Stéphane Verbeeck werd vorig jaar voorzitter van de Beroepsvereniging van de Vastgoedsector (BVS). "Dat is de spreekbuis van de brede vastgoedsector, met uitzondering van de aannemerS, want die hebben hun eigen belangenvereniging", legt hij uit. "Onze CEO neemt de dagelijkse leiding op zich. Als voorzitter heb ik een rol bij contacten met de overheden en ik vertegenwoordig de organisatie bij de ceremoniële gelegenheden."
...

Stéphane Verbeeck werd vorig jaar voorzitter van de Beroepsvereniging van de Vastgoedsector (BVS). "Dat is de spreekbuis van de brede vastgoedsector, met uitzondering van de aannemerS, want die hebben hun eigen belangenvereniging", legt hij uit. "Onze CEO neemt de dagelijkse leiding op zich. Als voorzitter heb ik een rol bij contacten met de overheden en ik vertegenwoordig de organisatie bij de ceremoniële gelegenheden." 2020 was een jaar zonder events, beurzen en recepties. Is dat niet lastig voor een sector die sterk afhankelijk is van netwerking? STÉPHANE VERBEECK. "Ja, toch wel. We hebben wel enkele digitale seminars georganiseerd. Dat was een interessant en succesvol alternatief, maar natuurlijk is dat niet hetzelfde als een vastgoedbeurs of een seminar. We hopen in 2021 opnieuw met onze netwerkactiviteiten te kunnen starten. Kunnen verkopen is echter nog belangrijker dan kunnen netwerken. En op dat gebied is 2020 een jaar met ups en downs geweest. Tijdens de eerste lockdown waren bezoeken niet toegelaten, waardoor de verkoopactiviteit kelderde. De zomermaanden waren dan weer zeer goed. Tijdens de tweede lockdown zijn we achter de schermen heel actief geweest om bezoeken met de nodige veiligheidsmaatregelen toch toe te laten. 2020 was dus een kabbeljaar, maar geen verloren jaar." U hebt vorig jaar uw belangrijkste vastgoedactiviteit verkocht. Dreigt u zo niet de voeling met de sector te verliezen? VERBEECK. "Ik heb Gands, dat actief is in residentiële nieuwbouw, verkocht. Maar ik heb nog vastgoedactiviteiten. Met Redet doe ik kantoorontwikkelingen. Ik ben ook aandeelhouder van 22 Invest, een bedrijf dat zich toespitst op renovaties. En we werken ook verder aan Yust, een cohousingconcept. Bij Yust kunnen mensen voor een heel korte termijn een woonunit huren terwijl ze ook toegang krijgen tot diensten en faciliteiten. Dat is een succes en het bleek ook coronaproof te zijn. Onze cashflow is altijd positief gebleven. Alleen jammer dat de banken dat niet volgen. Daardoor verloopt de uitbreiding wat langzamer dan gehoopt. Onze vestiging in Luik, een gebouw van 21 miljoen euro, hebben we volledig met eigen middelen moeten financieren." Wat staat er op het prioriteitenlijstje van de BVS voor 2021? VERBEECK. "Het instrumentendecreet, de regelgevende tools waarmee de bouwshift gerealiseerd moet worden. In 2020 hebben we daar al heel hard op gewerkt. Initieel zag het er helemaal niet goed uit. Maar dankzij onze ondersteuning en een goede samenwerking met de overheid gaat het nu de goede richting uit. Het komt er nu op aan om dit dossier in de loop van 2021 tot een goed einde te brengen." Wordt 2021 nog een moeilijk jaar voor de vastgoedsector? VERBEECK. "Voor het residentieel vastgoed ben ik optimistisch. De rente blijft laag, mensen zullen op zoek gaan naar andere producten - misschien iets minder stedelijk gelegen - en op de investeringsmarkt zijn er ook weinig alternatieven voor vastgoed. Voor de logistieke markt ziet het er nog heel goed uit. Het enige probleem in het sterk verstedelijkte België is gronden vinden waar je nog grote logistieke projecten mag bouwen. Maar als je ze kunt realiseren, dan verkopen ze als zoete broodjes. De situatie voor het winkelvastgoed was al dramatisch en de coronacrisis heeft de situatie nog verergerd. Volgens mij zal 15 à 25 procent van de markt verdwijnen. Een deel zal ingevuld worden door wat ik de artisanale beroepen 2.0 noem: een nieuwe generatie bakkers en beenhouwers die belevenis toevoegen aan hun winkelconcept. Het vooruitzicht voor de kantoormarkt is dubbel. De kantoren zullen krimpen, maar ze zullen ook opgewaardeerd worden met meer faciliteiten en met belevings- en ontmoetingsplekken."