De Belgische economische motor is tot dusver op een relatief hoog toerental blijven draaien, met een sterke banengroei en een historisch lage werkloosheid. Het reëel bruto binnenlands product (bbp) groeide vorig jaar met 1,4 procent, meer dan het gemiddelde in het eurogebied. Er werden in 2019 ruim 70.000 banen gecreëerd en de werkloosheidsgraad bereikte een dieptepunt van 5,4 procent. Dat blijkt uit het recente rapport van het IMF over ons land.

Tot daar het goede nieuws. Het IMF meldt namelijk in het rapport over ons land dat de toestand van de overheidsfinanciën er in België sterk op achteruit aan het gaan is. De inkomsten daalden door de lopende taxshift en het wegvallen van tijdelijke factoren. Met ongeveer 100 procent van het bbp blijft de overheidsschuld een van de hoogste in het eurogebied. "En omdat België momenteel geleid wordt door een regering van lopende zaken is de manoeuvreerruimte beperkt", zegt IMF-missiechef Delia Velculescu.

Verwacht wordt dat de Belgische groei dit en volgend jaar zal vertragen tot 1,2 procent. Maar risico's zoals een escalatie van de handelsspanningen, het coronavirus of een verdere groeivertraging in de eurozone, kunnen nog wegen op die vooruitzichten. En langdurige politieke onzekerheid kan bovendien het vertrouwen en de bedrijvigheid aantasten. Bij ongewijzigd beleid zal het begrotingstekort volgens het IMF verder oplopen.

Op korte termijn moeten de beleidsmakers volgens het IMF daarom de risico's beperken door onder meer een betere beheersing van de uitgaven en door weerstand te bieden aan een verdere toename van het tekort. "Ook de handhaving van de begrotingsdiscipline op subnationaal niveau is van essentieel belang", aldus Velculescu, die benadrukt dat elk overheidsniveau zijn deel moet doen.

Een nieuwe regering zou de vergrijzingsproblematiek moeten aanpakken, de overheidsschuld op een neerwaarts pad brengen, de werkgelegenheid en productiviteitsgroei stimuleren, de klimaatverbintenissen nakomen en de financiële stabiliteit vrijwaren. Volgens het IMF moet tegen 2024 een structureel begrotingsevenwicht bereikt worden met een begrotingsinspanning van ongeveer 0,5 procent van het bbp per jaar.

De Belgische economische motor is tot dusver op een relatief hoog toerental blijven draaien, met een sterke banengroei en een historisch lage werkloosheid. Het reëel bruto binnenlands product (bbp) groeide vorig jaar met 1,4 procent, meer dan het gemiddelde in het eurogebied. Er werden in 2019 ruim 70.000 banen gecreëerd en de werkloosheidsgraad bereikte een dieptepunt van 5,4 procent. Dat blijkt uit het recente rapport van het IMF over ons land.Tot daar het goede nieuws. Het IMF meldt namelijk in het rapport over ons land dat de toestand van de overheidsfinanciën er in België sterk op achteruit aan het gaan is. De inkomsten daalden door de lopende taxshift en het wegvallen van tijdelijke factoren. Met ongeveer 100 procent van het bbp blijft de overheidsschuld een van de hoogste in het eurogebied. "En omdat België momenteel geleid wordt door een regering van lopende zaken is de manoeuvreerruimte beperkt", zegt IMF-missiechef Delia Velculescu. Verwacht wordt dat de Belgische groei dit en volgend jaar zal vertragen tot 1,2 procent. Maar risico's zoals een escalatie van de handelsspanningen, het coronavirus of een verdere groeivertraging in de eurozone, kunnen nog wegen op die vooruitzichten. En langdurige politieke onzekerheid kan bovendien het vertrouwen en de bedrijvigheid aantasten. Bij ongewijzigd beleid zal het begrotingstekort volgens het IMF verder oplopen. Op korte termijn moeten de beleidsmakers volgens het IMF daarom de risico's beperken door onder meer een betere beheersing van de uitgaven en door weerstand te bieden aan een verdere toename van het tekort. "Ook de handhaving van de begrotingsdiscipline op subnationaal niveau is van essentieel belang", aldus Velculescu, die benadrukt dat elk overheidsniveau zijn deel moet doen.Een nieuwe regering zou de vergrijzingsproblematiek moeten aanpakken, de overheidsschuld op een neerwaarts pad brengen, de werkgelegenheid en productiviteitsgroei stimuleren, de klimaatverbintenissen nakomen en de financiële stabiliteit vrijwaren. Volgens het IMF moet tegen 2024 een structureel begrotingsevenwicht bereikt worden met een begrotingsinspanning van ongeveer 0,5 procent van het bbp per jaar.