Startschot voor uitverkoop
...

Startschot voor uitverkoopMinister van Justitie Stefaan de Clerck (CVP) werkt aan een wetsontwerp dat de macht van de referentie-aandeelhouder ernstig zal beperken. Ook minister van Economie Elio Di Rupo (PS) doet voorstellen in die richting. Het ontwerp wil via de aanpassing van de vennootschapswetgeving de mogelijkheid creëren van een autonome naamloze vennootschap, naar het model van de Britse public limited companies (plc's). De macht van de meerherheidsaandeelhouder wordt via dit statuut sterk beperkt, eventueel dit staat nog ter discussie via een maximumpercentage aan stemrechten waarover hij beschikt. De regering hoopt via dit statuut onze ondernemingen te laten besturen via een meer Angelsaksisch gerichte corporate governance. De autonome vennootschap zal geleid worden in het belang van álle aandeelhouders, los van het machtsspel van holdings à la Groep Brussel Lambert of Generale Maatschappij/Suez. Maar Albert Frère bijt van zich af. Verleden week noemde hij zo'n autonoom statuut een "onteigening". Deze stelling gaat niet op. Niemand wordt immers verplicht zo'n autonome structuur in de vennootschapsstatuten in te schrijven. Het is een optie. "Het hoeft echter geen betoog dat zo'n statuut voor beursgenoteerde ondernemingen een sterke troef wordt," aldus één van de medewerkers aan het wetsontwerp. "Het wordt een soort quality label, dat institutionele beleggers minder argwanend zal maken om te investeren in Belgische ondernemingen." De keerzijde van de medaile : beursgenoteerde ondernemingen die niet over zo'n label beschikken, dreigen gecatalogiseerd te worden als nv's oude stijl, die het om die reden moeilijk zullen hebben om extern kapitaal aan te trekken. Vooral het imperium rond Albert Frère zal na de invoering van zo'n statuut aan geloofwaardigheid verliezen. Zijn "truc" bestaat er immers in via een cascadestructuur steeds iets meer dan 50 % te nemen in een resem ondernemingen. Zo controleert de Waalse zakenman Electrafina via opeenvolgende participaties in Frère-Bourgeois, Erbe, Fibelpar, NPM, Parjointco, Pargesa en GBL. Met andere woorden : juridisch gezien wordt Electrafina voor 9 % aandeelhouder van Suez, moederholding van de Generale Maatschappij gecontroleerd door Frère-Bourgeois, maar uiteindelijk is het financiële belang van Frère in Electrafina kleiner dan één procent. Er is dus geen sprake van een economische "onteigening", alleen van een klare controlestructuur. Het dreigement van GBL-ondervoorzitter graaf de Launoit om de belangen van de holding in België te "expatriëren" is eveneens een slag in het water. Frère is immers medeverantwoordelijk voor de destabilisering van de grootste privé-werkgever ( Electrabel/Tractebel, uitgeleverd aan Suez/Lyonnaise des Eaux), de tweede verzekeringsmaatschappij ( Royale Belge, verkocht aan UAP) en de tweede bank van België ( Bank Brussel Lambert, ook te koop). Als de zakenman wil verkopen, doet hij dat zonder scrupules, zoals hij al voldoende bewees. Enkele weken geleden (zie Trends, 15 mei 1997, blz. 36) voorspelde een anonieme topman van de Generale Maatschappij in dit blad dat Albert Frère de discussie rond corporate governance zou aangrijpen als een alibi om een uitverkoop te houden bij de Generale, waar hij een belangrijke aandeelhouder is. Het startschot van de operatie werd verleden week gegeven. ALBERT FRERE (GBL) EN ETIENNE DAVIGNON (GENERALE) GBL dreigt met expatriëring van Belgische belangen. Uitverkoop bij de Generale ?