Brigitte Balfoort is journaliste voor het VTM-magazine Royalty. Zopas bracht ze De etiquettebijbel uit, een wegwijzer in de regels van het sociale verkeer: op het werk, aan tafel, tussen mannen en vrouwen, in feestomstandigheden of op het internet. Zo'n boek is hoognodig, is haar aanvoelen. "Aan de ene kant ken ik de wereld van de gekroonde hoofden, die heel strikt gecodificeerd is", zegt Balfoort. "Aan de andere kant zie ik rondom mij een samenleving die het noorden kwijt is als het op respectvol gedrag aankomt. Het is een dooddoener dat het alleen aan de jongeren ligt _ ik zie die excessen overal. Mijn boek is een pleidooi voor een nieuwe, bijdetijdse hoffelijkheid."

Als morele impuls achter de etiquetteregels citeert ze de filosoof Emmanuel Levinas: "Na u, die beleefdheidsformule zou moeten worden beschouwd als de mooiste definitie van onze beschaving." Etiquetteregels kunnen ons gezichtsverlies besparen en ze vergemakkelijken het leven, omdat je niet elke keer opnieuw hoeft na te denken over hoe je iets moet aanpakken.

Waarover krijgen we zoal uitsluitsel in De etiquettebijbel? Dat de man altijd vóór de vrouw de trap neemt, zodat hij niet verlekkerd kan staren. (Dat een vrouw dat niet doet, wordt door de etiquette als vanzelfsprekend beschouwd.) De hand schudden: een of twee shakes, en niet zwengelen. Kussen: twee keer in Vlaanderen, drie keer in Wallonië, telkens links beginnen. Iemand bellen: tussen 9 u 's morgens en 10 u 's avonds. Partners aan feesttafels nooit naast elkaar zetten, tenzij ze verloofd of pas getrouwd zijn. Hoezo? Balfoort: "Het is toch leuk om eens bij andere mensen te zitten?"

U mag zich gecertificeerd etiquetteconsultante noemen. Wat houdt dat in?

Balfoort: "Ik heb in Londen een opleiding gevolgd aan de internationaal befaamde etiquetteschool Minding Manners. Dat is het neusje van de zalm inzake goede manieren. Mijn overweging was: pas als ik zelf de etiquetteregels op een hoog niveau leer, kan ik ze vertalen naar een breed publiek. Ons werd bijgebracht hoe we ons horen te gedragen in alle mogelijke kringen, hoe je mensen moet ontvangen, hoe je thee zet en in een stoel zit, tot en met het protocol bij het bezoek van hoge gasten."

U geeft lezingen over etiquette. Waarover krijgt u de meeste vragen?

Balfoort: "Over tafelmanieren. Dat verbaast me wel, want dat is maar een klein deel van de etiquette. Maar kennelijk is het een mijnenveld en is er veel onzekerheid. Ik merk dat bedrijfsleiders meer en meer met sollicitanten gaan eten. Wie dan de juiste regels kent, voelt zich sneller op zijn gemak en kan sneller naar de essentie van een gesprek gaan."

Aan tafel nooit brood snijden, maar breken. Aardappels evenmin snijden, maar met de vork in stukjes hakken. Sommige regels zijn zo hol, dat je je afvraagt waarom ze bestaan.

Balfoort:"Dat van die aardappelen heeft een historische reden. Vroeger was het bestek niet van zo'n goede kwaliteit, tafelmessen waren van ijzer. Als je in een aardappel sneed, verkleurde die en dat had ook een effect op de smaak. Voor een salade gold hetzelfde, omdat de azijn in de dressing het metaal aantastte - ik heb nog geleerd om sla in mijn bord op te plooien. Intussen is bestek van roestvrij staal, dus dat speelt allemaal niet meer, maar de regels zijn blijven hangen in de savoir-vivre."

Dat ze gehandhaafd blijven, heeft als enige functie dat men zich ermee afbakent van de onwetenden.

