De eerste kruistocht

De Londense historicus Thomas Asbridge schreef een magistraal boek over de eerste kruistocht (1096-1099), de gruwelijke veldtocht die aan de basis ligt van het conflict tussen de islam en het christendom. Niets ontsnapt aan de aandacht van de nijvere Britse professor: hij zet de motieven op een rij (religieus fanatisme én landgewin), beschrijft alle deelnemers (adel, maar ook armen, zelfs vrouwen en kinderen) en licht de chaos toe (er was niet eens een echt opperbevel). Als een permanente plundertocht van tienduizenden fanatici, die onderweg niet terugdeinsden voor pogroms tegen joden - zo beschrijft Asbridge de kille feiten. Ondertussen kan de lezer ook de link leggen naar actuele ontwikkelingen.
...

De Londense historicus Thomas Asbridge schreef een magistraal boek over de eerste kruistocht (1096-1099), de gruwelijke veldtocht die aan de basis ligt van het conflict tussen de islam en het christendom. Niets ontsnapt aan de aandacht van de nijvere Britse professor: hij zet de motieven op een rij (religieus fanatisme én landgewin), beschrijft alle deelnemers (adel, maar ook armen, zelfs vrouwen en kinderen) en licht de chaos toe (er was niet eens een echt opperbevel). Als een permanente plundertocht van tienduizenden fanatici, die onderweg niet terugdeinsden voor pogroms tegen joden - zo beschrijft Asbridge de kille feiten. Ondertussen kan de lezer ook de link leggen naar actuele ontwikkelingen. Athenaeum/P&VG, 384 blz., 24,95 euro. Al doet de titel denken aan nog een boek over de kruistochten, de Brit Fergus Fleming volgt het ondoorgrondelijke leven van twee Franse avonturiers die in de negentiende eeuw de Sahara verkenden als voorbereiding voor grootse Franse koloniale voornemens. Foucault was een onverbeterlijke charlatan en rokkenjager, die na een abrupte Paulusbekering eindigde als woestijnkluizenaar. De militair Laperinne bleef verwoed de grootste plannen maken om Frankrijk de Sahara te bezorgen. Bizarre personages, heerlijk boek. Atlas, 367 blz., 19,90 euro. Van dezelfde Fergus Fleming verscheen ook een al even fascinerende historische documentaire over de zoektocht naar de noordpool. Naast het prachtig beschreven ijslandschap, valt ook dit boek op door de pittige portrettering van fervente avonturiers en hun vaak suïcidale ontdekkingsreizen in de bevroren woestenij. Van dergelijke weergaloze boeken kunnen er nooit voldoende geschreven worden. Atlas, 495 blz., 19,90 euro. In 1626 kocht Peter Minuit Manhattan voor 24 dollar. Prompt kwamen ook de oesterbanken bij Ellis Island in Nederlandse handen. De enorme hoeveelheden oesters in de Hudson deed New York groeien en bloeien. Eeuwenlang waren oesters immers een goedkope voedselbron voor de armen, ze werden massaal verkocht en getransporteerd. Mark Kurlansky doet het alweer: via de evolutie van een voedingsproduct vertelt hij op een verrassende manier de geschiedenis van een stad, regio of zelfs hele continenten. Dat deed hij eerder al met De kabeljauw (nu verschenen in midprice editie voor 15 euro) en Zout. Vanuit een originele invalshoek en met stilistische brille doet hij zijn eigengereide onderzoeksjournalistiek uitmonden in zalig weglezende boeken. Ondertussen serveert hij evengoed de gedetailleerde sociale, economische en politieke geschiedenis. Anthos, 271 blz., 22,95 euro. Tijd voor een boek dat we wat worstelend, weifelend, tegenstribbelend in onze lijst van aanraders opgenomen hebben. Bij vlagen is dit reisverslag van de Londense Helena Drysdale boeiend en leerzaam, maar geregeld zakt het boek weg