Het neerhalen van een Russische bommenwerper boven Syrië heeft een tegenwind veroorzaakt, zowel op de kapitaal- als op de wisselmarkt. Er waren al spanningen op die twee markten door de nakende monetaire beslissingen van de twee belangrijkste centrale banken van de wereld. Hun tegenstrijdige houding ontwricht al maanden de marktontwikkeling. Daar hoefde geen geopolitiek incident bovenop te komen.
...

Het neerhalen van een Russische bommenwerper boven Syrië heeft een tegenwind veroorzaakt, zowel op de kapitaal- als op de wisselmarkt. Er waren al spanningen op die twee markten door de nakende monetaire beslissingen van de twee belangrijkste centrale banken van de wereld. Hun tegenstrijdige houding ontwricht al maanden de marktontwikkeling. Daar hoefde geen geopolitiek incident bovenop te komen. Volgende donderdag kennen we de beslissing van de Europese Centrale Bank (ECB). De marktoperatoren mikken resoluut op een daling van de hoofdtarieven. Dat heeft verstorende gevolgen waarmee de ECB rekening moet houden. Voor het ogenblik rekent de instelling een negatief rente aan op haar deposito's. Banken die geld bij de ECB deponeren, moeten 0,2 % op jaarbasis betalen. Anderzijds kunnen banken die in geldnood zitten en een beroep doen op de faciliteiten van de ECB alleen vers geld ontvangen als ze erkende panden afgeven. Die panden bestaan voornamelijk uit staatspapier. De ECB aanvaardt alleen papier waarvan de tegenwaarde minstens -0,2 % oplevert. Maar door de gevoerde monetaire politiek en de verwachte versoepeling ervan brengen veel staatsleningen al minder dan -0,2 % op en komen ze dus niet langer in aanmerking als pand voor aanvullende kredieten. Als de ECB volgende donderdag beslist haar beleid nog verder te versoepelen, moet ze onvermijdelijk haar depositotarief verlagen en tegelijk lagere rendementen aanvaarden bij pandgevingen. De kans bestaat dan dat sommige banken geen interesten meer willen vergoeden op cliëntendeposito's of, erger, een negatief tarief toepassen. Wat natuurlijk averechtse gevolgen kan hebben. Om dat te vermijden, zou de ECB een dubbel tarief kunnen invoeren. Onder bepaalde voorwaarden zou het hoofdtarief worden toegepast, terwijl daarbuiten een positief tarief gehanteerd zou worden. Zo zouden de banken geen probleem hebben om cliëntendeposito's positief te blijven vergoeden. Hoe dan ook zal Mario Draghi, het hoofd van de ECB, blijk moeten geven van inventiviteit, wil hij de markten niet al te erg verstoren. Hij moet ervoor zorgen dat de euro (EUR) neerwaarts blijft ontwikkelen om de conjunctuur te steunen en tegelijk de inflatie aanwakkeren via duurdere invoer. Hij zal het verloop van de zaken haarfijn moeten beheren, vooral omdat de beslissing vlak voor het afsluiten van de rekeningen zal plaatsvinden. Banken moeten in staat blijven om hun balans op te smukken. Aan de overkant van de Atlantische Oceaan ziet de toekomst er niet bepaald aantrekkelijk uit - op financieel vlak. Daar bestaat de kans dat de Amerikaanse centrale bank, de Fed, haar tarieven tegen midden december zal optrekken. 