Balfoort: "Historisch heeft dat zo weleens gewerkt, dat is waar. Zo was thee ooit onbetaalbaar voor de lagere klassen. Voorname dames die thee dronken, bewaarden die achter slot en grendel. Toen thee beschikbaar werd voor een breder publiek, wilden de hogere klassen zich blijven onderscheiden en dronken ze hun kopjes met de pink in de lucht. Maar die gewoonte is nu uitgedoofd."

Dan dringt de vraag zich op in hoeverre etiquetteregels nog altijd dienen om zich te onderscheiden van lagere sociaaleconomische klassen.

Balfoort: "Etiquette is meer een sociaal smeermiddel dan een middel tot sociale distinctie. Beleefd gedrag heeft niets met klasse te maken. Er is niets mis met 'na u' of 'sorry' te zeggen."

Vroeger verspreidden de etiquetteregels zich vanuit de elite. Hoe zit dat vandaag?

Balfoort: "Er zijn op de wereld een paar autoriteiten die gevolgd worden als ze een regel formuleren. Het Emily Post Institute in de Verenigde Staten is er zo een. Het instituut is ook altijd heel actueel, met publicaties over internetetiquette, nieuwe manieren aan tafel of nieuw samengestelde gezinnen. Emily Post leefde in de twintigste eeuw, ze is zowat de bomma van de goede manieren, en haar kleinkinderen en achterkleinkinderen zetten haar werk voort."

U geeft ook cursussen etiquette aan kinderen. Wat staat er op het programma?

Balfoort:"Ze leren hoe ze zich moeten voorstellen aan iemand en hoe ze zich aan tafel horen te gedragen _ ja, opnieuw die eetcultuur. Maar ik hecht ook belang aan digitale etiquette: hoe ga je om met Facebook, Snapchat of sms'en. Het is trouwens belangrijk dat kinderen het goede voorbeeld zien. Als ouder moet je dan niet zelf met plebsbestek aan tafel zitten. U weet niet wat dat is, plebsbestek? Dat is je gsm en je sleutels boven of naast het eetbord liggen. Als je ergens bent uitgenodigd, dan is dat omdat die persoon jouw gezelschap waardeert. Het is niet de bedoeling dat je constant op je telefoon zit te kijken."

De omgangsregels voor het digitale verkeer lijken nog volop in wording.

Balfoort: "Het is een enorm en heel actueel domein. Het eigenaardige is dat tijdens mijn periode aan de etiquetteschool Minding Manners het begrip 'digitale etiquette' niet één keer is gevallen. Mijn standpunt is: we hoeven niet constant bereikbaar te zijn. Als we altijd geconnecteerd willen zijn, worden we gek en zal het aantal burn-outs nog exponentieel stijgen. Ik stel in mijn boek voor met de smartphone om te gaan zoals met de vaste telefoon vroeger. Toen kon je ook niet altijd en overal opnemen; je was thuis of niet thuis. Bel mensen alleen op voor zaken die ertoe doen, er zijn toch voldoende alternatieven, zoals sms of e-mail."

Met de nieuwe technologieën is de communicatie niet alleen sneller, maar ook informeler geworden.

Balfoort: "We mogen ons daar niet in vergissen. De e-mail heeft dan wel de brief vervangen, maar hij hoeft daarom niet informeler te zijn. Ik geef toe, na een paar uitwisselingen kan de toon losser worden, maar toch: spreek de geadresseerde altijd met twee woorden aan. Met grote emoties uitpakken in een e-mail is evenmin een goed idee. Een bericht is snel vertrokken, de bestemmeling kan hem lezen en herlezen en elk woord navlooien. Het kan worden doorgestuurd naar personen die je niet vermoedt. Mijn raad is: schrijf een e-mail met evenveel zorg als je vroeger een brief schreef. 'Hela' en 'doei' in zakelijke contacten zijn niet gepast."

Is dat geen achterhoedegevecht? De interactiestijl wordt overal informeler. In contacten met klantendiensten word je meteen met de voornaam aangesproken.

