Met zijn ruim 370 vierkante meter biedt de Air Force One ruimte aan een conferentiezaal, een keuken met een capaciteit van honderd diners en een ziekenhuiskamer. Ook de twee nieuwe 747-8-jumbojets die hem moeten opvolgen, zijn geen gewone vliegtuigen. De Amerikaanse regering kwam met de vliegtuigbouwer een kostprijs van bijna 4 miljard dollar overeen. Maar het ziet ernaar uit dat de Amerikaanse president het nog even met zijn dertig jaar oude exemplaar moet stellen. De nieuwe vliegtuigen zullen te laat worden geleverd en veel te duur zijn. Dat is vooral vervelend...

Met zijn ruim 370 vierkante meter biedt de Air Force One ruimte aan een conferentiezaal, een keuken met een capaciteit van honderd diners en een ziekenhuiskamer. Ook de twee nieuwe 747-8-jumbojets die hem moeten opvolgen, zijn geen gewone vliegtuigen. De Amerikaanse regering kwam met de vliegtuigbouwer een kostprijs van bijna 4 miljard dollar overeen. Maar het ziet ernaar uit dat de Amerikaanse president het nog even met zijn dertig jaar oude exemplaar moet stellen. De nieuwe vliegtuigen zullen te laat worden geleverd en veel te duur zijn. Dat is vooral vervelend voor de fabrikant. Volgens het onder president Donald Trump overeengekomen contract zijn alle extra kosten voor rekening van de verkoper. Eind 2016, nog voor hij president werd, trok Trump aan de alarmbel: "Boeing bouwt een gloednieuwe 747 Air Force One, maar de kosten lopen uit de hand. Annuleer de bestelling! We willen dat Boeing veel geld verdient, maar niet zoveel geld." Boeing-CEO Dennis Muilenburg beloofde het voor minder te doen. In werkelijkheid veranderde weinig. Begin 2018 gunde de regering-Trump Boeing het contract voor de twee Jumbo's voor 3,9 miljard dollar, nauwelijks minder dan de eerder bekritiseerde 4 miljard dollar. Dat een vaste prijs werd overeengekomen, is niet ongebruikelijk, zegt analist Richard Aboulafia. Het ging niet om de ontwikkeling van een technologisch nieuw gevechtsvliegtuig, maar om een betrekkelijk eenvoudig project. Aboulafia acht de overeengekomen prijs redelijk. De leverancier ziet dat anders. Het contract brengt "een unieke reeks risico's, die Boeing waarschijnlijk niet had moeten nemen" mee, klaagde CEO David Calhoun in het voorjaar. Dat het al bijna 2 miljard dollar verliest op het contract, is volgens Boeing te wijten aan factoren die het niet in de hand heeft: de inflatie, leveringsproblemen, technische uitdagingen en een tekort aan werknemers. Een slap excuus, zegt Aboulafia. Volgens hem moet het Boeing-management de schuld zoeken in "zijn eigen incompetentie". De vliegtuigbouwer heeft drie problemen, stelt hij. Ten eerste behandelt Boeing zijn leveranciers als "vijanden". Ten tweede bereikt slecht nieuws de top niet. Ten derde zoekt het verlieslatende Boeing zijn heil in besparingen en bereikt daarmee het tegenovergestelde van wat het wil. Boeing vindt wel dat het op de goede weg is. Volgens The Wall Street Journal hoopt de vliegtuigbouwer dat de Amerikaanse regering nog eens 500 miljoen dollar inbrengt. Die heeft er belang bij dat de bouw doorgaat. Het onderhoud van de oude toestellen kost miljoenen. Ondertussen heeft Joe Biden een optie van zijn voorganger ongedaan gemaakt. Trump wilde de blauwe streep van de Air Force One vervangen door een donkerblauwe buik met rode en witte bies. Dat zou opvallend veel lijken op Trumps privéjet. "Te duur", besloot het Witte Huis. Het schrapte het plan.