En opeens is alles anders. Ik leid een bedrijf van achter de keukentafel. Via Skype bezegel ik met mijn collega-directieleden de grootste overname in de geschiedenis van onze organisatie. Ondertussen zie ik hoe mijn vrouw op de tippen van haar tenen loopt. Nu onze drie meerderjarige zonen plots weer in hotel mama vertoeven, stijgt haar huishoudelijke werklast met minstens 213 procent. En dat terwijl ze voor een angstige asielzoekster van wie ze buddy is, ook nog eens een onderkomen probeert te vinden buiten het door corona getroffen asielcentrum.

Het huis is omgebouwd tot een moderne coworkingruimte. Mijn oudste zoon, die in de bankwereld actief is, werkt aan een andere tafel op zijn laptop. De tweede, die webontwikkelaar is, heeft zijn slaapkamer omgetoverd tot een ontwikkelingslab. En nummer drie volgt tot het einde van dit academiejaar al zijn lessen digitaal.

Ik denk terug aan de tijd dat de bandbreedte thuis voor 98 procent werd opgeconsumeerd door gamende tieners en hun avatars. Is de kleine urban village waarin wij en vele andere gezinnen zich bevinden, een voorafspiegeling van waar onze samenleving naartoe evolueert? De vraag stellen is ze beantwoorden.

Elke crisis versnelt verandering. Na een crisis wijzigen wij plots ons gedrag en ons denken. De terroristische aanslagen in 2001 hebben vliegtuigreizen en luchthavens volledig veranderd zonder dat we erbij stilstonden. Sterker nog: we kunnen ons nauwelijks herinneren hoe Zaventem eruitzag voordat 9/11 de fundamenten van de westerse wereld deed daveren.

Zo zal het ook met de covid-19-crisis gaan. Plots zijn we ons ervan bewust dat objecten en mensen aanraken, ons gezicht betasten en in een kleine ruimte samen dezelfde lucht inademen een gezondheidsrisico inhouden. Gezellig samen zijn zal zeker nog kunnen, maar we zullen wellicht niet meer ontgoocheld zijn als een van de gasten afzegt wegens ziekte.

Pas nu beseffen we hoe makkelijk en ecologisch verantwoord thuiswerk is.

Voor de coroancrisis moest je een goede reden hebben om iets digitaal te doen wat je ook fysiek kon. Dat zal veranderen. Menselijke contacten met collega's, vrienden en docenten blijven belangrijk. Maar veel meer dan vroeger zal een deel van ons dagelijks leven worden gedigitaliseerd. Digitaal is permanente social distancing. Het geeft ons een veiliger gevoel door mensen die sociaal wat verder van ons afstaan ook letterlijk op afstand te houden.

Gevestigde waarden en gewoonten in combinatie met al te voorzichtige bureaucratische krachten hielden ons leven grotendeels gevangen in de analoge en fysieke wereld. Maar de gevolgen daarvan worden nu pijnlijk duidelijk. Ze zijn niet de reden, maar minstens een van de oorzaken waarom het coronavirus wereldwijd tienduizenden slachtoffers maakt.

Pas nu beseffen we hoe belangrijk het is digitale dokters te hebben die snel online diagnoses kunnen stellen en vervolgens medicatie kunnen voorschrijven. Pas nu beseffen we hoe belangrijk digitale apothekers zijn die de geneesmiddelen thuis bij de patiënt laten leveren. Pas nu beseffen we hoe belangrijk overal ongelimiteerd contactloos elektronisch betalen is. Pas nu beseffen we hoe makkelijk en ecologisch verantwoord thuiswerk is.

Regelgevers, vakbonden, politici en - laat ons eerlijk zijn - bedrijven hadden nog jarenlang met slepende voeten het wel en wee van al die zaken overwogen vooraleer die in te voeren, als deze crisis er niet was geweest. Maar de geest is uit de fles. Het wordt erg lastig en het gaat veel geld kosten om dat allemaal terug te draaien. Hoe aantrekkelijk is het nog om elke dag 's morgens in de file te staan? Om 's morgens in de wachtkamer van een huisdokter te zitten?

Het verschil tussen de wereld voor en na de crisis komt blijkbaar neer op het downloaden van een paar apps en toestemming krijgen van je baas en vooral van jezelf om het anders te doen. Laat ons hopen dat we - veel meer dan vroeger - de digitale mogelijkheden omarmen die ons leven prettiger en onze planeet gezonder maken. Dan heeft de coronacrisis toch iets positiefs voortgebracht.

