Een arbeider staat aan zijn werkstation. Die scène kon je ook honderd jaar geleden al aantreffen in een fabriek. Tot de sensor in gang schiet en er aanwijzingen verschijnen op de werkbank. Als een schroef aangedraaid moet worden, licht die op en aanwijzingen zoals 'neem typeplaat en scan' verschijnen op de werkbank. Dit systeem is gemaakt door Arkite, een start-up uit Limburg. Het draagt bij aan de automatisering en digitalisering van onze industrie. Voor zulke technologie doen veel dure woorden de ronde: 'advanced manufacturing', 'hightech manufacturing' of 'industrie 4.0'. Allemaal verwijzen ze naar het gebruik van de nieuwste technologie om onze maakindustrie - de industriële productie van fabrieksgoederen - te verbeteren. Dat is cruciaal, want de industrie is nog altijd de basis van onze economie.
...

Een arbeider staat aan zijn werkstation. Die scène kon je ook honderd jaar geleden al aantreffen in een fabriek. Tot de sensor in gang schiet en er aanwijzingen verschijnen op de werkbank. Als een schroef aangedraaid moet worden, licht die op en aanwijzingen zoals 'neem typeplaat en scan' verschijnen op de werkbank. Dit systeem is gemaakt door Arkite, een start-up uit Limburg. Het draagt bij aan de automatisering en digitalisering van onze industrie. Voor zulke technologie doen veel dure woorden de ronde: 'advanced manufacturing', 'hightech manufacturing' of 'industrie 4.0'. Allemaal verwijzen ze naar het gebruik van de nieuwste technologie om onze maakindustrie - de industriële productie van fabrieksgoederen - te verbeteren. Dat is cruciaal, want de industrie is nog altijd de basis van onze economie. "Een maakindustrie is belangrijk voor ons economisch weefsel", zegt Walter Auwers, businessunitmanager advanced manufacturing bij het kenniscentrum Sirris. "Een diensteneconomie is enkel duurzaam als we er ook een productieapparaat aan koppelen. Daarnaast steunt de Belgische export in grote mate op de industrie. Die is dus enorm belangrijk voor onze welvaart. We hebben hoge lonen in België, en we moeten concurreren met andere landen. Als we competitief willen blijven, vereist dat een performant productieapparaat met een hoge efficiëntie, een korte doorlooptijd en een hoge kwaliteit. Je kunt niet zomaar produceren zoals we dat twintig of dertig jaar geleden deden, want dan zal er ergens ter wereld wel een goedkopere concurrent zijn." Industrie 4.0 is een breed begrip, zegt Auwers. "Het gaat over hoe we met technologie productieprocessen vernieuwen." Sirris werkt aan drie programma's in dat domein. "Ten eerste is 3D-printen, ten tweede onderzoeken we de digitalisering van de productie, en ten derde ondersteunen we de precisieproductie." BMT Aerospace in Oostkamp brengt dat in de praktijk door hoogtechnologische vliegtuigonderdelen te bouwen. "Als je op een vliegtuig stapt, heb je 50 procent kans dat er een onderdeel van BMT Aerospace in de vleugel of de motor zit", vertelt Benoit Reynders, de CEO van BMT Aerospace, dat deel uitmaakt van de BMT Group. "In België maken we tandwielen voor de vleugels. Als je opstijgt en landt met een vliegtuig, zie je bijvoorbeeld elementen vooraan bewegen. Daar maken wij onderdelen voor, en dat doen we bijvoorbeeld voor alle toestellen van Airbus." Tegelijk baat BMT Aerospace een Roemeense en Amerikaanse fabriek uit, waar het onderdelen voor vliegtuigmotoren en helikopters bouwt. Het bedient met die fabrieken heel wat grote klanten, van Rolls Royce tot Safran. De onderdelen van BMT Aerospace vind je terug in de Amerikaanse Black Hawk- helikopters en de F35-jachtvliegtuigen die het Belgische leger onlangs aankocht. Het succes heeft veel te maken met automatisering en hoogtechnologische productie, vertelt Reynders: "De arbeidskosten zijn nu eenmaal hoog in België. Daarom is investeren en automatiseren erg belangrijk. Onze tandwielen zijn een erg complex product. Als ze falen, kan dat leiden tot een crash. De productietijd is soms zeven maanden voor één tandwiel, en het productieprocess omvat ruim veertig stappen. Investeren in technologie is dus de belangrijkste drijfveer voor ons bedrijf." Dat doet de Oostkampse onderneming bijvoorbeeld door te investeren in nieuwe apparatuur. "Sommige operaties gebeurden vroeger in twee of drie stappen, terwijl ze nu in één stap gebeuren. Dat doen we met nieuwe machines of door processen te verbinden met een robotarm", stelt de CEO, die ook het belang van digitalisering aanstipt. "Data stellen ons in staat onze processen en productiesystemen beter te begrijpen. We zetten daarom zwaar in op dataverzameling, het verbinden van machines met netwerken en data-analyse." Ondertussen plukt BMT Aerospace de vruchten van die investeringen. Wereldwijd haalt het een omzet van 95 miljoen euro, waarvan ongeveer 35 miljoen in België. Van de 650 werknemers werkt maar een zeventigtal in België, waardoor de Belgische fabriek enorm productief is. "Voor de omzet die we hier halen, is het aantal mensen vrij beperkt. Dat komt door onze hoge investeringen in automatisering en technologie." Een andere technologie in industrie 4.0 is 3D-printen. Met 3D-printers kun je met een poeder, plastic of andere substantie laagje voor laagje objecten in drie dimensies printen. Die technologie maakt de productie beter en efficiënter. Dat doet bijvoorbeeld Luxexcel, een Nederlands-Belgisch bedrijf