Een donkere foto. Daarop een lichaam en een heldere bos bloemen waar het hoofd moet zitten. Oscar van Gelderen toont het werk in de bar van HotelO in Antwerpen om zijn punt te maken. "Weet jij hoeveel dit werk waard is?" wil hij weten. "Weet jij of het van een ongelofelijk beroemde kunstenaar is, of van een vriend van de hoteleigenaar? Of het een uniek stuk is, of in edities is verdeeld?"
...

Een donkere foto. Daarop een lichaam en een heldere bos bloemen waar het hoofd moet zitten. Oscar van Gelderen toont het werk in de bar van HotelO in Antwerpen om zijn punt te maken. "Weet jij hoeveel dit werk waard is?" wil hij weten. "Weet jij of het van een ongelofelijk beroemde kunstenaar is, of van een vriend van de hoteleigenaar? Of het een uniek stuk is, of in edities is verdeeld?" Op zo'n moment kan een mens alleen maar hopen dat de vragen retorisch zijn. "Natuurlijk kun je dat allemaal niet weten", antwoordt hij zelf. "Daarvoor heb je te weinig informatie. Zo gaat het in een galerie ook vaak. Dat gebrek aan transparantie is maar een van de problemen in de kunstwereld." Van Gelderen zou nochtans een gok kunnen wagen. De oprichter van de Nederlandse uitgeverij Lebowski verzamelt al jarenlang kunst. Samen met zijn echtgenote en voormalig galeriehoudster Manuela Klerkx bracht hij onlangs een boek uit dat je een soort kunst-kopen-voor-dummies zou kunnen noemen. Al is het dat niet helemaal. Van Gelderen en Klerkx zijn ook behoorlijk kritisch voor een deel van de verkopers van kunst: de galeriehouders. "Let op, veel galeriehouders zijn ook curatoren, die kunstenaars spotten en scouten. Ze zijn vaak heel bevlogen en je kunt veel van hen leren", vindt Van Gelderen. "Maar ik denk dat er in Nederland maar weinig galeriehouders een businessplan hebben. Liefst zouden ze helemaal niets verkopen, lijkt het wel. Het gaat vaak wel veel over de inhoud van een werk." OSCAR VAN GELDEREN. "In Vlaanderen heerst een heel andere sfeer. Terwijl Nederlandse galeriehouders elkaar niet zo veel gunnen, wordt hier vaker samengewerkt. Er zijn ook veel meer initiatieven waar bekende kunstenaars samenwerken met minder bekende namen. Dat vind ik sterk, zo maak je kunst toegankelijker. Daardoor krijgen wij het idee dat hier toch meer ondernemingsgeest zit in de kunstsector. Alleen denk ik dat het model van de galerie - net zoals dat van de boekhandel - gewoon niet het juiste is. Je moet je op een dure plek vestigen, je hebt veel vaste lasten en als je op een beurs wilt staan, kost je dat nog eens een hoop geld dat je moet terugverdienen. De toplaag zal dus nog wel geld verdienen, maar alles daaronder heeft het zwaar. Dat zie je ook bij boekhandels, waarvan vele de deuren moeten sluiten." VAN GELDEREN. "In de boekensector merk je dat een grote concurrent zoals Amazon niet alle kleine boekenwinkels opeet. Als tegenreactie bouwt Amazon eigen stenen winkels. Die zijn weliswaar ook heel hightech opgevat, of die zo leuk zijn, weet ik dus nog niet. Mensen gaan vooral naar boekhandels omdat ze er gewoon lekker willen rondsnuffelen en omdat ze een goed contact hebben met de boekhandelaar. Dat ontbreekt bij Amazon. Boekhandels moeten dus voor meer sfeer zorgen. Net zoals galeriehouders dat moeten doen. Waarom zou ik anders bij hen langsgaan? Toch merk je bijvoorbeeld in het Meatpacking District in New York dat alle galeries er hetzelfde uitzien: achter een computer zit iemand die niet opkijkt om je te begroeten." VAN GELDEREN. "Dan bekijk ik de kunstwerken toch liever online. En ik niet alleen. Heel wat vermogende mensen voelen zich ook niet prettig in een galerie. Ze zijn bang domme vragen te stellen. Ik hoor een galeriehouder al antwoorden: 'Kent u die kunstenaar dan niet? Die is nochtans heel beroemd. En het werk kost 10.000 euro.' Als je dat niet kunt betalen, heb je meteen twee klappen voor je kop gekregen. Terwijl je zo iemand als galeriehouder beter kunt lijmen, want misschien heeft die persoon dat geld drie jaar later wel. Nu zoekt hij de kunstwerken waarschijnlijk liever online op. Op artprice.com kun je bijvoorbeeld alle veilingresultaten zien. Zo krijg je een gevoel van de prijzen en kun je met meer zelfvertrouwen naar een galerie trekken. Dan kan een galeriehouder je ook niet bespelen zoals een marktkramer dat in de soek doet met een toerist." VAN GELDEREN. "Nee, dat klanten goed voorbereid zijn, is net een voordeel voor de galeriehouders. Zij hoeven minder tijd aan hen te besteden en weten meteen dat iemand echt geïnteresseerd is. Daarom begrijp ik ook niet waarom galeriehouders niet vaker op Instagram kijken. Daar kunnen ze perfect zien wie van welke soort kunst houdt. Op basis daarvan kunnen ze mensen op een leuke manier uitnodigen om een expositie te bezoeken, maar dat doen ze niet - ook Vlaamse galeriehouders niet. Terwijl je zo gemakkelijker een band kunt opbouwen met een jonger publiek, dat zijn kennis niet haalt uit kunstbladen. Dat geldt trouwens ook voor kunstenaars, want mensen kopen ondertussen echt alles