak van polyethyleen. In Mechelen produceert Du Pont de Nemours verven, vernissen en synthetisch materiaal. Het houdt ook, in mede-eigendom met het Deense Borealis, de maatschappij Specialty Polymers in Zwijndrecht aan. Ineos is een jonge onderneming die begon in 1998, met als belangrijkste activa de gewezen site van BP in Zwijndrecht, waar ze door haar privékarakter wat afsteekt tegen het universum dat daar vooral door multinationals bevolkt wordt. Maar door opeenvolgende acquisities staat Ineos tegenwoordig op gelijke voet met de grote jongens, vooral nadat het in 2001 EVC verwierf, de grootste producent van pvc in Europa. De verdelers van scheikundige producten zijn iets exotischer: Lukoil is Russisch en SQM Chileens. De grootste omzet van de provincie wordt gerealiseerd door Exxonmobil Petroleum & Chemical: bijna 10 miljard euro. In dat cijfer is de divisie Esso goed voor 58 %, de chemie voor een derde en de smeermiddelen voor 8 %. De petroleummaatschappijen zijn natuurlijk goed vertegenwoordigd met BP en Q8, maar ook met het Russische Slavneft en enkele Belgische ondernemingen, waaronder Verbeke Bunkering, een familiebedrijf dat gespecialiseerd is in het transport per binnenschip, Belgomazout en de Belgische Olie Maatschappij, kortweg B.O.M.. Een ander sterk punt van de provincie is de farmaceutische nijverheid, met als onbetwiste leider Janssen Pharmaceutica. De onderneming werd in 1953 opgericht door Paul Janssen, die eerder een onderzoeker dan een bedrijfsleider was. De familiale onderneming kwam enkele jaren later terecht bij Johnson & Johnson. Met meer dan tachtig nieuwe geneesmiddelen op haar actief, waaronder Immodium en Motilium, de redders van menig reiziger, is de onderneming uit Beerse een van de meest innoverende in de sector. In Puurs levert Pfizer Manufacturing maatwerk af voor een Luxemburgs bedrijf uit de groep. Het greep onlangs nog naast een investering van 185 miljoen euro, die door de moedermaatschappij geschrapt werd uit protest tegen de volgens haar overdreven fiscaliteit die de Belgische farmaceutische industrie treft. Capsugel is eveneens een onderdeel van de groep Pfizer. Het produceert in Bornem capsules voor medicamenten. Alcon-Couvreur is voor 75 % eigendom van Nestlé, terwijl Schering-Plough Labo de stijging van zijn omzet met 30 % te danken heeft aan de verschuiving van Midernhall in Groot-Brittannië naar Heist-op-den-Berg van de verpakkingsunit van Intron, dat voornamelijk gebruikt wordt voor de behandeling van kwaadaardig melanoom. Als toevoerhaven mangelt het Antwerpen uiteraard niet aan autodistributeurs. Het zijn er alles bij elkaar een tiental, gaande van BMW bij Beherman tot Ford, Nissan en Suzuki. Niet te vergeten ook General Motors, dat nog altijd over een assemblage-eenheid beschikt in de metropool. In het wat zwaardere genre is er ook nog New Holland Tractor, een onderdeel van de Fiat-groep en wereldleider op het gebied van de landbouwmachines. Wie transport zegt, zegt rederijen. Exmar, tegenwoordig beursgenoteerd, is eigendom van de familie Saverys en komt voort uit de CMB, waartoe ook vandaag nog Bocimar International behoort. Cobelfret is in het bezit van de discrete familie Cigrang, die een vloot van een dertigtal schepen uitbaat, waaronder Obeliks, Asteriks en Ideefiks. Kleimar, dat zowel bulk, fruit als auto's transporteert, is de rederij van de groep Van de Vyvere (Sea Invest). Safmarine, ooit eigendom van de CMB, behoort tegenwoordig toe aan de Deense groep Maersk. Andere opmerkelijke bedrijven in de provincie zijn onder meer Atlas Copco, befaamd voor zijn compressors, Reynaers dat al veertig jaar lang vensters en veranda's van aluminium maakt, en Van Genechten, dat op dit ogenblik de Europese nummer twee is in zijn sector. Op de eerste plaats staat het Oostenrijkse Mayer Melnhof. Van Genechten is tevens mede-eigenaar van Carta Mundi (Turnhout), de wereldleider van de speelkaarten. De andere helft is in handen van de familie Cartier de Marchienne. Drie van de vier ondernemingen in de provincie zijn in buitenlandse handen. Interbuild en Heijmans zijn filialen van Nederlandse groepen: BAM voor de eerste, Heijmans voor de tweede. Stabag is Duits en Dredging gedeeltelijk Frans (Suez), maar daar wordt de Belgische verankering verzekerd door de Antwerpse groep Ackermans & van Haaren, die zelf van Hollandse origine is. Rond 1880 zakten Nicolas van Haaren en zijn schoonbroer Hendrik Ackermans immers af van Nederland naar Antwerpen om er mee te werken aan de uitbreiding van de haven. Ze zijn er ook gebleven... Alles bij elkaar realiseerden de 200 grootste ondernemingen van de provincie een omzet van 78,2 miljard euro en genereerden ze een nettowinst van 2,5 miljard. Ze hebben in totaal 106.889 mensen in dienst. Met uitzondering van Agfa-Gevaert is geen enkele van de twintig belangrijkste bedrijven in de provincie Belgisch. Tony Coenjaerts