Uit de berekeningen blijkt dat de werknemers van wie de baan minder onderhevig is aan tijdelijke werkloosheid eerder een aanvulling zullen krijgen om het loonverlies te compenseren. 'Bijvoorbeeld, door deze coronacrisis vallen bedienden minder snel/vaak dan arbeiders tijdelijk werkloos, maar van zij die het wel overkomt, zijn er procentueel meer die een aanvulling krijgen: 11,9 procent bedienden en 17,5 procent kaders tegenover 5,5 procent arbeiders', aldus Acerta. Bovendien geven grotere bedrijven sneller een aanvulling dan kleinere bedrijven.

Het bedrag van de aanvulling varieert volgens statuut. 82 procent van de tijdelijk werkloze arbeiders van wie de werkgever een aanvulling bekostigt, krijgen een aanvulling tussen 5 en de 20 euro per werkloosheidsdag, terwijl dat bij bedienden 59,3 procent is. Nog eens 28,5 procent van de bedienden krijgt tussen de 1 en 5 euro per dag. Bij kaderleden varieert de aanvulling tussen de 1 en 100 euro.

Acerta wijst er nog op dat kaderleden, van wie er 17,5 procent een aanvulling krijgen, een hoger loon hebben en dus meer verliezen aan tijdelijke werkloosheid. 'De berekening van de tussenkomst voor tijdelijke werkloosheid is geplafonneerd op een loon van 2.754,76 euro. Wie meer verdient, verliest dus meer van zijn vroeger besteedbaar inkomen', zegt directeur van het Kenniscentrum Kathelijne Verboomen. 'En daar zien we dus dat werkgevers, als ze die werknemers niet aan het werk kunnen houden, een aanvulling bekostigen.' Verboomen benadrukt nog dat het belangrijk is dat werkgevers hun werknemers tijdig en duidelijk informeren over eventuele aanvullingen, over de modaliteiten en de bedragen.

Uit de berekeningen blijkt dat de werknemers van wie de baan minder onderhevig is aan tijdelijke werkloosheid eerder een aanvulling zullen krijgen om het loonverlies te compenseren. 'Bijvoorbeeld, door deze coronacrisis vallen bedienden minder snel/vaak dan arbeiders tijdelijk werkloos, maar van zij die het wel overkomt, zijn er procentueel meer die een aanvulling krijgen: 11,9 procent bedienden en 17,5 procent kaders tegenover 5,5 procent arbeiders', aldus Acerta. Bovendien geven grotere bedrijven sneller een aanvulling dan kleinere bedrijven. Het bedrag van de aanvulling varieert volgens statuut. 82 procent van de tijdelijk werkloze arbeiders van wie de werkgever een aanvulling bekostigt, krijgen een aanvulling tussen 5 en de 20 euro per werkloosheidsdag, terwijl dat bij bedienden 59,3 procent is. Nog eens 28,5 procent van de bedienden krijgt tussen de 1 en 5 euro per dag. Bij kaderleden varieert de aanvulling tussen de 1 en 100 euro. Acerta wijst er nog op dat kaderleden, van wie er 17,5 procent een aanvulling krijgen, een hoger loon hebben en dus meer verliezen aan tijdelijke werkloosheid. 'De berekening van de tussenkomst voor tijdelijke werkloosheid is geplafonneerd op een loon van 2.754,76 euro. Wie meer verdient, verliest dus meer van zijn vroeger besteedbaar inkomen', zegt directeur van het Kenniscentrum Kathelijne Verboomen. 'En daar zien we dus dat werkgevers, als ze die werknemers niet aan het werk kunnen houden, een aanvulling bekostigen.' Verboomen benadrukt nog dat het belangrijk is dat werkgevers hun werknemers tijdig en duidelijk informeren over eventuele aanvullingen, over de modaliteiten en de bedragen.