Het Westen heeft zich de afgelopen veertien dagen met een duizelingwekkende snelheid in een economische oorlog gestort. Dat roept drie vragen op. Kunnen we die economische oorlog winnen? Zo ja, tegen welke prijs? En zullen de burgers bereid zijn die prijs te betalen?
...

Het Westen heeft zich de afgelopen veertien dagen met een duizelingwekkende snelheid in een economische oorlog gestort. Dat roept drie vragen op. Kunnen we die economische oorlog winnen? Zo ja, tegen welke prijs? En zullen de burgers bereid zijn die prijs te betalen? Voorlopig hoedt de NAVO zich ervoor om actief in het conflict betrokken te raken. De kans dat dit gebeurt, bestaat nog altijd. De eerste NAVO-lidstaten grenzen aan Oekraïne, Rusland of Wit-Rusland. Tot aan het einde van de jaren tachtig behoorden ze tot de Sovjet-Unie of minstens tot het Warschaupact, destijds de communistische tegenhanger van de NAVO. We weten dat Vladimir Poetin heimwee heeft naar het machtsblok van weleer. We weten ook dat hij onder enorme druk staat om te slagen. De een of andere conventionele of nucleaire escalatie blijft dus mogelijk, ook al lijkt het erop dat de Russen voorlopig genoeg katten te geselen hebben op het huidige slagveld. Ondertussen zien we steeds duidelijker de gevolgen van de economische oorlog met het Westen. Alle klassieke economische indicatoren in Rusland zijn gecrasht. De toenemende westerse sancties zullen Rusland in een soort overlevingsmodus duwen. Het wordt grotendeels een pure oorlogseconomie, die enkel oog heeft voor bevoorrading: voedsel, olie en wapentuig. Dat kun je lang uitzingen, maar de schade aan het economische weefsel zal gigantisch groot zijn. Hoezeer wij ook van Rusland afhankelijk zijn voor olie, gas en sommige grondstoffen, omgekeerd zijn de Russen minstens even afhankelijk van het Westen. Hun enige ontsnappingsroute is China, maar dat blaast warm en koud. Heel opmerkelijk is de uittocht van westerse bedrijven. Veiligheidsrisico's spelen zeker een rol, want het risico op repressie zal alleen maar toenemen. Puur economische motieven spelen ook. Wie zal die bedrijven nog betalen en in welke munt? Maar er is vooral druk vanuit het Westen. Grote bedrijven vrezen reputatieschade en nemen de benen. Op deze schaal hebben we dat nooit eerder gezien. Ook Europa zet zich beter schrap. De prijsexplosie van aardolie, gas en een aantal grondstoffen is nog maar een begin. Noord-Afrika maakt zich nu al grote zorgen over de stijgende graanprijzen. Misschien krijgen we straks niet alleen vluchtelingen aan onze oostgrens, maar ook opnieuw in Zuid-Europa. Ondertussen groeit de vrees voor stagflatie: geen economische groei, maar een hoge inflatie. U leest er alles over in Trends van deze week. De inflatie piekte al door corona, maar de oorlogseconomie jaagt ze verder omhoog en de kans wordt steeds groter dat ze zichzelf begint te voeden. Daar komen ook nog eens nieuwe miljardeninvesteringen in defensie bij. Ook dat leest u deze week in Trends. Minder versnippering zou Europa véél meer slagkracht opleveren dan weer eens vele tientallen miljarden te investeren in elk nationaal leger afzonderlijk. Zelfs zonder het Verenigd Koninkrijk geven we nu al vijf keer meer uit aan defensie dan Vladimir Poetin. Europa heeft zelfs meer soldaten dan de Verenigde Staten. Toch schrikken onze legers niemand af. Ook onze andere uitdagingen zijn niet verdwenen. We zullen nog sneller zwaar moeten investeren in hernieuwbare energie. Ook daarvoor zijn dure, schaarse grondstoffen nodig. De vergrijzing staat nog altijd voor de deur. En zoals we tot in den treure herhalen: in België komt de kwetsbaarheid van onze overheidsfinanciën er bij elke crisis nog eens bovenop. Veel van dat alles komt op het bord van de mensen terecht. Ze zien hun spaargeld eroderen, misschien zullen ze hun baan verliezen of krijgen ze hun benzinetank niet meer gevuld. Voorlopig overheerst de terechte verontwaardiging. Maar blijft dat zo? Hebben we genoeg politieke wil, economische slagkracht en internationale solidariteit om iedereen hier doorheen te loodsen? Deze oorlog is een serieuze test voor ons allemaal: burgers, bedrijven en overheden. Het draait om onze vrijheid. Maar die is duurder dan ooit.