Vermogensbeheerders raden hun klanten al jaren aan het kapitaal van een tak21- of tak23-levensverzekering via een notariële akte te schenken, zodat de begunstigden er achteraf geen successierechten meer op hoeven te betalen. Maar de Vlaamse Belastingdienst, die instaat voor de heffing van de schenk- en erfbelasting in het Vlaams Gewest, gaat daar in een beslissing van 12 oktober tegenin. Daardoor riskeert men twee keer belastingen te moeten betalen op de schenking van het kapitaal van een tak 21- en/of tak 23-verzekering.

Een tak21-verzekering is een spaarproduct in een verzekeringskleedje, met kapitaalgarantie. U krijgt een gegarandeerd rendement van 1 à 1,25 procent, plus een bonus als het onderliggende fonds goed presteert. Bij een tak23-verzekering is er geen kapitaalgarantie en ook geen gewaarborgd rendement. De meeste tak23-producten beleggen in aandelen of deels in aandelen en deels in obligaties.

Notariële akte

Volgens de gevestigde rechtsleer is een schenking van een tak21 of van een tak23 - de zogenoemde verzekeringsgift - perfect mogelijk, mits dat gebeurt via een notariële akte. De meeste verzekeraars bij wie de tak21- of tak23-verzerking is afgesloten, willen pas meewerken aan zo'n verzekeringsgift als een (Belgische of Nederlandse) schenkingsakte wordt opgemaakt. Dat betekent dat er in Vlaanderen een evenredig schenkingsrecht van 3 procent (bij een schenking in rechte lijn en tussen echtgenoten) of of van 7 procent (bij een schenking tussen andere erfgenamen) moet worden betaald. Door de betaling van dat schenkingsrecht hoeven de erfgenamen geen successierechten - de zogenoemde erfbelasting - meer te betalen wanneer de verzekeringnemer overlijdt, ook niet als dat gebeurt binnen drie jaar na de schenking. De verzekeringsgift is daardoor een courante schenkingstechniek geworden.

'De Vlaamse fiscus maakt zich schuldig aan onbehoorlijk bestuur'

Erfbelasting

Maar de Vlaamse Belastingdienst heeft onlangs het geweer van schouder veranderd. In een nieuw, opmerkelijk standpunt van 12 oktober 2015 stelt ze dat een verzekeringsgift waarop al schenkbelasting is geheven, nadien ook nog eens aanleiding geeft tot de heffing van erfbelasting op de verzekeringsprestatie die bij het later overlijden van de schenker aan de begiftigde toevalt. Daarmee distantieert Vlabel zich volledig van een eerder schrijven van de (federale) belastingadministratie uit 2013 en gaat hij ook in tegen wat vandaag als 'gevestigde rechtsleer' kan worden bestempeld. Een verzekeringsgift is daardoor volledig af te raden in Vlaanderen (de woonplaats van de schenker is hier bepalend).

Vlabel zegt in het bewuste standpunt niets over de inwerkingtreding van de nieuwe regeling. Daarover heeft het nog niets beslist. Gezien het drastische karakter van de koerswijziging, zou logisch zijn dat ze pas zou gelden vanaf de publicatiedatum (29 oktober 2015) van deze beslissing. Veel klanten van vermogensbeheerders en notarissen dreigen er het slachtoffer van te worden. Zij hebben tot voor kort dikwijls grote bedragen van de in een tak21- en/of tak23-verzekering gespaarde kapitalen geschonken aan hun kinderen of andere erfgenamen.

Advocaat

Vlabel gaat al in tegen een ruime meerderheid in de rechtsleer en distantieert zich van een vroeger standpunt van de federale belastingadministratie. Als het nu ook nog eens beslist de nieuwe richtlijn met terugwerkende kracht toe te passen op alle verzekeringsgiften die zijn geschonken tegen 3 of 7 procent, dan is er zelfs sprake van onbehoorlijk bestuur. Het vertrouwen van de belastingplichtige in de fiscus wordt nogmaals aangetast. In dat geval loont het de moeite een advocaat in de arm te nemen en zijn gelijk voor de rechtbank te halen.