Vlot bekkende economen zijn vandaag gemeengoed op radio, tv en YouTube. Maar in de begintijden van Kanaal Z - eind jaren negentig - waren ze niet gemakkelijk te vinden. De audiovisuele media hadden er toen geen behoefte aan. Kanaal Z delfde mensen naar boven zoals Geert Noels, de huidige hoofdeconoom van Econopolis, en Ivan Van de Cloot, nu de hoofdeconoom van de denktank Itinera, die intussen bekende mediafiguren zijn geworden.
...

Vlot bekkende economen zijn vandaag gemeengoed op radio, tv en YouTube. Maar in de begintijden van Kanaal Z - eind jaren negentig - waren ze niet gemakkelijk te vinden. De audiovisuele media hadden er toen geen behoefte aan. Kanaal Z delfde mensen naar boven zoals Geert Noels, de huidige hoofdeconoom van Econopolis, en Ivan Van de Cloot, nu de hoofdeconoom van de denktank Itinera, die intussen bekende mediafiguren zijn geworden. Een ander natuurtalent bleek Piet Lammens, een econoom die midden in de marktenzaal van KBC stond. Samen met zijn team analyseerde hij de trends op de aandelen-, de obligatie- en de wisselmarkten. De traders konden zich daarop richten om posities in te nemen, een beetje zoals piloten voortgaan op weersvoorspellingen. Lammens kreeg zijn analyses goed uitgelegd voor de camera. Het duurde niet lang of hij kreeg een eigen programma op Kanaal Z. Hij bleef nog jaren het vertrouwde gezicht voor commentaar bij de markten.Daar is nu een einde aan gekomen. Eind november trok Lammens de deur van de marktenzaal definitief achter zich dicht. Na zijn studie rechten en economie en een passage bij een verzekeraar had hij twintig jaar in de marktenzaal gestaan, eerst bij CERA, later bij KBC. Vandaag is de pret er een beetje af, met de centrale bankiers als spelbedervers. Hun massale obligatieaankopen verdoven de markten, zodat die amper nog bewegen en er dus weinig te beleven valt. Traders leven van marktbewegingen, en Lammens leefde met hen mee. "Vroeger kon de obligatierente in geen tijd met enkele procentpunten stijgen", zegt Lammens. "Vandaag is een stijging van 20 basispunten al een helse rit." Ook de strengere regels na de bankencrisis maakten het leven in de marktenzaal rustiger. De banken mogen niet langer voor eigen rekening handelen. Een pakket obligaties verkopen of dollars aankopen, het mag enkel nog voor klanten, niet meer om de eigen kas te spijzen. Dat scheelt een hoop. "De marktenzaal is kleiner geworden, gewoon omdat ze minder mag doen", zegt Lammens. "Dat maakt ook mijn adviezen als marktstrateeg minder belangrijk." Lammens vertrekt niet met een gerust hart. Het verbod om met eigen geld te traden verkleint wel het risico voor de banken, maar vergroot het risico voor de belegger. "De grote marktenzalen van vroeger dienden als een buffer tegen schokken", zegt Lammens. "Kwam er een verkoopgolf op gang, dan stonden er altijd wel traders klaar als tegenpartij. Het was big business natuurlijk, maar de traders wisten hoe ze het moesten doen, en absorbeerden zo de marktschommelingen. Die rol kunnen ze vandaag veel minder spelen." Het gevaar voor een cascade is nog groter door de steile opgang van de passieve beleggingsfondsen. "Zulke fondsen hebben geen eigen cashvoorraad", zegt Lammens. "Als een klant zijn geld terug wil, moet het fonds onmiddellijk de onderliggende stukken verkopen om de cash uit te betalen. Dat is het geval voor de indextrackers, fondsen die bijvoorbeeld de exacte samenstelling van een beursindex volgen of voor 100 procent in Amerikaanse overheidsobligaties beleggen. Stel dat alle klanten willen verkopen, wie zal dan tegenpartij spelen? Kijk naar de obligaties, die zijn erg duur vandaag. Een renteopstoot van pakweg 50 basispunten kan een verkoopgolf op gang trekken waartegen de markt niet opgewassen is." Voorlopig lijkt er geen vuiltje aan de lucht op de markten. De massale geldinjectie door de centrale banken - via de obligatieaankopen - dient als stootkussen. "Beleggers zijn er dus gerust in, zodat ze de risico's niet meer goed inschatten", aldus Lammens. "De markten zijn compleet scheefgetrokken. Niet alleen de obligatiemarkten zijn duur, ook de beurzen en de huizenmarkten." Kan dat wel goed aflopen? "TINA", zegt Lammens. "There is no alternative. Alles is dan wel duur, de beleggers blijven kopen. Wat moeten ze anders doen? Ze denken: het stijgt, dus zal het wel verder stijgen. Maar hoe langer de hausse, hoe dichter het einde. Wat als plots het besef doordringt dat de markten veel te duur zijn? En wat als er dan een verkoopgolf ontstaat, zonder dat er kopers klaarstaan, ondanks de overvloedige liquiditeit? Het is niet omdat er veel cash beschikbaar is, dat er niks kan gebeuren. Er zijn geen vanzelfsprekendheden op de markten." Als het eindigt in tranen, moeten de beleggers niet naar de bankiers wijzen, maar naar de centrale bankiers. "Na de kredietcrisis van 2008 brachten ze de rente naar nul", zegt Lammens. "Dat was nodig, anders was de crisis veel erger geweest. Maar intussen is die lage rente niet meer nodig. De economie zal niet ineenstorten als de centrale banken de rente normaliseren. De rente is de prijs voor het geld. Het is de belangrijkste prijs in de economie. Als je die lang abnormaal laag houdt, geef je het verkeerde signaal. Dat creëert onevenwichtigheden. Dat zie je aan de scheeftrekkingen op de markten." De fout van de centrale banken is dat ze zich blindstaren op de lage inflatie, aldus Lammens. "Door hun soepele geldbeleid willen ze de inflatie stimuleren. Ze overdrijven daarin. De inflatie is op een natuurlijke manier laag, door de verzwakte vakbonden, de vergrijzing of technologische ontwikkelingen. Het zijn allemaal factoren waaraan de centrale banken weinig kunnen doen." Wat staat ons te wachten? Lammens wil geen paniek zaaien. "Er kunnen veel dingen fout gaan. Ik heb het bijvoorbeeld nog niet gehad over de Chinese schuldenberg, een ander knipperlicht. Maar wat is de zin van onheilsprofetieën als er op het terrein nog niks van te merken valt? Dan zijn ze enkel interessant om in de media te komen. Maar mijn taak was niet een goeroe te zijn. Mijn taak was de markten te volgen en te waarschuwen als er echt iets verkeerd liep. Ook al was dat slecht nieuws voor de traders in de marktenzaal, of voor de bazen van de bank."