We hebben allemaal advies nodig. We vragen raad aan onze familie, vrienden, collega's en soms aan professionals. We - met uitzondering van Elon Musk - kunnen het niet allemaal zelf weten. We lezen tijdschriften en boeken, volgen opleidingen en luisteren naar podcasts in de hoop dat we nadien betere beslissingen nemen. We maken daarbij meestal dezelfde fout: we vragen te veel advies aan mensen die we kennen en te weinig aan mensen die echt competent zijn. Dat dacht ik tenminste tot ik de recente studie las over scrabblespelers. De beste spelers geven méér adviezen aan beginnelingen en zijn op die manier geloofwaardiger en invloedrijker, maar hun adviezen zijn níét beter.

Stel dat je regelmatig op zondagochtend fietst. Je wilt langer en sneller kunnen fietsen. Aan wie vraag je raad? Aan Eddy Merckx natuurlijk. Dan verwar je geloofwaardigheid door topprestaties met competentie in advies geven. Toppresteerders, zowel in de sport als in het bedrijfsleven, handelen heel intuïtief. Dat is geen mysterieus zesde zintuig, maar een verzameling uiteenlopende ervaringen en ingeslepen automatismen. Een ervaren CEO weet instinctief welke signalen wijzen op gevaar, een topsporter moet zelfs over twee patronen beschikken: hij moet het spel in een fractie van een seconde overzien en dan nog correct handelen: de juiste pas geven of afremmen.

Aan wie vraag je het best advies?

Omdat die processen vaak half- of onbewust verlopen, is het voor de expert moeilijk zijn kennis door te geven. Dat heeft zelden te maken met het beschermen van status of macht. Integendeel: het is vaak pure onmacht. Dat is waarschijnlijk ook de reden waarom de beste sporters daarom nog niet de beste trainers worden. Trainers hebben vooral goed geobserveerd, zijn bijzonder nieuwsgierig, willen altijd bijleren, analyseren graag en net als Leonardo da Vinci maken ze graag een schets. Ze proberen succes te modelleren, in pijltjes te vatten. Eenvoudig is dat niet, maar bijna onmogelijk voor de toppresteerder zelf.

Aan wie vraag je het best advies? Huldig eerst en vooral het principe van de Romeinen: timeo virum unius libri. Ik vrees de man van slechts één boek. Als je beleggingsadvies zoekt, blijf weg van de man die rijk is geworden met bitcoins. Zoek mensen met gevarieerde ervaringen, het liefst rechtstreekse. Dat betekent dat ze ook ervaring met nederlagen moeten hebben. Vraag geen raad aan iemand die eindeloos succesvol was. Zulke mensen zijn bedriegers of hebben veel geluk gehad. Vraag advies aan mensen die gereflecteerd hebben over wat ze hebben meegemaakt, die hun inzichten weleens vergelijken met wat ze in boeken hebben gelezen. Die boeken kunnen verkeerd zijn, het belangrijkste is dat ze de moeite doen om hun ideeën te toetsen aan die van anderen.

Een volgende raad: vraag zo snel mogelijk een tweede opinie. Meestal vragen we die te laat, als het kalf al bijna verdronken is. Raadpleeg wijze mensen in de beginfase, wanneer je nog speelt met het idee en nog niet vastgeklonken zit aan één oplossing.

Een laatste advies, want u leest verder en bent dus bereid mijn advies te volgen: als het allemaal te mooi klinkt om waar te zijn, of te erg, let dan dubbel op. Alle vormen van oplichting vertrekken van die blindheid. Als het te mooi is om waar te zijn, is het waarschijnlijk ook niet waar. Als het nieuws zo dramatisch slecht is dat je dringend ergens op moet klikken, waarom word je dan niet gewaarschuwd op een andere manier?

Van de scrabblespelers leren we vooral: leer niet van hen, maar van mensen die hen bestudeerd hebben, die geprobeerd hebben te begrijpen waarom ze zo succesvol zijn. Luister dus zeker naar de Trends Manager of the Year, maar nog iets meer naar de persoon die hem of haar heeft geïnterviewd volgens de regels van de kunst.