in weinig nauwkeurige en veel te vlugge reportages. Nochtans is het opzet meesterlijk: Drysdale reist met haar jong gezin dwars door Europa, op zoek naar de situatie en de overlevingskans van een rist kleine talen. Zo komt het gezin ook in Vlaanderen terecht, maar dat verslag valt bitter tegen. Ze heeft het over moules et frites in Leuven, spreekt er met professor Guido Latre (wat Latré moet zijn) over de communautaire kwesties, maar veel wijzer wordt geen lezer daarvan. Waarom ze uitgerekend Latré als deskundige interpelleert, is ook al zoiets duisters. Ze wil iets over Vlaanderen zeggen en neemt zelfs nog een Franstalige UCL-prof onder de arm. Atlas, 414 blz., 24,90 euro. Van potverterende playboy en uitverkoren opvolger van de stijfconservatieve dictator Franco tot gewiekste politieke strateeg en gangmaker van de democratie in Spanje - die onwaarschijnlijke ontplooiing is grandioos gereconstrueerd door de Britse historicus Paul Preston. De hoogleraar aan de London School of Economics vertelt even minutieus als kleurrijk hoe de Spaanse koning Juan Carlos (1938) door Franco klaargestoomd werd om de fakkel over te nemen. Maar na de dood van de dictator in 1975 ontpopte de bon-vivant zich tot een diplomaat die de groteske, putschgeile Spaanse generaals kon terugfluiten en de weg naar de democratie wist te plaveien. Atlas, 536 blz., 34,90 euro. Zeventig jaar geleden barstte de Spaanse Burgeroorlog los. Van over zowat de hele wereld zakten socialisten en communisten naar Spanje af om er de wapens op te nemen tegen de troepen van Franco. Ze verloren zich echter in een moordende onderlinge strijd, waardoor Franco die talloze rebellen uiteindelijk de baas kon. Tegen die tijd was er verschrikkelijk veel bloed gevloeid. Op basis van heel wat nieuw archiefmateriaal (onder meer uit Rusland) heeft de Britse militair-historicus Antony Beevor het verloop van de burgeroorlog indringend naverteld. Een kolossaal boek, een magnifieke prestatie. Anthos, 524 blz., 24,95 euro. Onmiskenbaar groeit Lyn Macdonald uit tot dé chroniqueur van de Eerste Wereldoorlog. Eerder waren er onder meer al boeken over het begin van de oorlog, over de verschrikkingen aan de Somme in 1916 en over de wreedheid in Passendale in 1917. Nu voegt ze er een vuistdik relaas aan toe over 1915. De hoop op een snelle doorbraak heeft plaats geruimd voor een uitzichtloze ellende. "De lezer wordt door de modder en het bloed van het Vlaamse moeras gesleurd, om happend naar adem achter te blijven," schreef The Times. Laten we dat gewoon volmondig bevestigen. Anthos/Manteau, 643 blz., 34,95 euro. Het toneelwerk van William Shakespeare (1564-1616) moet al menig ambitieus schrijver hoorndol gemaakt hebben. Zijn protagonisten weerspiegelen alle hoekige, tegenstrijdige en weerbarstige karaktertrekken van interessante tastbare mensen, terwijl ze tegelijk duidelijke, vleesgeworden symbolen en metaforen zijn. Ze bevolken drama's die bol staan van de betekenissen en verwijzingen. Ze spreken een taal waarin elk woord even rijk als raak klinkt. De doorgewinterde Londense auteur Peter Ackroyd munt in zijn biografie over de bard uit in de beschrijving van Shakespeares leefwereld en zijn tijd. Sporadisch poetst hij ook het portret van Shakespeare zelf vakkundig op, maar echt karakteriseren, laat staan doorgronden, laat de grootmeester zich ook nu moeilijk. De schim blijft, maar treedt deze keer wel op in een fraai gebeiteld en vaardig tot leven gewekt epoquebeeld. Meulenhoff, 550 blz., 35 euro. Niet bepaald schrander, bangig en vooral zo vaal als