Voor veel familiale ondernemingen is groeien met vreemd kapitaal een taboe. Ze staan wantrouwig tegen externe investeerders, want het betekent controle loslaten en een beetje minder familiaal worden.
...

Voor veel familiale ondernemingen is groeien met vreemd kapitaal een taboe. Ze staan wantrouwig tegen externe investeerders, want het betekent controle loslaten en een beetje minder familiaal worden. Toch wijzen specialisten al jaren op de geneugten van extern kapitaal. Met het geld komt ook de mogelijkheid tot groei, modernisering of professionalisering. Zelfs als bijvoorbeeld een investeringsfonds wegblijft van de operationele leiding, zorgt de externe aanwezigheid op bestuursniveau voor extra visie. De raad van bestuur wordt meer dan de spiegel van de verhoudingen in de familie, de rapportering evolueert naar een hoger niveau en indien nodig kan de externe inbreng van pas komen als in de familie onenigheid ontstaat. Wat voor het ene familiebedrijf gelijkstaat aan controleverlies, betekent voor een ander een welgekomen klankbord of een gerichte oplossing voor delicate problemen. De eerste belangrijke knoop die je als familie wil doorhakken bij het uitdokteren van de strategie op lange termijn, is de vraag of je de controle in eigen handen wil houden. Geen inmenging staat gelijk aan een zoektocht naar een oplossing in eigen huis. "Vóór elk investeringsproject moet je eerst de eigen middelen van het bedrijf evalueren en kijken naar het bedrag dat de aandeelhouders willen investeren", zegt Eric Bastin, senior manager bij BDO, over de mogelijkheid van zo'n kapitaalverhoging. "Aandeelhouders kunnen extra geld injecteren of dividenden verlagen, waardoor het bedrijf meer winst in reserve kan houden." De BDO-expert benadrukt dat het aandeel van het eigen vermogen in financiering voor de lange termijn gemiddeld ongeveer 30 procent bedraagt, hoewel dat kan variëren naargelang het project, de sector en het bedrijf. De externe financiering kan komen van klassieke bancaire kredieten, of van investeerders die dat gevreesde stukje controle naar zich toetrekken. "Leeft de angst voor het controleverlies, dan moeten de familiale aandeelhouders goed nagaan hoe potentiële partners optreden", waarschuwt Luc Van de Steen, Head of Corporate Investments bij ING Belgium. "Sommigen vragen veel impact en controle. Anderen volgen alles op, maar willen zich niet mengen in het dagelijkse beleid. Ze willen samen werken aan groei en fungeren als klankbord. Voor jonge familiebedrijven kan het ook een kans zijn als kapitaalverschaffers hun iets kunnen bijbrengen. Denk aan technische of financiële kennis, aan een netwerk, aan ervaring met internationalisering." De telecom- en cloudspecialist Destiny ging als jong familiebedrijf haast op maat van de groei in zee met externe kapitaalverschaffers. Destiny is het geesteskind van de broers Daan en Samuel De Wever. Tien jaar geleden namen ze een telecomoperator over en stippelden ze een groeiscenario uit. Het duo stelde een externe CEO aan en ging op zoek naar investeerders. "In 2009 participeerde Sherpa Invest, met focus op beginnende bedrijven, voor een miljoen euro", vertelt Daan De Wever. "We kregen er meteen een klankbord bij. We konden ook uitzoeken of voor ons idee een markt bestond en of we het winstgevend konden maken. Als dat lukt, kom je op een kantelpunt: ofwel ga je voor een mooie groei en haal je regelmatig een mooi bedrag uit je activiteit, ofwel wil je als groeibedrijf de opportuniteit uit de markt halen. Het werd het tweede en dan kom je bij een ander type investeerders terecht." Destiny had keuze zat. Het noteerde 22 geïnteresseerde partijen, en koos finaal voor Mentha Capital. Met de steun van dat investeringsfonds deed het de stap van lokale telecomintegrator naar Europese cloudoperator. Het realiseerde in 2016 en 2017 drie overnames, de geconsolideerde omzet groeide richting 45 miljoen euro. "Mentha Capital kan ons laten groeien tot een bedrijf van 50 à 100 miljoen euro omzet", aldus Daan De Wever. "Andere fondsen hadden ons misschien tot 250 miljoen euro kunnen brengen, maar je moet bekijken of je daar klaar voor bent. We zochten een partner die niet enkel het financiële aspect wou invullen, maar de groei ook inhoudelijk wou steunen met een koop- en bouwstrategie. Prijs is niet alles, het draait om maturiteit en begeleiding." Binnen het afgesproken traject mikt Destiny op een extra overname in de komende twaalf maanden. De broers De Wever willen hun model in Europa toetsen, alvorens ze de stap naar een volgend type investeerder doen. "We zijn nog altijd zeer tevreden over het huwelijk. De klik was er vanaf de eerste dag. In private equity is duurzaamheid soms afwezig. Sommige fondsen doen aan financiële engineering en kopen om te verkopen. Dat wilden we niet en we hebben het alternatief gevonden bij onze huidige partner. Familiebedrijven die op zoek gaan naar private equity moeten kijken wat ze belangrijk vinden. Maak je lijst met voorwaarden en houd je aan de zaken waar je niet wil van afwijken." De vraag hoeveel controle je wil loslaten, hangt niet alleen af van de schaal of van de inhoudelijke ondersteuning. "Families moeten even goed vertrekken vanuit de beschikbare middelen", zegt Luc Van de Steen. "Je moet je klassieke bancaire kredieten kunnen herfinancieren, maar ook een mezzaninefinanciering (zie kader De financieringsformules) moet je kunnen terugbetalen. Wie onvoldoende financieringscapaciteit heeft, moet op zoek gaan naar private equity voor zijn groeifinanciering." Gregory Saelens ondervond dit in de praktijk bij de trekhakenfabrikant GDW (zie kader De familybuy-out van GDW Group).