We hebben allemaal advies nodig. We vragen raad aan onze familie, vrienden, collega's en soms aan professionals. We - met uitzondering van Elon Musk - kunnen het niet allemaal zelf weten. We lezen tijdschriften en boeken, volgen opleidingen en luisteren naar podcasts in de hoop dat we nadien betere beslissingen nemen. We maken daarbij meestal dezelfde fout: we vragen te veel advies aan mensen die we kennen en te weinig aan mensen die echt competent zijn. Dat dacht ik tenminste tot ik de recente studie las over scrabblespelers. De beste spelers geven méér adviezen aan beginnelingen en zijn op die manier geloofwaardiger en invloedrijker, maar hun adviezen zijn níét beter. Stel dat je regelmatig op zondagochtend fietst. Je wilt langer en sneller kunnen fietsen. Aan wie vraag je raad? Aan Eddy Merckx natuurlijk. Dan verwar je geloofwaardigheid door topprestaties met competentie in advies geven. Toppresteerders, zowel in de sport als in het bedrijfsleven, handelen heel intuïtief. Dat is geen mysterieus zesde zintuig, maar een verzameling uiteenlopende ervaringen en ingeslepen automatismen. Een ervaren CEO weet instinctief welke signalen wijzen op gevaar, een topsporter moet zelfs over twee patronen beschikken: hij moet het spel in een fractie van een seconde overzien en dan nog correct handelen: de juiste pas geven of afremmen. Omdat die processen vaak half- of onbewust verlopen, is het voor de expert moeilijk zijn kennis door te geven. Dat heeft zelden te maken met het beschermen van status of macht. Integendeel: het is vaak pure onmacht. Dat is waarschijnlijk ook de reden waarom de beste sporters daarom nog niet de beste trainers worden. Trainers hebben vooral goed geobserveerd, zijn bijzonder nieuwsgierig, willen altijd bijleren, analyseren graag en net als Leonardo da Vinci maken ze graag een schets. Ze proberen succes te modelleren, in pijltjes te vatten. Eenvoudig is dat niet, maar bijna onmogelijk voor de toppresteerder zelf. Aan wie vraag je het best advies? Huldig eerst en vooral het principe van de Romeinen: timeo virum unius libri. Ik vrees de man van slechts één boek. Als je beleggingsadvies zoekt, blijf weg van de man die rijk is geworden met bitcoins. Zoek mensen met gevarieerde ervaringen, het liefst rechtstreekse. Dat betekent dat ze ook ervaring met nederlagen moeten hebben. Vraag geen raad aan iemand die eindeloos succesvol was. Zulke mensen zijn bedriegers of hebben veel geluk gehad. Vraag advies aan mensen die gereflecteerd hebben over wat ze hebben meegemaakt, die hun inzichten weleens vergelijken met wat ze in boeken hebben gelezen. Die boeken kunnen verkeerd zijn, het belangrijkste is dat ze de moeite doen om hun ideeën te toetsen aan die van anderen. Een volgende raad: vraag zo snel mogelijk een tweede opinie. Meestal vragen we die te laat, als het kalf al bijna verdronken is. Raadpleeg wijze mensen in de beginfase, wanneer je nog speelt met het idee en nog niet vastgeklonken zit aan één oplossing. Een laatste advies, want u leest verder en bent dus bereid mijn advies te volgen: als het allemaal te mooi klinkt om waar te zijn, of te erg, let dan dubbel op. Alle vormen van oplichting vertrekken van die blindheid. Als het te mooi is om waar te zijn, is het waarschijnlijk ook niet waar. Als het nieuws zo dramatisch slecht is dat je dringend ergens op moet klikken, waarom word je dan niet gewaarschuwd op een andere manier? Van de scrabblespelers leren we vooral: leer niet van hen, maar van mensen die hen bestudeerd hebben, die geprobeerd hebben te begrijpen waarom ze zo succesvol zijn. Luister dus zeker naar de Trends Manager of the Year, maar nog iets meer naar de persoon die hem of haar heeft geïnterviewd volgens de regels van de kunst.