Amper een jaar geleden stond de olieprijs op een historisch dieptepunt. Tankers dreven rond op zee met olie die niemand wilde. Vandaag staan de gasvoorraden in Europa op een nooit gezien laag niveau. Hopelijk wordt het geen lange koude winter, want die zou aardgas nog schaarser en duurder maken. Het zijn symptomen van de stormachtige energiemarkt die op ons afkomt. Schokgolven? Absurde prijzen? Onzekerheid? Het wordt een rollercoaster.
...

Amper een jaar geleden stond de olieprijs op een historisch dieptepunt. Tankers dreven rond op zee met olie die niemand wilde. Vandaag staan de gasvoorraden in Europa op een nooit gezien laag niveau. Hopelijk wordt het geen lange koude winter, want die zou aardgas nog schaarser en duurder maken. Het zijn symptomen van de stormachtige energiemarkt die op ons afkomt. Schokgolven? Absurde prijzen? Onzekerheid? Het wordt een rollercoaster. Een stabiele energiebevoorrading is niet vanzelfsprekend, al hebben we ons altijd wijsgemaakt dat dat wél zo is. Na de eerste oliecrisis met zijn autoloze zondagen was energiebevoorrading nooit meer een issue. Aardgas was er altijd en kwam van verschillende producenten. Om olie werd af en toe gevochten en de prijzen durfden te schommelen, maar er was genoeg. De kerncentrales zorgden voor flink meer dan de helft (nu nog 40%) van onze elektriciteit. Die zekerheid is weg. Enkele jaren geleden hoorden we voor het eerst over afschakelingsprogramma's voor elektriciteit bij extreme koude. De regering raadde ons aan eenpansgerechten klaar te maken om minder te verbruiken. "Dat kan alleen in een apenland", was de teneur. De toestand is sindsdien alleen maar complexer geworden. De huidige gascrisis is een internationaal probleem. Sommige landen, zoals Noorwegen en Nederland, schroeven hun productie terug omdat aardgas niet langer de toekomst is. Rusland probeert de energieprijzen naar zijn hand te zetten om politieke druk uit te oefenen én de belabberde toestand van zijn eigen economie te maskeren. Op de achtergrond speelt de stijgende kostprijs van CO2-emissierechten. Die zijn noodzakelijk: ze moeten in de eerste plaats steenkool en zoetjesaan ook aardolie uit de markt duwen. Speculatie en angst regeren de energiemarkt. Elk streepje nieuws over mogelijke bevoorradingsproblemen duwt de gasprijs nog verder omhoog. De olieprijs volgt, want de elektriciteitsproducenten switchen. Het begint geld te kosten aan bedrijven en gezinnen, en dat maakt de politiek dan weer zenuwachtig. Ondertussen zijn we met z'n allen aan het wroeten richting energietransitie. Alleen is er geen onzichtbare hand die dat proces tot in de kleinste details regisseert. De klassieke energiebedrijven investeren minder in nieuwe aardgas- en olievelden. Dat zullen we vroeg of laat voelen. Ondertussen investeren we terecht massaal in hernieuwbare energie. Maar de technologische ontwikkelingen zijn verre van voltooid. Efficiëntie en energieopslag blijven voor verbetering vatbaar. Kernenergie is dan weer ten dode opgeschreven. Maar niemand durft echt te garanderen dat er geen stroomtekorten komen nadat ze gesloten zijn. Geopolitiek, energietransitie, stijgende vraag, innovatie: het gebeurt allemaal tegelijkertijd. Sommige landen - zoals Scandinavië en Duitsland - hebben dat tijdig ingezien en staan verder in hun proces naar hernieuwbare, duurzame en bedrijfszekere energievoorziening. Wij blijven improviseren. Stijgen de prijzen? Dan lanceert iedereen zijn eigen ideetje om de pil te verzachten. De kerncentrales sluiten? Wacht tot het eigenlijk te laat is om te beslissen. Ga met het mes op de keel naar de markt om te zien hoeveel subsidies je moet betalen voor nieuwe gascentrales. En bid vervolgens dat het een of andere gewest daar vergunningen voor wil uitreiken. Aan het einde van de rit zullen we er allemaal beter van worden: meer hernieuwbare energie, propere lucht, slimmer verbruik, minder afhankelijk van Russen of Saudi's. Maar de rit zelf belooft héél hobbelig te worden. Eén voordeel hebben we: iedereen zal beseffen dat energie niet vanzelfsprekend is. En dat de beste energie inderdaad degene is die we niet verbruikt hebben.