Met een lengte die kan oplopen tot 30 meter en een gewicht tot 170 ton, is de blauwe vinvis het grootste dier dat ooit heeft bestaan. Het grootst bekende landdier dat heeft geleefd, is de argentinosaurus. Die evenaarde de blauwe vinvis in lengte, maar woog de helft minder. Dat er nooit grotere dieren hebben bestaan, is geen toeval. De potentiële omvang van levende organismen wordt bepaald door harde natuurwetten. Er zijn mechanische beperkingen. Als een dier in omvang verdubbelt, neemt de sterkte van de spieren en de botten toe met factor 4 (2 kwadraat). De massa stijgt niet met factor 4 maar met factor 8 (2 tot de derde macht), omdat die drie dimensies heeft: hoogte, breedte en lengte. Met andere woorden: massa stijgt sneller dan de kracht die de massa moet torsen.

Die mechanische beperkingen zijn niet alleen van toepassing op levende organismen, maar op alle fysische objecten, zoals een gebouw. Elk object dat gestaag groter wordt, dood of levend, bezwijkt uiteindelijk onder zijn gewicht. De zwaartekracht wint altijd. Een andere fysieke rem op de groei van een levend organisme is dat een stijging in omvang gepaard gaat met een onevenredig sterke stijging van de energie die nodig is om het organisme in leven te houden. De bloedcellen van een blauwe vinvis zijn even groot als die van een dwergmuis, maar de bloedvaten van de blauwe vinvis zijn sterker vertakt. Elke vertakking creëert extra weerstand en frictie, net als in een wegenstelsel, waardoor steeds meer energie moet worden ingezet om het bloed te laten circuleren. Als de energie om het bloed rond te pompen uitstijgt boven de energie die het bloed toevoert, stopt de groei: het organisme sterft aan zuurstoftekort.

Van groot worden ga je dood.

Ook omgevingsfactoren spelen een rol. De ontzaglijke omvang van de dinosauriërs was mogelijk door het hoge zuurstofgehalte van de atmosfeer. Dinosauriërs konden profiteren van een natuurlijk oligopolie, omdat ze weinig natuurlijke vijanden hadden. Hun omvang dwong hen echter om een grotere habitat te zoeken, waardoor ze meer aan ziektes werden blootgesteld en minder kans hadden om een partner te vinden. En geen grot was groot genoeg om te schuilen voor een meteorietenregen. Omvang rijmt altijd op ondergang. Met een hoogte van 120 meter kan Godzilla enkel tot leven worden gewekt door een computerreanimatie.

Ook de economie ontsnapt niet aan die natuurwetten. Een stijging in omvang gaat initieel gepaard met een stijging van de robuustheid. Een pittige kmo heeft betere overlevingskansen dan een startende onderneming, maar zodra een onderneming te groot wordt, kunnen schaalvoordelen worden verdrongen door schaalnadelen. Van de 500 ondernemingen die in 1955 op de Fortune 500-lijst stonden, blijven er vandaag 50 over, als gevolg van creatieve destructie. Zodra een onderneming meer dan 400 werknemers heeft, de omvang van een gemiddeld dorp, worden de relaties onpersoonlijk en steekt kantoorpolitiek haar lelijke kop op. Een uitdijende omvang vergt het opzetten van een bedrijfsstructuur, die kan muteren in een bureaucratie, de sluipmoordenaar van creativiteit en daadkracht. Obesitas dwong het stuurloze Romeinse keizerrijk om zichzelf op te splitsen in twee delen, maar voor de westelijke helft was het kalf al verdronken. Het oostelijke deel, het Byzantijnse rijk, floreerde. Het zwalpen van de Europese Unie tijdens de vaccinatiecrisis bevestigt dat de geschiedenis zich herhaalt. Is het Verenigd Koninkrijk het nieuwe Byzantium? De tijdloze stuurloosheid van kolossen wordt weerspiegeld in de naam van de dwarsligger Ever Given, die met zijn 200.000 ton, het equivalent van meer dan 1000 blauwe vinvissen, een van de kransslagaders van de wereldhandel dichtkneep en zo bijna een economische hartstilstand veroorzaakte.

