"Een delegatie van de actievoerders zal in Brussel worden ontvangen door het kabinet", meldt de advocaat van de arbeiders, Jan Buelens. "Er is na twee maanden nog steeds geen oplossing voor alle slachtoffers van mensenhandel die werkzaam waren voor Irem (de Italiaanse ondernaannemer van Borealis, red.) op de werf in Kallo." De lassers en pijpfitters werden volgens Buelens naar ons land gelokt met valse beloftes, kregen geen kopie van hun arbeidscontract en verdienden veel minder dan het minimumloon. Tot slot werden ze, aldus de advocaat, in mensonwaardige omstandigheden gehuisvest. "Borealis was al sinds april op de hoogte van wanpraktijken, maar pas na druk uit de media, verbrak het bedrijf eind juli het contract met Irem", zegt Buelens. "De werknemers werden vanaf dat ogenblik helemaal niet meer betaald." Al zeker 138 arbeiders werden erkend als slachtoffer van mensenhandel. Naast Filipino's en Bengalezen waren er Turken en Oekraïners aan het werk op de werf. Het gaat om de grootste zaak van mensenhandel en economische uitbuiting in België. "Ondanks de erkenning, startte de regering niet de bijhorende procedure op", stelt Buelens vast. "Daardoor hebben de arbeiders geen verblijfsvergunning, geen werk en geen opvang of begeleiding. Als erkende slachtoffers van mensenhandel is de overheid verplicht om de procedure op te starten. Toch geven de regeringen niet het minste teken van leven." Op 9 september vond het laatste overleg plaats in de zaak. "Hieruit kwam geen enkel tastbaar resultaat", besluit Buelens. "De vertegenwoordiger van de Vlaamse minister van Welzijn, minister Crevits, was zelfs afwezig op dat overleg." (Belga)

"Een delegatie van de actievoerders zal in Brussel worden ontvangen door het kabinet", meldt de advocaat van de arbeiders, Jan Buelens. "Er is na twee maanden nog steeds geen oplossing voor alle slachtoffers van mensenhandel die werkzaam waren voor Irem (de Italiaanse ondernaannemer van Borealis, red.) op de werf in Kallo." De lassers en pijpfitters werden volgens Buelens naar ons land gelokt met valse beloftes, kregen geen kopie van hun arbeidscontract en verdienden veel minder dan het minimumloon. Tot slot werden ze, aldus de advocaat, in mensonwaardige omstandigheden gehuisvest. "Borealis was al sinds april op de hoogte van wanpraktijken, maar pas na druk uit de media, verbrak het bedrijf eind juli het contract met Irem", zegt Buelens. "De werknemers werden vanaf dat ogenblik helemaal niet meer betaald." Al zeker 138 arbeiders werden erkend als slachtoffer van mensenhandel. Naast Filipino's en Bengalezen waren er Turken en Oekraïners aan het werk op de werf. Het gaat om de grootste zaak van mensenhandel en economische uitbuiting in België. "Ondanks de erkenning, startte de regering niet de bijhorende procedure op", stelt Buelens vast. "Daardoor hebben de arbeiders geen verblijfsvergunning, geen werk en geen opvang of begeleiding. Als erkende slachtoffers van mensenhandel is de overheid verplicht om de procedure op te starten. Toch geven de regeringen niet het minste teken van leven." Op 9 september vond het laatste overleg plaats in de zaak. "Hieruit kwam geen enkel tastbaar resultaat", besluit Buelens. "De vertegenwoordiger van de Vlaamse minister van Welzijn, minister Crevits, was zelfs afwezig op dat overleg." (Belga)