online. Je kunt wel zeggen dat je sommige werken in het echt wilt zien, maar na een tijdje weet je echt wel hoe een kunstenaar werkt. Ik koop geregeld over de hele wereld zonder het werk vooraf te zien en ik ben nooit teleurgesteld." VAN GELDEREN. "In de jaren negentig kocht ik Chinese kunst, want die werd toen opgepikt door westerse galeriehouders. In China zelf was daar nul aandacht voor. Tot het land tien jaar later een boomende economie werd en ook de Chinese kunst plots veel waard werd. Chinese verzamelaars kopen sindsdien veel van dat werk terug op veilingen. Zij zijn bijna uitsluitend geïnteresseerd in Chinese kunst. Alleen de toplaag van de westerse kunstenaars wordt in China geveild. Net zoals Arabische veilingen, bijvoorbeeld in Dubai, ook vooral op lokale verzamelaars gericht zijn. "Ik geloof dus niet dat het buitenland een lokale kunstmarkt echt beïnvloedt. Zelf vind ik het altijd interessant kunst te kopen in landen waar repressie heerst. Daar is de urgentie om kunst te maken veel groter. Als ik weet dat ik iets koop van iemand die in Cuba of Syrië fantastische dingen maakt, voel ik me daar beter bij. Die kunstenaar heeft het geld meer nodig dan iemand die hier op de academie een beetje aan zit te modderen. Ik vind kunst toch vaak bourgeois. Daarom adviseren we ook niet alleen de bekende namen te volgen, maar ook andere dingen te durven kopen. Als je bijvoorbeeld iets uit de kringloopwinkel in een museum hangt, zegt iedereen: wat een mooi werk. Terwijl iedereen er in de kringloopwinkel gewoon voorbijloopt." VAN GELDEREN. "Mij maakt het niet uit waar ik koop. De veilingsite Catawiki is bijvoorbeeld een beetje een dump, maar sommige werken vind je er goedkoper dan in een galerie. Je weet dat de prijs in een galerie verdubbelt, omdat de galeriehouder ongeveer de helft van de verkoopprijs krijgt. Een veiling is de enige plek waar de vraag en het aanbod echt samenkomen. Daarom zijn galeriehouders niet zo dol op veilingen. Het enige wat ze kunnen doen om de prijs te beïnvloeden, is bieden op hun eigen werk. "En wat kunst uit de kringloopwinkel betreft: de Nederlandse kunstenaar Rob Scholte houdt heel erg van de achterkant van borduurwerk. Dus hij koopt dat, draait het om, lijst het in en signeert het als een Rob Scholte. Je kunt voor 2 euro zo'n werkje kopen, maar hij maakt het 300 euro waard." VAN GELDEREN. "Dat begrijp ik wel, maar zolang het authentiek is, vind ik het niet erg als iemand op een creatieve manier geld verdient. En dat snel verdiend, dat kun je evengoed zeggen over het kopen van bitcoins." VAN GELDEREN. "Er zijn vast mensen die dat zo zien. De eerste werken van Luc Tuymans, Berlinde De Bruyckere en Michaël Borremans kostten ooit ook allemaal maar enkele honderden euro's voor ze heel duur werden. Als je vroeg werk koopt, ben je bovendien zeker dat het door de kunstenaar zelf is gemaakt en dat hij niet gewoon is langsgekomen om zijn handtekening te zetten." VAN GELDEREN. "Daarom geloof ik ook helemaal niet in kunst als investering. De kans dat je iets koopt dat heel veel waard wordt, is volgens mij zelfs nihil. Of één op een miljoen. Dat is niet erg, want een kunstwerk wordt niet minder mooi als het niet in waarde toeneemt. Natuurlijk geniet je er misschien net iets meer van als je iets heel vroeg hebt gekocht en het nu veel geld waard is ( lacht). Dan heb je tegen de trend iets gedaan omdat jij het mooi vond. "Als je wilt investeren, kan ik je precies zeggen van welke kunstenaars je werk moet kopen. Je zoekt om te beginnen op wat de vijf belangrijkste galeries van het land, Europa of de wereld zijn, en wie de kunstenaars zijn die ze tonen. Die galeries staan samen met hun kunstenaars op de grootste beurzen, ze hebben het meeste kans om een museumshow en stukken in de krant te krijgen. Het werk van de kunstenaars die zij vertegenwoordigen, zal dus wel in waarde stijgen, dat klopt. Maar dan ben je eigenlijk al te laat. Ik geloof alleen in kunst als investering in jezelf. Kunst gaat niet over geld. Het moment dat ik iets koop, is het niets meer waard. Het wordt pas weer iets waard als ik het verkoop." VAN GELDEREN. "Ik geloof niet dat mensen zo denken. Kunstenaars zijn geen bitcoins, je moet hun werk dus ook niet zo behandelen. Vergelijk het met speculeren met huizen. Natuurlijk zullen er speculanten op de markt zijn, maar je gaat toch geen huis kopen, het drie jaar lang laten leegstaan en het daarna opnieuw verkopen? Dan heb misschien 10.000 of 100.000 euro meer dan voordien, maar wat heb je daaraan? Hetzelfde geldt voor kunst. Je kunt bepaalde werken wel drie jaar lang in een opslagplaats zetten, maar dat heeft alles met geld te maken en niets met kunst. Dan kun je beter aandelen kopen. Of bitcoins dus." VAN GELDEREN. "Toch wel. Ik merkte dat de werken zo duur werden dat ik niet langer kon kopen wat ik zelf verzamelde. Zodra dat het geval is, verkoop ik een bepaalde collectie altijd. Zodat ik opnieuw nieuwe dingen kan kopen. Dan ben ik er een beetje klaar mee."