In 2015 kwamen er in België meer dan 40.000 banen bij. Tegen eind dit jaar worden er netto wellicht evenveel gecreëerd. In oktober telde Vlaanderen 221.000 werklozen, 4 procent minder dan vorig jaar. Dat is de sterkste daling in vijf jaar. Ondanks de herstructureringen en de bedrijfssluitingen doet de Belgische arbeidsmarkt het goed. Tenminste, voor wie een baan heeft waarvoor een hogere opleiding of...

In 2015 kwamen er in België meer dan 40.000 banen bij. Tegen eind dit jaar worden er netto wellicht evenveel gecreëerd. In oktober telde Vlaanderen 221.000 werklozen, 4 procent minder dan vorig jaar. Dat is de sterkste daling in vijf jaar. Ondanks de herstructureringen en de bedrijfssluitingen doet de Belgische arbeidsmarkt het goed. Tenminste, voor wie een baan heeft waarvoor een hogere opleiding of een technische scholing nodig is. Aan de onderkant van de arbeidsmarkt is het huilen met de pet op. Laagbetaalde banen (twee derde van het mediaanloon van 3414 euro bruto) maken in België slechts 5 procent van de werkenden uit. In Nederland en Duitsland is dat een stuk meer: 20 tot 25 procent. Veel Belgen die in aanmerking komen voor een laagbetaalde baan - vooral in de horeca, de logistiek, de e-commerce, de kleinhandel of de schoonmaak - zijn werkloos. De werkzaamheidsgraad van laaggeschoolden in België is 46,6 procent, tegenover het nationale gemiddelde van 67 procent. Er zijn nog te veel hindernissen voor laaggeschoolden die de stap naar de arbeidsmarkt willen zetten. Er is de stringente arbeidsreglementering rond het weekend- en nachtwerk, al wordt die nu bijgestuurd. Maar vooral: er zijn de relatief royale sectorale loonakkoorden die maken dat lage lonen 10 tot 30 procent hoger liggen dan het al hoge brutominimumloon van 1500 euro. Wie al een baan heeft, wordt goed verdedigd door de vakbonden in de paritaire comités die sectorale akkoorden afsluiten. Wie geen baan heeft, profiteert daar veel minder van. Voor een regering die wil focussen op de onderkant van de arbeidsmarkt, zijn klassieke maatregelen als loonkostverlagingen via lagere sociale bijdragen dus onvoldoende. Naast de beloofde verlaging van het brutominimumloon voor jongeren is er behoefte aan minder royale loonakkoorden aan de onderkant van de arbeidsmarkt, zonder dat die mensen voor een veel te laag salaris moeten werken.