En opeens is alles anders. Ik leid een bedrijf van achter de keukentafel. Via Skype bezegel ik met mijn collega-directieleden de grootste overname in de geschiedenis van onze organisatie. Ondertussen zie ik hoe mijn vrouw op de tippen van haar tenen loopt. Nu onze drie meerderjarige zonen plots weer in hotel mama vertoeven, stijgt haar huishoudelijke werklast met minstens 213 procent. En dat terwijl ze voor een angstige asielzoekster van wie ze buddy is, ook nog eens een onderkomen probeert te vinden buiten het door corona getroffen asielcentrum. Het huis is omgebouwd tot een moderne coworkingruimte. Mijn oudste zoon, die in de bankwereld actief is, werkt aan een andere tafel op zijn laptop. De tweede, die webontwikkelaar is, heeft zijn slaapkamer omgetoverd tot een ontwikkelingslab. En nummer drie volgt tot het einde van dit academiejaar al zijn lessen digitaal. Ik denk terug aan de tijd dat de bandbreedte thuis voor 98 procent werd opgeconsumeerd door gamende tieners en hun avatars. Is de kleine urban village waarin wij en vele andere gezinnen zich bevinden, een voorafspiegeling van waar onze samenleving naartoe evolueert? De vraag stellen is ze beantwoorden. Elke crisis versnelt verandering. Na een crisis wijzigen wij plots ons gedrag en ons denken. De terroristische aanslagen in 2001 hebben vliegtuigreizen en luchthavens volledig veranderd zonder dat we erbij stilstonden. Sterker nog: we kunnen ons nauwelijks herinneren hoe Zaventem eruitzag voordat 9/11 de fundamenten van de westerse wereld deed daveren. Zo zal het ook met de covid-19-crisis gaan. Plots zijn we ons ervan bewust dat objecten en mensen aanraken, ons gezicht betasten en in een kleine ruimte samen dezelfde lucht inademen een gezondheidsrisico inhouden. Gezellig samen zijn zal zeker nog kunnen, maar we zullen wellicht niet meer ontgoocheld zijn als een van de gasten afzegt wegens ziekte. Voor de coroancrisis moest je een goede reden hebben om iets digitaal te doen wat je ook fysiek kon. Dat zal veranderen. Menselijke contacten met collega's, vrienden en docenten blijven belangrijk. Maar veel meer dan vroeger zal een deel van ons dagelijks leven worden gedigitaliseerd. Digitaal is permanente social distancing. Het geeft ons een veiliger gevoel door mensen die sociaal wat verder van ons afstaan ook letterlijk op afstand te houden. Gevestigde waarden en gewoonten in combinatie met al te voorzichtige bureaucratische krachten hielden ons leven grotendeels gevangen in de analoge en fysieke wereld. Maar de gevolgen daarvan worden nu pijnlijk duidelijk. Ze zijn niet de reden, maar minstens een van de oorzaken waarom het coronavirus wereldwijd tienduizenden slachtoffers maakt. Pas nu beseffen we hoe belangrijk het is digitale dokters te hebben die snel online diagnoses kunnen stellen en vervolgens medicatie kunnen voorschrijven. Pas nu beseffen we hoe belangrijk digitale apothekers zijn die de geneesmiddelen thuis bij de patiënt laten leveren. Pas nu beseffen we hoe belangrijk overal ongelimiteerd contactloos elektronisch betalen is. Pas nu beseffen we hoe makkelijk en ecologisch verantwoord thuiswerk is. Regelgevers, vakbonden, politici en - laat ons eerlijk zijn - bedrijven hadden nog jarenlang met slepende voeten het wel en wee van al die zaken overwogen vooraleer die in te voeren, als deze crisis er niet was geweest. Maar de geest is uit de fles. Het wordt erg lastig en het gaat veel geld kosten om dat allemaal terug te draaien. Hoe aantrekkelijk is het nog om elke dag 's morgens in de file te staan? Om 's morgens in de wachtkamer van een huisdokter te zitten? Het verschil tussen de wereld voor en na de crisis komt blijkbaar neer op het downloaden van een paar apps en toestemming krijgen van je baas en vooral van jezelf om het anders te doen. Laat ons hopen dat we - veel meer dan vroeger - de digitale mogelijkheden omarmen die ons leven prettiger en onze planeet gezonder maken. Dan heeft de coronacrisis toch iets positiefs voortgebracht.