Patrick Lebrun (48)
...

Amper een week na zijn verkiezingen tot secretaris-generaal van de Waalse vleugel van de overheidsvakbond CGSP/ACOD beleefde Patrick Lebrun al zijnmoment de gloire. Op dinsdag 31 mei hielden de vakbonden niet alleen een actiedag tegen het beleid van de federale regering, aan Franstalige kant ging ook een reeks overheidsdiensten plat. De geplande staking bij de NMBS ging door, nadat de Waalse overheidsvakbond vorige week al een wilde staking bij het spoor op gang had geschoten. Lebrun is zeer duidelijk: "Als het van mij afhangt, wordt dit een staking tot de finish. Desnoods betekent dat actie voeren tot de regering valt." Lebrun verkondigde dat al bij zijn aantreden als secretaris-generaal en deed dat vorige week ook nog eens in Terzake (VRT). In een CGSP-pamflet dat de werknemers van de Waalse busmaatschappij oproept vanaf 31 mei te staken, staat vermeld dat "dit een staking is om de regering ten val te brengen".De Vlaamse vleugel van de socialistische overheidsvakbond was niet gelukkig met de demarche van Lebrun. ACOD-voorzitter Chris Reniers liet weten duidelijk niet op dezelfde lijn te staan als haar Franstalige collega's. Lebrun was voor de Vlaamse ABVV-collega's tot voor kort trouwens een nobele onbekende. De 48-jarige Luikenaar, boekhouder van opleiding en vader van twee zonen kwam vorige week eerder toevallig aan de top van het Waalse CGSP terecht, nadat de basis zijn voorganger Gilbert Lieben had weggestemd.Lebrun voelt zich gesteund door de basis. "De leden vragen al maanden hardere acties, niet alleen bij het spoor, maar bij de verschillende vervoersmaatschappijen en ook bij bpost. De federale overheid doet niets anders dan de overheidsbedrijven aanvallen. De verworven rechten zijn in gevaar, het ambtenarenapparaat wordt verminderd en de ambtenarenpensioenen worden hervormd. Deze aanvallen moeten stoppen."Lebrun hanteert een oude visie op de ambtenarij en de overheidsbedrijven: zij moeten voor een kwaliteitsvolle dienstverlening zorgen, maar men kan van hen niet eisen dat ze rendabel zijn. Dus aanpassingen van het ambtenarenstatuut zijn uit den boze. De overheid heeft volgens hem ook een herverdelende rol en is het ideale tewerkstellingskanaal wanneer de jobmarkt het moeilijk heeft.Lebrun ontkent dat de harde houding van de CGSP het gevolg is van gestook van de radicaal-linkse PTB/PvdA in de vakbond. Of van een bondgenootschap van de vakbond met de PS. Nochtans is het wel zo dat Socialistische Gemeenschappelijke Actie (SGA) aan Waalse kant nieuw leven is ingeblazen na het aantreden van de regering-Michel. De SGA is de samenwerking tussen de socialistische partij, vakbond en mutualiteit. Op sociale media doen foto's de ronde waarin PS-voorzitter Elio Di Rupo, Jean-Pascal Labille (Socialistische Mutualiteiten) en Marc Goblet (de Waalse nummer één van het ABVV) elkaar hartelijk de hand drukken. Is er dan toch een rode coalitie tegen de regering-Michel? Lebrun blijft dat ontkennen en wijst erop dat de CGSP de voorbije maanden ook actie heeft gevoerd tegen de besparingen door de Waalse regering. Op een bepaald ogenblik noemde Lebrun - zelf trouwens jarenlang een Waalse ambtenaar - de PS-cdH-regering van Paul Magnette "een bende autisten".Toch ziet Lebrun een verschil tussen de Waalse en de federale regering. "Aan Waalse kant is er meer bereidheid te praten met de vakbonden, ook al is het niet altijd gemakkelijk. Ik sluit niet uit dat de Waalse regering een arbeidsduurvermindering voor de ambtenaren doorvoert. Als de Waalse regering dat doet, bewijst ze meteen dat een ander beleid mogelijk is."Inderdaad, Waals minister voor Ambtenarenzaken Philippe Lacroix (PS) onderzoekt de mogelijkheid een vierdagenweek in te voeren in overheidsdiensten met zware beroepen. Het Waalse voorbeeld sterkt de Waalse vleugel van de overheidsvakbond in zijn voornemen ook de federale regering van koers te doen veranderen en de zogenaamde 'verworven rechten', zoals hogere pensioenen en kortere loopbanen, voor het overheidspersoneel te vrijwaren.Al is dat momenteel ijdele hoop. Patrick Lebrun en de zijnen staan geïsoleerd. De andere overheidsvakbonden volgen de CGSP amper of niet. Er is enkel wat flauwe steun van de Franstalige vleugel van de christelijke overheidsvakbond. Het ACOD/CGSP is weliswaar een machtige centrale in het ABVV (300.000 leden), maar het weegt nog altijd een stuk minder zwaar dan de Algemene Centrale en de bediendecentrale BBTK, die elk meer dan 400.000 leden tellen, in belangrijke mate in de privésector. Ook de invloedrijke Luikse metaalvakbond blijft stil, terwijl die in de jaren zestig en tachtig nochtans steevast op de eerste rij stond bij radicaal verzet tegen centrumrechtse regeringen. Zo ontstaat bij de socialistische vakbond, naast de verdeeldheid tussen de Waalse en de Vlaamse overheidsvakbond, een nieuwe tweespalt: tussen de vleugels die de privésector vertegenwoordigen enerzijds en de overheidsvakbonden anderzijds.