Met een lengte die kan oplopen tot 30 meter en een gewicht tot 170 ton, is de blauwe vinvis het grootste dier dat ooit heeft bestaan. Het grootst bekende landdier dat heeft geleefd, is de argentinosaurus. Die evenaarde de blauwe vinvis in lengte, maar woog de helft minder. Dat er nooit grotere dieren hebben bestaan, is geen toeval. De potentiële omvang van levende organismen wordt bepaald door harde natuurwetten. Er zijn mechanische beperkingen. Als een dier in omvang verdubbelt, neemt de sterkte van de spieren en de botten toe met factor 4 (2 kwadraat). De massa stijgt niet met factor 4 maar met factor 8 (2 tot de derde macht), omdat die drie dimensies heeft: hoogte, breedte en lengte. Met andere woorden: massa stijgt sneller dan de kracht die de massa moet torsen. Die mechanische beperkingen zijn niet alleen van toepassing op levende organismen, maar op alle fysische objecten, zoals een gebouw. Elk object dat gestaag groter wordt, dood of levend, bezwijkt uiteindelijk onder zijn gewicht. De zwaartekracht wint altijd. Een andere fysieke rem op de groei van een levend organisme is dat een stijging in omvang gepaard gaat met een onevenredig sterke stijging van de energie die nodig is om het organisme in leven te houden. De bloedcellen van een blauwe vinvis zijn even groot als die van een dwergmuis, maar de bloedvaten van de blauwe vinvis zijn sterker vertakt. Elke vertakking creëert extra weerstand en frictie, net als in een wegenstelsel, waardoor steeds meer energie moet worden ingezet om het bloed te laten circuleren. Als de energie om het bloed rond te pompen uitstijgt boven de energie die het bloed toevoert, stopt de groei: het organisme sterft aan zuurstoftekort. Ook omgevingsfactoren spelen een rol. De ontzaglijke omvang van de dinosauriërs was mogelijk door het hoge zuurstofgehalte van de atmosfeer. Dinosauriërs konden profiteren van een natuurlijk oligopolie, omdat ze weinig natuurlijke vijanden hadden. Hun omvang dwong hen echter om een grotere habitat te zoeken, waardoor ze meer aan ziektes werden blootgesteld en minder kans hadden om een partner te vinden. En geen grot was groot genoeg om te schuilen voor een meteorietenregen. Omvang rijmt altijd op ondergang. Met een hoogte van 120 meter kan Godzilla enkel tot leven worden gewekt door een computerreanimatie. Ook de economie ontsnapt niet aan die natuurwetten. Een stijging in omvang gaat initieel gepaard met een stijging van de robuustheid. Een pittige kmo heeft betere overlevingskansen dan een startende onderneming, maar zodra een onderneming te groot wordt, kunnen schaalvoordelen worden verdrongen door schaalnadelen. Van de 500 ondernemingen die in 1955 op de Fortune 500-lijst stonden, blijven er vandaag 50 over, als gevolg van creatieve destructie. Zodra een onderneming meer dan 400 werknemers heeft, de omvang van een gemiddeld dorp, worden de relaties onpersoonlijk en steekt kantoorpolitiek haar lelijke kop op. Een uitdijende omvang vergt het opzetten van een bedrijfsstructuur, die kan muteren in een bureaucratie, de sluipmoordenaar van creativiteit en daadkracht. Obesitas dwong het stuurloze Romeinse keizerrijk om zichzelf op te splitsen in twee delen, maar voor de westelijke helft was het kalf al verdronken. Het oostelijke deel, het Byzantijnse rijk, floreerde. Het zwalpen van de Europese Unie tijdens de vaccinatiecrisis bevestigt dat de geschiedenis zich herhaalt. Is het Verenigd Koninkrijk het nieuwe Byzantium? De tijdloze stuurloosheid van kolossen wordt weerspiegeld in de naam van de dwarsligger Ever Given, die met zijn 200.000 ton, het equivalent van meer dan 1000 blauwe vinvissen, een van de kransslagaders van de wereldhandel dichtkneep en zo bijna een economische hartstilstand veroorzaakte.