dat lenzen 3D-print. "Met onze technologie kun je voor het eerst lenzen in één keer printen", stelt CEO Fabio Esposito. Lenzen maken is nu nog complex en niet flexibel. Met traditionele methoden kost het zo'n 30 stappen om één lens te maken, met ons proces is dat er maar één. Daarnaast geven we de producenten flexibiliteit. Het huidige proces is zo rigide, dat de productie maar moeizaam kan worden gepersonaliseerd." Met dat soort technieken helpt Luxexcel andere bedrijven om bijvoorbeeld brillenzen te maken. Het bedrijf kijkt ook naar nieuwe markten, zoals die voor brillen voor virtuele of toegevoegde realiteit. Virtuele realiteit is een interactief computersysteem dat de werkelijkheid simuleert, terwijl toegevoegde realiteit - augmented reality (AR) in het Engels - inhoudt dat een foto of beeld tot leven komt door er technologie aan toe te voegen. "Onze klanten gaan van traditionele lenzenfabrikanten tot de wie-is-wie van de technologiewereld. 60 procent van de wereldbevolking heeft ooit in zijn leven wel een lens nodig, en er komen steeds meer technologische toepassingen. Onze markt is dus enorm." Het bedrijf ontstond in 2009 in Nederland en groeide snel. Het heeft kantoren in Eindhoven, Turnhout en de Verenigde Staten, en stelt het ongeveer veertig personen te werk, van wie de meeste in België en Nederland. Het haalde meer dan 20 miljoen euro kapitaal op. "3D-printen begon als een tool om prototypes te maken", zegt Esposito. "Je kon er snel testversies van producten mee maken. Zo begon ook Luxexcel, maar nu wordt de technologie goed genoeg om er echt mee te produceren. We printen nu als enige bedrijf lenzen in productieomgevingen." Nieuwe technologie hoeft mensen trouwens niet te vervangen, maar helpt arbeiders ook om hun werk efficiënter te doen. "We maken een product dat operatoren begeleidt bij hun werk", vertelt Johan Smeyers, de CEO en oprichter van Arkite. "We helpen hen bij het uitvoeren van standaardprocedures, zoals het assembleren van een product. Zo bieden we een projectiesysteem aan dat toont waar een operator een actie moet uitvoeren. Daarnaast bieden we ook een 3D-sensor aan die de handelingen van de operator volgt. Als die persoon een fout maakt, geven we een melding." Smeyers noemt dat een AR-systeem, maar in plaats van arbeiders een bril te geven die ze de hele dag moeten dragen, projecteert het systeem de aanwijzingen in de werkplaats. Dat werkt een beetje zoals een film op een muur projecteren, met dat verschil dat de aanwijzingen op een lopende band of een werktafel worden getoond. Dat heeft heel wat voordelen. "We waarborgen de kwaliteit, want we verminderen het aantal menselijke fouten. We zorgen ook voor meer efficiëntie. Een operator hoeft geen stappen meer op te zoeken tijdens het proces. Daarnaast kan een fabriek snel nieuwe producten produceren, want de arbeiders hebben minder opleiding nodig", vertelt Smeyers. Die werkwijze heeft het ook voordelen voor de mensen. "Operatoren hebben vaak minder stress. Je kan werken met minder gekwalificeerd personeel. Ten slotte kan je de werknemers meer gevarieerde taken geven, want je hoeft hen niet steeds opnieuw op te leiden." Met die technologie groeit Arkite pijlsnel. Vanuit zijn kantoor in Genk stelt het bedrijf ongeveer twintig mensen te werk en haalde het 3,1 miljoen euro aan kapitaal op. De snelle groei leverde een plek op in de Deloitte Fast 50, een lijst van snelgroeiende techbedrijven. Grote bedrijven, van Barco tot Atlas Copco, werken met Arkite samen. Het Limburgse techbedrijf breidt zich ook snel uit in Europa en Azië. Voor Smeyers is het geen probleem om een start-up te runnen in een sector zoals de industrie. "Onze Belgische maakindustrie doet het technologisch niet slecht", stelt hij. "Om als West-Europees maakbedrijf te overleven moet je de beste van de klas zijn. De kosten liggen erg hoog en onze werknemers zijn bij de duurste in Europa. Dan kan je niet anders dan efficiënter te werken en in technologie te investeren." Een hoogtechnologische industrie heeft dus nog een plek in België, ondanks de concurrentie met de lagelonenlanden. "Er is een groep van bedrijven die een superperformant productieapparaat uitbouwen", zegt Auwers. "We zien dat zij sterk groeien en dat hun personeel toeneemt, hoewel ze ook automatiseren. Als je investeert, heb je een toekomst." Dat leidt zelfs tot reshoring, het terugbrengen van productie uit de lagelonenlanden. "Dat zal Ford Genk niet terughalen", zegt Auwers. "Maar er zal wel productie en dus werkgelegenheid terugkomen." Iets wat BMT Aerospace al ziet. "In België hebben we een sterke ruimtevaartsector, doordat een aantal bedrijven bleef investeren", zegt Reynders. "Voor ons was het belangrijk dat we een lagekostenbedrijf hadden in Roemenië, en elk van onze entiteiten blijft deel uitmaken van onze strategie. Ik geloof niet dat lage kosten de toekomst zijn. In het verleden was dat tot op zekere hoogte belangrijk, maar dat zal niet zo blijven. De loonkosten stijgen in die landen ook, en we onderscheiden ons van andere bedrijven met technologie." Dat impliceert wel dat bedrijven blijven investeren. "We mogen niet op onze lauweren rusten", besluit Auwers. "De productie-efficiëntie mag dan erg hoog liggen in België vergeleken met de rest van de wereld, maar we moeten blijven investeren om onze industrie te behouden."