Balfoort: "Ik erger mij daaraan te pletter. Als ik in de bank een afspraak heb, word ik er begroet met 'Ah, Brigitte!' Nou, denk ik dan, ik ben wel 'mevrouw', tot we mekaar beter kennen. Die amicaliteit stellen sommige mensen kennelijk op prijs. Overgewaaid uit Amerika is dat. Maar ik vind niet dat we daarin moeten meegaan."

In zo'n omgeving is het ook een vraagstuk hoe je je gepast moet kleden.

Balfoort: "Als je het op voorhand niet goed weet, kom je met smart casual al een heel eind. U hebt bijvoorbeeld een net hemd aan en een losse broek. Dat is smart casual: je combineert iets gesofisticeerds met iets bestudeerd nonchalants, dat kunnen bijvoorbeeld ook sneakers zijn. Business daarentegen zie je veel bij bankiers en CEO's. Maar als je met creatieve beroepen te maken hebt, schep je zo juist te veel afstand, en in de sociale sector ga je met smart casual te hoog zitten. Als algemene regel geef ik mee: kleed je altijd iets beter dan wat je denkt dat juist is. Het is altijd beter wat overdressed te zijn dan omgekeerd.

"Dat geldt ook op reis. Ga niet op citytrip in een trainingspak, bezoek geen prachtige historische steden in een uitgezakt T-shirt. Ik woon in Brugge, en mijn haren rijzen soms ten berge van het ongevraagd bloot dat ik te zien krijg. Een beetje respect voor de stad waar je te gast bent, kan geen kwaad."

Er zijn wel wat conventies in zakenetiquette, tafeletiquette of genderetiquette. Je moet het allemaal maar weten.

Balfoort: "We hebben het niet meer geleerd, dat is het probleem. Ik durf mezelf als voorbeeld te nemen. Mijn ouders waren hippies, zij hebben mij nooit de regels doorgegeven die zij van thuis hadden meegekregen. Het waren de jaren zestig, alles was vrijheid en blijheid, en iedereen moest ongedwongen met elkaar omgaan. Ik wist dus van niets. Ik heb de regels veel te laat geleerd."

Wanneer ontdekte u dat u iets miste?

Balfoort:"Al vrij snel. Ik herinner me dat ik, als tiener, aan het blozen sloeg omdat ik niet wist hoe me te gedragen in bepaalde situaties. Ik was bang een mal figuur te slaan: op restaurant of bij begroetingen. Als studente wilde ik graag deze of gene prof aanspreken op een receptie, maar dat durfde ik niet omdat ik niet wist hoe eraan te beginnen. Mijn netwerk had zich waarschijnlijk veel soepeler ontwikkeld als ik de omgangsregels had gekend, als ik had doorgehad dat niet je afkomst telt, maar wel de manier hoe je correct met de ander omgaat."

U schreef nog een ander boek in dezelfde sfeer: Zij heeft stijl. Speciaal voor vrouwen?

Balfoort:"Ik stel bij mezelf vast dat ik met het ouder worden alleen maar beter in mijn vel zit. Met Zij heeft stijl wilde ik tonen hoe je een klassendame kunt zijn, zonder je te laten intimideren door een samenleving die vrouwen het jeugdigheidsideaal opdringt."

Mocht u nu ter plekke het boek Hij heeft stijl moeten verzinnen, wat zouden de krachtlijnen dan zijn?

Balfoort: "Ik zou zeggen: heren, verzorg u, het gaat allemaal niet vanzelf. Loop niet in pyjama in huis, en alsjeblief, gooi die shorts weg, we hoeven jullie harige benen niet te zien. Wees geëmancipeerd, leer zelf uw potje koken. En vooral: wees een gentleman. Dan bedoel ik niet de gentleman die gaat jagen, met een Porsche rijdt en driedelige pakken draagt. Nee, ik bedoel iemand die galant is, die het nog durft het autoportier open te houden voor een dame. Want geloof me: niets is mannelijker dan een gesofisticeerde heer."

Brigitte Balfoort, De etiquettebijbel, Houtekiet, 168 blz., 24,99 euro.