Op zich is er niks mis met subsidies. Meer nog, ze zijn broodnodig. Zowat elke industrietak heeft subsidies nodig gehad om op te starten of een doorstart te maken. Zonder subsidies waren we wellicht een belangrijke fabriek als Audi Brussels kwijtgeraakt, of zou Vlaanderen geen bloeiende biotechcluster hebben. Zonder de innovatiesubsidies van het Vlaamse Agentschap Innoveren & Ondernemen of de overheidssteun aan techinvesteerders zouden veel lokale techbeloftes ook niet de broodnodige zuurstof gekregen hebben om hun eerste product te ontwikkelen.

Wees met subsidies even zuinig als met antibiotica.

We zouden er wel even zuinig op moeten zijn als op antibiotica in de geneeskunde. Dat is net het probleem. Subsidies zijn vaak een moderne en speciale vorm van aflaten voor politici. Ooit kon je geld betalen om je zonden te laten kwijtschelden en je plaats in de hemel te verzekeren. Politici zwaaien op dezelfde manier kwistig met belastinggeld. Het doel is vaak om herverkozen te raken, maar het is ook de impliciete schuldbekentenis dat ze niet de politieke moed hebben om de problemen bij de wortel aan te pakken.

De leegstand van handelszaken in de centra pakken we aan met lokale steunmaatregelen, kwijtgescholden of verminderde huur voor pop-upwinkels en coaches, terwijl we al jaren weten dat we een overaanbod aan retailoppervlakte in stand houden en nog groter maken. We blijven maar linten van baanwinkels en shoppingcentra creëren, terwijl we weten dat e-commerce onvermijdelijk een deel van de fysieke verkoop zal opvreten.

We weten dat jongeren met een migratie-achtergrond af te rekenen krijgen met discriminatie bij het zoeken naar een baan of een huurwoning. Dat is niet de enige verklaring voor hun relatieve achterstand, maar het is wel een belangrijke en zeer onrechtvaardige factor. In de plaats van discriminatie deftig te bestrijden, geven we wat subsidies aan projecten zoals die van El Kaouakibi. De rolmodellen mogen het oplossen, het geweten is gesust.

Op zich is er niks mis met subsidies. Meer nog, ze zijn broodnodig. Zowat elke industrietak heeft subsidies nodig gehad om op te starten of een doorstart te maken. Zonder subsidies waren we wellicht een belangrijke fabriek als Audi Brussels kwijtgeraakt, of zou Vlaanderen geen bloeiende biotechcluster hebben. Zonder de innovatiesubsidies van het Vlaamse Agentschap Innoveren & Ondernemen of de overheidssteun aan techinvesteerders zouden veel lokale techbeloftes ook niet de broodnodige zuurstof gekregen hebben om hun eerste product te ontwikkelen.We zouden er wel even zuinig op moeten zijn als op antibiotica in de geneeskunde. Dat is net het probleem. Subsidies zijn vaak een moderne en speciale vorm van aflaten voor politici. Ooit kon je geld betalen om je zonden te laten kwijtschelden en je plaats in de hemel te verzekeren. Politici zwaaien op dezelfde manier kwistig met belastinggeld. Het doel is vaak om herverkozen te raken, maar het is ook de impliciete schuldbekentenis dat ze niet de politieke moed hebben om de problemen bij de wortel aan te pakken. De leegstand van handelszaken in de centra pakken we aan met lokale steunmaatregelen, kwijtgescholden of verminderde huur voor pop-upwinkels en coaches, terwijl we al jaren weten dat we een overaanbod aan retailoppervlakte in stand houden en nog groter maken. We blijven maar linten van baanwinkels en shoppingcentra creëren, terwijl we weten dat e-commerce onvermijdelijk een deel van de fysieke verkoop zal opvreten.We weten dat jongeren met een migratie-achtergrond af te rekenen krijgen met discriminatie bij het zoeken naar een baan of een huurwoning. Dat is niet de enige verklaring voor hun relatieve achterstand, maar het is wel een belangrijke en zeer onrechtvaardige factor. In de plaats van discriminatie deftig te bestrijden, geven we wat subsidies aan projecten zoals die van El Kaouakibi. De rolmodellen mogen het oplossen, het geweten is gesust.