70 % van de marktoperatoren mikt op een renteverhoging. Ze nemen nu al hun voorzorgsmaatregelen. En dat verstoort alle aspecten van de kapitaalmarkt. We hebben op deze pagina's al gesproken over het recurrente tekort aan liquiditeit. Markthouders kunnen of durven niet langer als tegenpartij fungeren. Bovendien heeft het maandenlange talmen over die renteverhoging de renteschaal flink doorheen geschud. De daggeldmarkt raakt stilaan droog. Maar er is nog een andere deelmarkt die in grotere moeilijkheden vertoeft: de swapmarkt. De swapmarkt is een belangrijk onderdeel van moderne financiën. Zo goed als alle financiële producten hebben ergens in hun constructie een swapakkoord vervat zitten. Swaps of ruilovereenkomsten bieden financiële instellingen de mogelijkheid om bepaalde geldstromen door andere te vervangen. Zo zal een emittent die liever de variabele tarieven van de daggeldmarkt betaalt de geldstroom van zijn vastrentende lening ruilen tegen die veranderlijke. En omgekeerd natuurlijk ook. Banken fungeren niet alleen als belangrijkste tussenpersonen in deze materie, ze fungeren ook vaak als tegenpartij. De vergoeding van zo'n swapakkoord hangt natuurlijk af van het renteverschil tussen beide soorten beleggingen. Maar door de renteonzekerheid stelt men vast dat sommige contracten negatieve renteverschillen vertonen. Met andere woorden: het tijds- en renterisico van beide luiken wordt niet langer vergoed. De meeste swapcurves zijn invers. Dat bemoeilijkt voor de betrokken partijen het ontwerpen van leningen op maat. Swaps worden ook gebruikt in deviezentransacties. Wanneer een Europese emittent die zijn activiteit normaal in euro (EUR) afwikkelt, een lening uitbrengt in een vreemde munt, dan zal die lening een swapovereenkomst bevatten die automatisch de geldstroom van de EUR naar die andere munt over de hele looptijd van de lening regelt. Als die swaptarieven op hun beurt ontregeld worden door de onsamenhangendheid van de centrale banken, kunnen daaruit nieuwe en ongewenste moeilijkheden voortvloeien. Ook hiermee zal Janet Yellen, het hoofd van de Fed, rekening moeten houden. De komende weken zullen dus op dat niveau uiterst spannend verlopen. In afwachting uitte de onzekerheid zich het felst op de wisselmarkt. De EUR verliest terrein tegenover zowat alle munten. Hij moest 1 % afstaan tegenover de dollar (USD) en 1,2 % tegenover de yen (JPY). De geopolitieke perikelen kostten de Turkse lira (TRY) 2,3 % en de Russische roebel (RUB) 0,95 %. De grondstoffenmunten hielden goed stand, behalve de rand (ZAR) die met 1,7 % onderuitging. Op de kapitaalmarkt vinden nog steeds grootschalige verschuivingen plaats. Opvallend was het puike herstel van de leningen op naam van Volkswagen. Ook de perifere Europese soevereine leningen deden het goed de afgelopen week. De stukken afhankelijk van grondstoffen en de verwerkende industrie lieten het daarentegen afweten. Het beeld was vergelijkbaar in USD, waar opmerkelijk de Zuid-Amerikaanse soevereine emittenten heel wat terrein herwonnen. Op de primaire markt was het bijzonder rustig na de hectische week voordien. Bedrijven brengen nog snel heel wat leningen uit, hoofdzakelijk in USD. Voor de particuliere belegger was er alweer weinig voorhanden. Grenke (BBB+), de Duitse leasingmaatschappij, biedt 1,35 % meer dan het marktgemiddelde met zijn lening op 4,4 jaar in EUR. De opbrengst is niet bepaald gul te noemen, toch is de lening goed onthaald en ze wisselt al 0,5 % boven zijn intekenprijs van eigenaar op de grijze markt. De Wereldbank (AAA, supranationaal) brengt een lening uit waarvan de terugbetalingsprijs geïndexeerd is op een groene index. Volgens de publiciteit wordt de opbrengst van de lening gebruikt om groene energieprojecten te financieren. De Wereldbank wil echter niet meer dan 150 miljoen USD ophalen, wat uiterst kleinschalig is. De indexatie is bovendien ingewikkeld en weinig doorzichtig, wat maakt dat de lening moeilijk verhandelbaar zal zijn. Een typisch product om de gemoederen te sussen in het kader van de klimaattop.OP DE PRIMAIRE MARKT WAS HET BIJZONDER RUSTIG NA DE HECTISCHE WEEK VOORDIEN.