Na drie opeenvolgende jaren van toename tussen 2009 en 2012, tot bijna 25 procent, is het aantal mensen met risico op armoede of sociale uitsluiting in Europa sindsdien blijven dalen tot 23,4 procent vorig jaar. Het gaat om mensen in financiële armoede, in een situatie van ernstige materiële tekortkoming of in gezinnen waar niet of nauwelijks gewerkt wordt.

In Europa scoren Bulgarije (40,4 procent), Roemenië (38,8 procent) en Griekenland (35,6 procent) het slechtst. De kleinste kans op armoede werd vastgesteld in Tsjechië (13,3 procent), Finland (16,6 procent), Denemarken (16,7 procent) en Nederland (16,8 procent).

Na drie opeenvolgende jaren van toename tussen 2009 en 2012, tot bijna 25 procent, is het aantal mensen met risico op armoede of sociale uitsluiting in Europa sindsdien blijven dalen tot 23,4 procent vorig jaar. Het gaat om mensen in financiële armoede, in een situatie van ernstige materiële tekortkoming of in gezinnen waar niet of nauwelijks gewerkt wordt. In Europa scoren Bulgarije (40,4 procent), Roemenië (38,8 procent) en Griekenland (35,6 procent) het slechtst. De kleinste kans op armoede werd vastgesteld in Tsjechië (13,3 procent), Finland (16,6 procent), Denemarken (16,7 procent) en Nederland (16,8 procent).