Tien bedrijven uit de horecasector hebben een eigen vereniging opgericht ( Bemora, Belgian Modern Restaurants Association). Het gaat om bekende namen als AC Restaurants, Carestel, Colmar, Lunch Garden, McDonald's, Pizza Hut, Quick. De oprichting van Bemora is het rechtstreekse gevolg van de onvrede bij de tien bedrijven met de collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) die de horecawerkgevers en de vakbonden hebben gesloten. Vooral de loonsverhoging met 10% tot 12% ligt zwaar op de maag (de interprofessionele loonnorm adviseert 7%).
...

Tien bedrijven uit de horecasector hebben een eigen vereniging opgericht ( Bemora, Belgian Modern Restaurants Association). Het gaat om bekende namen als AC Restaurants, Carestel, Colmar, Lunch Garden, McDonald's, Pizza Hut, Quick. De oprichting van Bemora is het rechtstreekse gevolg van de onvrede bij de tien bedrijven met de collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) die de horecawerkgevers en de vakbonden hebben gesloten. Vooral de loonsverhoging met 10% tot 12% ligt zwaar op de maag (de interprofessionele loonnorm adviseert 7%). Deze afsplitsing middenin de onderhandelingen is een primeur voor België en zou wel eens de voorbode kunnen zijn van gewijzigde sociale verhoudingen.Het is ten eerste ongebruikelijk dat een akkoord via juridische weg wordt gecontesteerd. Het bereikte akkoord moest op 21 mei in het paritair comité worden ondertekend. Maar Bemora spande daartegen een kort geding aan. Het leek erop dat de ondertekening zou worden uitgesteld, maar onder druk van vakbondsacties trok Bemora zijn kort geding in.De vakbonden waren ziedend. Ze pikten het niet dat werkgevers de rechtbank wilden inschakelen om in de plaats van het sociaal overleg te treden. Ze weten ook dat dit geen alleenstaand feit is en dat de actie past in een tendens om de rechtbank te laten arbitreren in sociale zaken. Uiteraard is dit een aantasting van de macht van de vakbonden. En trouwens ook van de werkgeversverenigingen.Hoe komt dit? Individuele bedrijven zijn veel autonomer geworden. En stellen veel sneller dan vroeger de representativiteit van hun vertegenwoordigers in vraag wanneer ze vinden dat hun individuele belangen worden geschaad. Dat geldt zeker voor een disparate club als de horecawerkgevers, maar het geldt ook voor grote en stabiele verenigingen als het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO), waar de besluitvorming van de raad van bestuur er de jongste jaren zeker niet makkelijker op is geworden. Voor de vakbonden loert er echter nog een tweede gevaar achter de hoek. Daarvoor moeten we even over de grens kijken bij onze noorderburen. Daar hebben dissidente werkgevers inmiddels een tegenspeler aan vakbondszijde gevonden. De LBV is een jonge onafhankelijke organisatie die CAO's afsluit met werkgevers die niet langer tevreden zijn met het carcan van overkoepelende sector-CAO's (zie Trends, 11 januari 2001, blz. 36). In Nederland wordt dit de sociale Antillenroute genoemd. De werkgevers van de tankstations bijvoorbeeld waren niet tevreden met de CAO die in de sector Klein Metaal werd gesloten. Die voorzag in een toeslag van 35% voor weekendwerkers (die bij de tankstations veel talrijker zijn dan in de rest van de sector). En dus sloot de LBV een CAO met de werkgevers van de tankstations met daarin een lagere weekendtoeslag.In België zijn we zover nog niet. Indien Bemora een andere CAO wil sluiten, zal het geconfronteerd worden met dezelfde vakbonden die de huidige CAO hebben gesloten. En is de kans dus klein dat er veel meer uit de brand zal worden gesleept. Vandaar dat Bemora wijselijk zijn kort geding heeft ingetrokken. Maar misschien levert de toekomst in België ook een LBV op. Dan wordt het pas echt boeiend, want dan gaan de vakbondsburchten wankelen. En begrijpt u nog beter waarom de vakbonden zo ziedend zijn over het initiatief van Bemora.Guido Muelenaer