Als de regering-Michel haar regeerakkoord naar de letter had uitgevoerd, zouden er nu nauwelijks of geen mensen onder 60 jaar gebruik maken van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT), zoals het brugpensioen officieel heet.

Om meer 55-plussers aan het werk te krijgen, beloofde de federale regering bij haar aantreden dat vanaf 2017 niemand nog voor de leeftijd van 60 jaar met brugpensioen zou kunnen gaan. Onder druk van de vakbonden en de werkgeversorganisaties werd de hervorming meer gespreid in de tijd. Op die manier stopten vorig jaar 988 mensen op hun 58ste met werken via het brugpensioen. In totaal konden in 2018 zelfs nog 2.304 mensen voor hun 60ste verjaardag in het stelsel stappen. Door die aanhoudende instroom zijn er nog altijd 6.333 mensen van jonger dan 60 jaar met brugpensioen.

Het totale aantal bruggepensioneerden is door de hervormingen van de regering-Michel wel fors gedaald, want ondanks versoepelingen gingen de leeftijdsvoorwaarden toch geleidelijk omhoog.