Maandag. Luchtkastelen in Wallonië

De nieuwe Waalse regering van minister-president Elio Di Rupo (PS) wil de Waalse werkgelegenheidsgraad met 5 procentpunt optrekken tot bijna 69 procent. Die ambitie is lovenswaardig, maar volstrekt ongeloofwaardig. In het Waalse regeerakkoord staan niet de ambitieuze hervormingen die nodig zijn om meer mensen aan de slag te krijgen. "Het is zoals Anderlecht dat kampioen wil spelen zonder spits", zegt de arbeidseconoom en Anderlecht-supporter Stijn Baert. Zo neemt de nieuwe regering geen maatregelen om werken financieel aantrekkelijker te maken, zoals het verlagen van de belastingdruk op de laagste lonen. Nochtans is de Waalse werkgelegenheidsgraad al decennialang hardnekkig laag, niet zozeer door een nog altijd relatief hoge werkloosheid, maar vooral omdat een groot deel van de beroepsbevolking niet actief is op de arbeidsmarkt. De provincies Luik en Henegouwen tellen 6 procent werklozen, maar 30 procent inactieven. Zonder doortastende maatregelen is een Waalse werkgelegenheidsgraad van 69 procent een luchtkasteel.
...

De nieuwe Waalse regering van minister-president Elio Di Rupo (PS) wil de Waalse werkgelegenheidsgraad met 5 procentpunt optrekken tot bijna 69 procent. Die ambitie is lovenswaardig, maar volstrekt ongeloofwaardig. In het Waalse regeerakkoord staan niet de ambitieuze hervormingen die nodig zijn om meer mensen aan de slag te krijgen. "Het is zoals Anderlecht dat kampioen wil spelen zonder spits", zegt de arbeidseconoom en Anderlecht-supporter Stijn Baert. Zo neemt de nieuwe regering geen maatregelen om werken financieel aantrekkelijker te maken, zoals het verlagen van de belastingdruk op de laagste lonen. Nochtans is de Waalse werkgelegenheidsgraad al decennialang hardnekkig laag, niet zozeer door een nog altijd relatief hoge werkloosheid, maar vooral omdat een groot deel van de beroepsbevolking niet actief is op de arbeidsmarkt. De provincies Luik en Henegouwen tellen 6 procent werklozen, maar 30 procent inactieven. Zonder doortastende maatregelen is een Waalse werkgelegenheidsgraad van 69 procent een luchtkasteel. Het lijkt wel alsof de Waalse regering rekent op de nog te vormen federale regering om de kastanjes uit het vuur te halen. Blijkbaar rekent ze op enkele pittige federale maatregelen om de Waalse economie wakker te schudden en de eigen regionale ambities waar te maken. De grote hefbomen zijn via de fiscaliteit en de sociale zekerheid immers nog altijd in handen van de federale overheid. Maar of de PS zit te wachten op een centrumrechts federaal beleid dat de partij vier jaar lang verfoeid heeft? De vraag stellen is ze beantwoorden.De Waalse regering neemt haar toevlucht in ouderwets overheidsbeleid, zoals de creatie van 60.000 gesubsidieerde banen. Het is alsof Wallonië zich aan het eigen haar uit het moeras wil trekken. Hopeloos. In het regeerakkoord staat ook amper een woord over de begroting, behalve dat de doelstelling van een begrotingsevenwicht verdaagd wordt naar 2024. Het klinkt even ongeloofwaardig als een werkgelegenheidsgraad van 69 procent. "In het regeerakkoord van 122 bladzijden gaat minder dan een derde van een bladzijde over de begroting. Het enige cijfer is het paginanummer", twitterde Bart Van Craeynest, de hoofdeconoom van de werkgeversorganisatie Voka. De aanleg van hagen krijgt van de Waalse regering meer aandacht dan de aanleg van financiële buffers. Het is comfortabel regeerakkoorden schrijven als de grote Vlaamse broer helpt de rekeningen te betalen. Confederalisme blijft taboe aan Waalse zijde, om de eenvoudig reden dat ze het zich niet kunnen veroorloven. "Zolang als nodig is", dat is het nieuwe mantra van het geldbeleid van de Europese Centrale Bank. De ECB zal, zolang als nodig is, de voet op het monetaire gaspedaal houden. De ECB zal dat doen zolang de inflatie niet op een duurzame manier in de buurt van 2 procent komt. De ECB zal dat doen zolang de economische vooruitzichten ondermaats blijven. En aangezien de ECB voor 2020 een inflatie van 1 procent verwacht en een economische groei van 1,2 procent, met een vrij grote kans dat het slechter wordt, is ze het aan haar mandaat verplicht in te grijpen. Patience, prudence and persistence. Met die drie sleutelwoorden omschrijft Draghi al langer dan vandaag zijn beleid. Op zijn laatste bestuursvergadering deze week zou hij uiteraard niet het geweer van schouder veranderen.Concreet verlaagt de Europese Centrale Bank de depositorente tot minus 0,5 procent, begint ze opnieuw voor onbepaalde tijd met een programma van geldverruiming ten belope van 20 miljard euro per maand, en stelt ze nog vlotter langlopende kredieten aan de banken ter beschikking. Mario Draghi sluit zo zijn mandaat van acht jaar als voorzitter van de ECB af met een