'Alles is veranderd.' Meteen na de inval van de Russen in Oekraïne was dat de grote titel op de cover van Trends. Ondertussen is de verandering in ons midden. De ondernemer, de spaarder, de consument... iedereen krijgt ermee te maken. De kunst is nu kalm te blijven en vooruit te kijken.
...

'Alles is veranderd.' Meteen na de inval van de Russen in Oekraïne was dat de grote titel op de cover van Trends. Ondertussen is de verandering in ons midden. De ondernemer, de spaarder, de consument... iedereen krijgt ermee te maken. De kunst is nu kalm te blijven en vooruit te kijken. Het is als een tsunami. Het epicentrum van de aardbeving ligt in Oekraïne. De echte slachtoffers vallen daar. Maar de golven rollen tot hier. De meest zichtbare golf is de oplopende inflatie. Geen mens die nog de illusie koestert dat dit een tijdelijk fenomeen is. De oorlog in Oekraïne, die rechtstreeks leidt tot hoge energieprijzen en een aanbodschok voor belangrijke producten en grondstoffen, versterkt alleen maar een tendens die al bezig was. Natuurlijk moeten we hopen dat de wapens snel zwijgen. Maar zelfs in dat geval zal de 'graanschuur van Europa' serieus moeten herstellen. De economische relatie met Rusland wordt geen business as usual. En de argwaan tegenover China gaat nooit meer weg. Dat alles heeft zijn prijs. Letterlijk. De vraag luidt nu of een klassieke aanscherping van het monetaire beleid de zaak kan kalmeren. In een economische context waarin Europa zich noodgedwongen meer op zichzelf terugplooit, is dat niet vanzelfsprekend. De automatische loonindexering maakt België extra kwetsbaar. Veel bedrijven hebben de jongste jaren aardige reserves opgebouwd en kunnen tegen een stootje. Maar een langdurige periode waarin de loonkosten automatisch stijgen - en sneller dan in de ons omringende landen - is nog wat anders. Een loon-prijsspiraal betekent hoe dan ook verlies van concurrentiekracht. Hier en daar begint het woord 'indexsprong' te vallen. Alweer leert de geschiedenis dat zo'n indexsprong er uiteindelijk wel eens komt, maar het zal niet voor meteen zijn. We hebben er de regering niet voor. En het is nog te begrijpen ook. Uiteraard kijkt elke ondernemer tegen oplopende kosten aan. In zowat elk bedrijf wordt dezer dagen druk gerekend. De sterkere ondernemingen kunnen de hogere prijzen nog altijd doorrekenen. Sommige volledig, andere gedeeltelijk en sommige zelfs meer dan noodzakelijk. De inflatiegolf gaat met schaarste gepaard op veel meer markten dan energie alleen. Er zit behoorlijk wat speculatie en hamstergedrag in verrekend, en dus zijn er nog altijd kassa's die rinkelen. Dat is in elke crisis zo. Veel belandt uiteindelijk op het bord van de consument. In Trends van deze week leest u al dat de eerste verschuivingen in het consumptiegedrag zichtbaar worden. Zeker de lagere middenklasse is bang. Minder merkproducten, minder mode, misschien geen vakantie. Laat ons eerst de energierekening van de komende maanden maar eens in het oog houden, luidt de redenering in veel gezinnen. Diezelfde middenklasse is het meest kwetsbaar voor de ontwaarding van haar spaargeld. Onlangs nog hield Trends een pleidooi - met een laagdrempelige gids erbovenop - om te investeren in plaats van toe te kijken hoe spaarcentjes steeds sneller verdampen. Ook de beurs wordt geen moeiteloze rit naar boven bij een krapper geldbeleid. Voor overdreven optimisme is geen plaats, maar voor een betere bescherming tegen inflatie wel. En op de lange termijn zijn het de bedrijven die de economie erbovenop zullen houden. Het wordt spitsroeden lopen. De economische schade verdelen, het overheidsbeslag toch niet verder laten oplopen, en vooruitkijken. Het nieuwe Europese zelfbewustzijn creëert ook kansen. We hebben de jongste jaren veel dure analyses gelezen over de proteststemmen bij de lagere middenklasse, die niet geprofiteerd zou hebben van de globalisering. Als de Europese economie veel minder afhankelijk wordt van het buitenland, zullen we handen te kort komen. Daar profiteert straks iedereen van. Dat moeten we nu al aan de mensen vertellen.