De onderzoekers van Vlerick Business School ondervroegen de CEO's van de 77 leden van het iGMO-netwerk (Impulscentrum Groeimanagement voor Middelgrote Ondernemingen, dat 135 leden telt) naar hun digitale strategie. De heterogene groep gaat van bouwbedrijven tot specialisten in onlinemarketing. Ze hebben allemaal één ding gemeen: ze zijn de afgelopen jaren zeer snel gegroeid. "Het onderzoek is niet uitgevoerd bij een lukraak gekozen groep bedrijven", zegt Yannick Dillen, postdoc-onderzoeker bij Vlerick. "Die snelle groeiers kan men zien als de kroonjuwelen van de Vlaamse economie. Samen zijn ze goed v...

De onderzoekers van Vlerick Business School ondervroegen de CEO's van de 77 leden van het iGMO-netwerk (Impulscentrum Groeimanagement voor Middelgrote Ondernemingen, dat 135 leden telt) naar hun digitale strategie. De heterogene groep gaat van bouwbedrijven tot specialisten in onlinemarketing. Ze hebben allemaal één ding gemeen: ze zijn de afgelopen jaren zeer snel gegroeid. "Het onderzoek is niet uitgevoerd bij een lukraak gekozen groep bedrijven", zegt Yannick Dillen, postdoc-onderzoeker bij Vlerick. "Die snelle groeiers kan men zien als de kroonjuwelen van de Vlaamse economie. Samen zijn ze goed voor een omzet van 7,43 miljard euro. Daarom is het opvallend dat meer dan 70 procent nog altijd geen digitale strategie heeft, terwijl dat echt noodzakelijk wordt om te blijven groeien." Voor het onderzoek gebruikte Vlerick een ruime definitie van digitale strategie: alle gebruikte digitale technologieën om als bedrijf de prestaties te verbeteren en de doelstellingen te bereiken. Dat kan gaan van al ingeburgerde zaken zoals e-commerce en sociale media tot de blockchain, augmented reality en andere opkomende technologieën. "We zijn met een deel van hen naar Silicon Valley getrokken", vertelt Dillen. "Daar zie je direct dat artificiële intelligentie en andere revolutionaire technologieën geen tien jaar meer zullen wachten om de economie te transformeren. Het is hoopgevend dat veruit alle ondervraagde groeibedrijven die trein niet willen missen. Bijna 90 procent is zich bijvoorbeeld bewust van het potentieel van data-analyse om de prestaties van het bedrijf te verbeteren, maar slechts een derde heeft daar al vorderingen in gemaakt." "Bijna 60 procent van de bedrijven die naar eigen zeggen moeite hebben met hun digitale strategie, schrijft dat toe aan een gebrek aan ervaring en kennis. Andere belangrijke redenen zijn een gebrek aan middelen en de organisatiestructuur. Voor sommige bedrijven is een digitale strategie geen prioriteit, omdat ze het niet noodzakelijk vinden of omdat hun sectorgenoten ook niet snel op de kar springen. Maar ze mogen zich daar niet op verkijken. 55 procent van de ondervraagde bedrijven verkoopt bijvoorbeeld geen producten of diensten online. Maar e-commerce is een enorme opportuniteit, ook voor bedrijven die in b2b actief zijn of in een traditionele sector zitten. Het is een verkeerde instelling louter te focussen op verkopers. Via e-commerce is het mogelijk extra diensten aan te bieden en internationaal actief te zijn, in het bijzonder in aantrekkelijke groeimarkten zoals Brazilië of China", gaat Dillen verder. Een andere opvallende statistiek uit het onderzoek van Vlerick gaat over het gebruik van sociale media door de Vlaamse groeibedrijven. Ongeveer 90 procent van de deelnemende bedrijven is actief op Facebook en LinkedIn, maar de meeste zeggen dat die aanwezigheid geen directe impact heeft op de verkoop. "Bedrijven gebruiken die nieuwe kanalen in de eerste plaats om de relaties te verzorgen met de eindklant, leveranciers en andere stakeholders", aldus Dillen.