open einde. Christine Lagarde, die op 1 november de fakkel overneemt als voorzitter van de ECB, heeft weinig andere keuze dan dat beleid voort te zetten. Niet dat ze van plan was een strenger beleid te voeren.Mario Draghi zal de geschiedenis ingaan als de man die in 2012 de euro redde met de geïmproviseerde maar intussen befaamde whatever it takes-speech in Londen. De strijd tegen de hardnekkig lage inflatie en de zwakke economische groei heeft Draghi niet kunnen winnen. Hij kon die ook niet winnen, omdat hij die strijd niet mocht voeren. Er zijn structurele economische hervormingen en een doordacht investeringsbeleid nodig om de Europese economie, en in haar zog de inflatie, op de rails te krijgen. Maar dat is het primaat van de politiek. Hoe meer de politici op hun handen zitten, hoe langer de ECB alles uit de kast moet halen. Draghi riep de politici daarom een laatste keer op hun werk te doen. Die politici zullen hem een laatste keer grotendeels negeren. De landen die het meest kunnen investeren, zoals Duitsland en Nederland, zijn de landen die daar het minste zin in hebben. De reactie van de financiële markten op de nieuwe maatregelen was sober. De rente op lange termijn steeg zelfs lichtjes. De ingrepen waren verwacht, maar de markten lijken ook tot de conclusie te komen dat de ECB aan het einde van haar Latijn is. Nog lagere negatieve rentevoeten worden een gevaarlijk experiment. Er zijn straks binnen de spelregels geen Duitse obligaties meer om nog op te kopen. En de kritiek op en de kosten van het gevoerde beleid nemen overhand toe. Het is veelzeggend dat zelfs de Franse gouverneur in de raad van bestuur van de ECB overstapt naar het kamp van de criticasters van het beleid van Draghi. Klaas Knot, de voorzitter van de Nederlandse Centrale Bank, leidt het verzet: "Het pakket maatregelen staat niet in verhouding tot de economische omstandigheden en er zijn gegronde redenen om de effectiviteit ervan in twijfel te trekken. De economie in het eurogebied draait op volle bezetting en de lonen stijgen. (...) Er is ook geen sprake van deflatierisico, noch zijn er aanwijzingen voor een eurogebied-brede recessie", aldus Knot. Het is op het randje van muiterij in de ECB. Als Draghi nadrukkelijk de bal richting het kampt van de politiek trapt, dan weet hij waarom.De tegenstanders hebben een heel arsenaal aan argumenten ter beschikking. We selecteren er drie. Punt één. Lage rentevoeten nemen voor overheden de urgentie weg om doordacht te hervormen. De ECB ziet een soepel geldbeleid als een trampoline, terwijl de meeste overheden het zien als een hangmat. Ook in de privésector kan het beleid contraproductief werken. Zieltogende zombiebedrijven kunnen dankzij de lage rentevoeten langer overleven. Op die manier blijven mensen en kapitaal nodeloos lang opgesloten in de minder productieve bedrijven, terwijl de meer productieve ondernemingen wanhopig nieuwe krachten zoeken. DE ECB legt zo de creatieve destructie lam, die nodig is voor een gezonde economische groei. Het Duitse weekblad Wirtschaftswoche noemde het ECB-beleid "Viagra voor zombies".Punt twee. Negatieve kortetermijnrentevoeten kosten de banken geld en ondermijnen hun businessmodel, terwijl het beleid van de Europese Centrale Bank enkel werkt als de banken gezond zijn. De CEO van Deutsche Bank, Christian Sewing, zei vorige week dat negatieve rentevoeten het financieel systeem op lange termijn zullen ruïneren. Nu, Deutsche Bank had de voorbije jaren het beleid van de ECB niet nodig om, door hoogmoed en strategische vergissingen, zichzelf zo goed als te ruïneren. Bij de centrale bankiers leeft het gevoel dat de winsten van de banken door de band genomen nog voldoende zijn, en dat de banken eerst maar eens hun eigen huiswerk moeten maken door hun kosten terug te dringen. Toch heeft de ECB oren naar de verzuchtingen van de banken. Een deel van de overtollige reserves die ze bij de ECB moeten parkeren, wordt niet onderworpen aan een negatieve rentevoet. JP Morgan berekende dat Deutsche Bank de grootste winnaar is van dat getrapte systeem.Punt drie. De spaarder kan geneigd zijn nog meer te sparen, terwijl de ECB net hemel en aarde beweegt om het geld meer te laten rollen. Vooral in de landen met spaaroverschotten, zoals Duitsland, is Draghi de gebeten hond. De Duitse tabloid Bild beeldde Draghi af als een vampier met het fijnzinnige onderschrift: "Zo zuigt graaf Draghila onze rekeningen leeg." Maar de Duitse, en ook de Belgische, spaarder zal dus op de tanden moeten bijten "zolang als dat nodig is". Draghi & co riposteren dat het beleid het belang van de spaarder dient. "We verlagen de beleidsrente nu, om ze later te kunnen verhogen", luidt de boodschap voor de spaarder. Maar 'later' is een begrip waar steeds meer rek op zit.