een woelmuis die perfect verdwijnt in de fond van het landschap - zo zet Rudolf Lorenzen (1922) zijn antiheld Robert Mohwinkel neer. Door zich zo onopvallend mogelijk te maken en braaf en beaat met de stroom mee te roeien, spartelt hij door de nazigruwelen. Zijn morele apathie en laf opportunisme komen hem van pas tijdens het naoorlogse Wirtschaftswunder, waar de bange blanke Duitser het alsnog schopt tot gehaaide ondernemer. De roman verscheen al in 1959, werd pas onlangs in Duitsland herontdekt en is nu ook in het Nederlands vertaald. Een even scherpzinnige als venijnige doorlichting van de Duitse alleman, gepresenteerd in een no-nonsensestijl. Het leven in het Duitsland van vorige eeuw - onopgesmukt, zonder tierlantijnen en dus pijnlijk scherp. Arbeiderspers, 507 blz., 34,95 euro. De titel laat een mild zomers verhaal vermoeden, propvol taferelen in een zongerijpt, met schonkige oude kurkeiken dooraderd dorp in het schroeierige zuiden van Portugal. Het enige wat die suggestie tempert, is de naam van de auteur, Monica Ali, de Bengaals-Britse schijfster die in 2003 zowel het publiek als menig recensent verblijdde met Brick Lane. Die debuutroman volgt een Bengaals meisje dat uitgehuwelijkt wordt en naar Londen moet verhuizen. In Het blauw van Alentejo gaat Monica Ali (1967) een volkomen andere toer op. Ze rijgt een paternoster van verhalen en personages aaneen. Alles speelt zich af in een Zuid-Portugees dorp. Maar het zijn geen bekoorlijke of suikerzoete verhalen. Of het nu gaat om de autochtone Portugezen of de ingeweken Britten, de personages struikelen totaal ontgoocheld door het leven. Die verhalenmozaïek is best wel boeiend, maar we hadden de vertelling toch liever geserveerd gekregen met wat meer kleur, pit en zwier. Prometheus, 253 blz., 19,95 euro. De Amerikaanse globetrotter Paul Theroux (1941) pakt de zaken steevast groots aan. Zowel zijn reisboeken (waarmee hij nog altijd de meeste faam geniet) als zijn romans zijn gedurfd, hebben een stevig doordachte structuur en dito leidmotief. In deze lijvige roman zoekt zijn schrijvende hoofdpersonage inspiratie bij een hallucinogene drug, die hij vindt in de jungle van Ecuador. De drug levert hem niet alleen een megaseller op, hij houdt er nu ook een druk seksleven op na. Toch is er een verschrikkelijke bijwerking: de drug die inzicht brengt, maakt blind. Tijdelijk blind, hoopt de schrijver. Sporadisch had Theroux beter wat geschrapt, maar al bij al maakt hij van deze eigengereide versie van de Faustlegende (schrijver verkoopt zijn ziel aan de duivelse drug, maar tot welke prijs?) een appetijtelijke roman. Atlas, 507 blz., 24,90 euro. De kranige Mario Vargas Llosa (1936), die na zijn mislukte politieke avonturen in Peru al lang in Spanje woont, brengt nog altijd literatuur die als vanouds gestut wordt door vertelling en verbeelding. Af en toe, soms met jaren tussenin, doemt dezelfde femme fatale op bij een Peruviaanse tolk, die bij de Unesco in Parijs werkt. Steeds weer is hij reddeloos verloren als hij haar ziet, steeds weer verdwijnt ze, hem ontredderd achterlatend. Steeds in andere gedaanten verschijnt ze, nu eens als echtgenote van een Franse diplomaat, dan weer als vrouw van een gefortuneerde Engelse renpaardenfokker of als minnares van een masochistische Japanse onderwereldfiguur. Ondertussen verstrijken de decennia, wat Vargas Llosa de gelegenheid biedt om enkele turbulente momenten en markante maatschappelijke veranderingen uit de jongste halve eeuw de revue te laten passeren. Meulenhoff, 334 blz., 19,95 euro. Luc De Decker