In 2019 gaven de overheden in dit land voor 4,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) meer uit dan de overheden in de buurlanden. De coronacrisis verscherpt het probleem. De Nationale Bank verwacht dat de overheidsuitgaven tegen 2024 nog eens met 3 procent stijgen tot 53 procent van het bbp, voor intrestlasten. Met zo'n zware jaarlijkse uitgavenlast is het bijna onbegonnen werk om nieuwe buffers te bouwen tegen de volgende crisis.

Het pleidooi van Vlaams Parlementslid Maurits Vande Reyde (Open Vld) voor de invoering van een uitgavennorm op Vlaams niveau verdient daarom navolging. Een uitgavennorm hoort tot het basisinstrumentarium van de overheid om de uitgaven in het gareel te houden, net als een continue doorlichting van de uitgaven of een budgettering vanaf een wit blad. Zijn die uitgaven nog opportuun? Wat is het nut van die begrotingspost? Kan dat geld niet beter worden besteed? Die vragen worden véél te weinig gesteld. Het zou van veel consequentie getuigen, mocht Open Vld ook op federaal niveau een uitgavennorm op tafel leggen. In de Wetstraat staat de uitgavenkraan wagenwijd open, terwijl de schulden stijgen. De Vlaamse overheidsschuld bedraagt 76 procent van de ontvangsten, maar de federale schuld loopt op tot meer dan 300 procent.

Uitgavennorm is een must voor de overheid.

Die cijfers ontslaan de Vlaamse regering niet van de noodzaak de uitgaven grondig door te lichten. Maar de sprong van een uitgavennorm naar een verplicht begrotingsoverschot, zoals Vande Reyde bepleit, is te veel van het goede. In goede tijden betekent een gezond begrotingsbeheer buffers aanleggen, maar in slechte tijden is een tekort niet noodzakelijk een slechte zaak. Maar nadenken over de uitgaven mag altijd.

In 2019 gaven de overheden in dit land voor 4,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) meer uit dan de overheden in de buurlanden. De coronacrisis verscherpt het probleem. De Nationale Bank verwacht dat de overheidsuitgaven tegen 2024 nog eens met 3 procent stijgen tot 53 procent van het bbp, voor intrestlasten. Met zo'n zware jaarlijkse uitgavenlast is het bijna onbegonnen werk om nieuwe buffers te bouwen tegen de volgende crisis. Het pleidooi van Vlaams Parlementslid Maurits Vande Reyde (Open Vld) voor de invoering van een uitgavennorm op Vlaams niveau verdient daarom navolging. Een uitgavennorm hoort tot het basisinstrumentarium van de overheid om de uitgaven in het gareel te houden, net als een continue doorlichting van de uitgaven of een budgettering vanaf een wit blad. Zijn die uitgaven nog opportuun? Wat is het nut van die begrotingspost? Kan dat geld niet beter worden besteed? Die vragen worden véél te weinig gesteld. Het zou van veel consequentie getuigen, mocht Open Vld ook op federaal niveau een uitgavennorm op tafel leggen. In de Wetstraat staat de uitgavenkraan wagenwijd open, terwijl de schulden stijgen. De Vlaamse overheidsschuld bedraagt 76 procent van de ontvangsten, maar de federale schuld loopt op tot meer dan 300 procent. Die cijfers ontslaan de Vlaamse regering niet van de noodzaak de uitgaven grondig door te lichten. Maar de sprong van een uitgavennorm naar een verplicht begrotingsoverschot, zoals Vande Reyde bepleit, is te veel van het goede. In goede tijden betekent een gezond begrotingsbeheer buffers aanleggen, maar in slechte tijden is een tekort niet noodzakelijk een slechte zaak. Maar nadenken over de uitgaven mag altijd.