Voor het Comité, dat de Federale minister van Pensioenen adviseert, kan de uitbreiding van de tweede pijler geen oplossing bieden voor een ontoereikende eerste pijler. Het Comité verwijst naar de verschillende ongelijkheden binnen de tweede pijler en de onzekerheden. De recente beurscrisissen bijvoorbeeld hebben tot verliezen geleid.

Het Comité beklemtoont dat gepensioneerden recht hebben op "een pensioen dat hen toelaat te leven zonder voelbaar verschil ten opzichte van de levensstandaard tijdens hun actieve leven". Het Comité eist voorts dat de inhaalbeweging van de laagste en oudste pensioenen wordt voortgezet.

Het Comité pleit voor een minimumpensioen dat gelijk is aan het minimumloon en voor de eenvormige verankering van de pensioenbonus vanaf de leeftijd van zestig jaar.

Tenslotte dringt het Comité ook aan op een progressieve afbouw van de belastingverminderingen en -vrijstellingen voor de verschillende vormen van aanvullende pensioenen. Die zorgen immers voor minder inkomsten voor de begroting en de sociale zekerheid.

Het Raadgevend Comité voor de pensioensector bestaat uit vertegenwoordigers van seniorenorganisaties; de Duitstalige Seniorenrat, de Conseil consultatif bruxellois francophone de l'Aide aux personnes et de la Santé, "Conseil consultatif du 3e âge" (Waals Gewest) en de Vlaamse Ouderenraad.

Voor het Comité, dat de Federale minister van Pensioenen adviseert, kan de uitbreiding van de tweede pijler geen oplossing bieden voor een ontoereikende eerste pijler. Het Comité verwijst naar de verschillende ongelijkheden binnen de tweede pijler en de onzekerheden. De recente beurscrisissen bijvoorbeeld hebben tot verliezen geleid. Het Comité beklemtoont dat gepensioneerden recht hebben op "een pensioen dat hen toelaat te leven zonder voelbaar verschil ten opzichte van de levensstandaard tijdens hun actieve leven". Het Comité eist voorts dat de inhaalbeweging van de laagste en oudste pensioenen wordt voortgezet. Het Comité pleit voor een minimumpensioen dat gelijk is aan het minimumloon en voor de eenvormige verankering van de pensioenbonus vanaf de leeftijd van zestig jaar. Tenslotte dringt het Comité ook aan op een progressieve afbouw van de belastingverminderingen en -vrijstellingen voor de verschillende vormen van aanvullende pensioenen. Die zorgen immers voor minder inkomsten voor de begroting en de sociale zekerheid.Het Raadgevend Comité voor de pensioensector bestaat uit vertegenwoordigers van seniorenorganisaties; de Duitstalige Seniorenrat, de Conseil consultatif bruxellois francophone de l'Aide aux personnes et de la Santé, "Conseil consultatif du 3e âge" (Waals Gewest) en de Vlaamse Ouderenraad.