In een gezamenlijke verklaring engageren de Vlaamse regering en de sociale partners zich om in deze legislatuur 120.000 mensen extra aan het werk te krijgen. Zo kan de werkzaamheidsgraad worden opgetrokken van 75 naar 80 procent, een doelstelling die in het Vlaamse regeerakkoord staat. Voka-arbeidsmarktexpert Sonja Teughels is positief maar realistisch over de doelstellingen.
...

In een gezamenlijke verklaring engageren de Vlaamse regering en de sociale partners zich om in deze legislatuur 120.000 mensen extra aan het werk te krijgen. Zo kan de werkzaamheidsgraad worden opgetrokken van 75 naar 80 procent, een doelstelling die in het Vlaamse regeerakkoord staat. Voka-arbeidsmarktexpert Sonja Teughels is positief maar realistisch over de doelstellingen.120.000 of 24.000 banen per jaar extra, al is het cijfer dat circuleert 11.000 per jaar.SONJA TEUGELS. "De doelstelling is 24.000 extra banen per jaar, maar tegelijk verlaten jaarlijks ook 13.000 Vlamingen de arbeidsmarkt, meestal omdat ze met pensioen gaan. Dat maakt 37.000. Volgens de conjunctuurvooruitzichten komen er per jaar sowieso 26.000 jobs bij. Er zijn er dus 11.000 extra nodig om die doelstellingen te bereiken."Is dat haalbaar als we dat vergelijken met de Vlaamse jobcreatie van de voorbije jaren?TEUGELS. "Tussen 2015 en 2019 kwamen er gemiddeld 38.000 banen per jaar bij. Het Planbureau raamt 20.000 extra banen voor de komende vier jaar. Dat zijn natuurlijk algemene cijfers. Een conjunctuurschok, een recessie, een negatieve impact van het coronavirus: alles blijft mogelijk. Onze economie blijft kwetsbaar, maar dit akkoord tussen Vlaamse regering en sociale partners komt niet uit de lucht gevallen. Het is goed dat iedereen mee aan boord is. Er is een consensus dat de mensen meer en langer aan het werk moeten, maar dat zal niet gebeuren met de bestaande aanpak. Je kunt die doelstellingen niet halen door alleen in te spelen op het krimpende leger klassieke uitkeringsgerechtigde werklozen. Je moet ook verder kijken, naar de groep inactieven. Dat betekent een andere werking van de VDAB.""Diens aanpak is nu gestoeld op een ingeschreven werkloze met een uitkering van de RVA die beschikbaar en werkzoekend is. Daar zijn rechten en plichten aan verbonden. Nu moet een groep aangesproken worden die niet in die logica past."Die arbeidsreserve is toch zeer gevarieerd: mensen met een leefloon, langdurig arbeidsongeschikten, jongeren die zich niet aanbieden op de arbeidsmarkt,...TEUGELS. "Dat zijn verschillende lagen en dus is de vraag of die mensen opnieuw aan de slag kunnen worden geholpen. Verschillende factoren spelen een rol. De Vlaamse regering stelt zich wel bloot aan kritiek, maar neemt tegelijk het engagement om ervoor te gaan.""Er zal ook veel moeten worden samengewerkt tussen Vlaamse overheid, lokale besturen en VDAB. De VDAB staat voor een belangrijke uitdaging. Er is overleg nodig omdat een belangrijk deel van het arbeidsreservoir dat we willen aanspreken niet ingeschreven is bij de VDAB. Het zal tijd kosten om alle instanties de neuzen in dezelfde richting te krijgen en mee te gaan in die activering. Dat wordt een werk van lange adem. Dat geldt voor alle inactieven."Hoe kunnen de lokale besturen meehelpen aan de tewerkstelling van inactieven?TEUGELS. "Wie het Vlaamse regeerakkoord leest, merkt dat er een groot vertrouwen is in de lokale overheden om mensen te bereiken. De VDAB heeft al overeenkomsten gesloten met bijvoorbeeld Antwerpen om bedrijven en lokale werknemers samen te brengen, om mensen met een leefloon te activeren, en om de jeugdwerkloosheid aan te pakken.""Op lokaal niveau gebeurt er dus al wat, maar het kan zeker beter. De PWA-diensten, lokale diensten voor de tewerkstelling van laaggeschoolden, werden omgedoopt naar wijkwerking. Mensen zouden een tijd via klussen werkervaring opdoen en dat moest passen in een traject naar werk. Maar dat was onvoldoende activerend om mensen naar een baan te loodsen."Kunnen die doelstellingen gehaald worden zonder extra federale maatregelen?TEUGELS. "Het blijft wachten op een volwaardige federale regering die een eigen arbeidsmarktbeleid voert. Ook voor de langdurig arbeidsongeschikten en zieken is een doortastend beleid nodig en dat vooral een federale bevoegdheid."