De handelsoorlog tussen de VS en China lijkt nog lang niet ten einde. De brexit dreigt uit te draaien op pure improvisatie. De schulden zwellen wereldwijd vrolijk aan, en zijn nu al drie keer groter dan de wereldeconomie. Het Midden-Oosten kan elk moment ontvlammen. En dankzij de Italiaanse populisten moeten we opnieuw vrezen voor het voortbestaan van de euro.
...

De handelsoorlog tussen de VS en China lijkt nog lang niet ten einde. De brexit dreigt uit te draaien op pure improvisatie. De schulden zwellen wereldwijd vrolijk aan, en zijn nu al drie keer groter dan de wereldeconomie. Het Midden-Oosten kan elk moment ontvlammen. En dankzij de Italiaanse populisten moeten we opnieuw vrezen voor het voortbestaan van de euro. Het lijstje met bedreigingen voor de wereldeconomie is lang, maar Fernand Huts ligt er niet wakker van. "Wij doen gewoon voort", zegt de baas van de logistieke multinational Katoen Natie. "We hebben investeringsplannen in de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Nederland, Spanje, Italië, Estland, Vietnam, Singapore en Thailand. En dat zijn nog maar de hoofdmoten. Op een jaarlijkse omzet van 2 miljard euro investeren wij 400 à 500 miljoen euro. Daar veranderen we niks aan." Een zelfde geluid horen we bij de staaldraadproducent Bekaert. "We hebben al lang niet meer zo intensief geïnvesteerd als nu", zegt woordvoerster Katelijn Bohez. "We hebben geen schrik. De vraag en het aantal klanten groeien. We verdubbelen onze capaciteit in Roemenië, en breiden ook uit in Slowakije en Rusland. We investeren ook in China, Indonesië en India. Dat laatste land is een van de snelst groeiende economieën ter wereld." Het enige minpunt voor Bekaert zijn de Amerikaanse importheffingen op staal, iets wat president Donald Trump al in zijn verkiezingsprogramma aankondigde. "Zodra duidelijk werd dat hij aan de macht zou komen, hebben we de uitbreidingsplannen voor onze fabriek in Arkansas stilgelegd", zegt Bohez. "Het Amerikaanse handelsbeleid creëert niet bepaald een klimaat voor strategische investeringsbeslissingen. Je weet niet wat er morgen komt." Katoen Natie en Bekaert houden de moed erin, maar de andere bedrijven zijn voorzichtiger. Dat valt af te leiden uit de kredietverlening. Bedrijven vragen nog altijd om kredieten, en de Belgische banken staan die ook toe, meer dan ooit zelfs. De uitstaande bedrijfskredieten bereikten halfweg 2018 een record van 154,3 miljard euro, volgens de bankenfederatie Febelfin. Maar de looptijd van de kredieten wordt korter, zegt Jan Van Hove, de hoofdeconoom van KBC. "Dat komt omdat er kritischer naar dossiers gekeken wordt, met meer oog voor de risico's. Er zijn minder kredieten van tien tot twintig jaar, typisch voor zware investeringen zoals het opzetten van een buitenlandse fabriek. Vandaag zijn kredieten van drie tot vijf jaar meer in zwang. Die looptijden zijn geschikt voor minder gewaagde investeringen, zoals de vernieuwing van het computerpark." Bedrijven investeren nog wel in het buitenland, maar de aard van die investeringen verandert, aldus Plant Location International (PLI), dat ondernemers adviseert bij de keuze van nieuwe vestigingsplaatsen in de wereld. "We zien duidelijk dat de complexe, kapitaalintensieve investeringen uitgesteld worden", zegt Roel Spee, hoofd van PLI. "Eenvoudige projecten - het opzetten van een buitenlandse verkooporganisatie of distributiecentrum bijvoorbeeld - gaan gewoon door, maar dan bij voorkeur in stabiele markten als West-Europa en Noord-Amerika. De opkomende landen verliezen investeringen, door hun afhankelijkheid van grote, kapitaalintensieve projecten." Groot-Brittannië is een tussengeval. "Door de brexit is het ondernemersvriendelijke Verenigd Koninkrijk niet langer de logische toegangspoort tot de Europese markt", zegt Spee. "Toch blijven de buitenlandse investeringen in het VK stabiel. Het is een van de belangrijkste consumentenlanden van Europa. Bedrijven willen die markt blijven bedienen, of het nu met een verkoopkantoor is of met een fabriek. Het VK boert dus niet achteruit, maar gaat ook niet vooruit. Het land misloopt de forse stijging van de buitenlandse investeringen in de rest van West-Europa. De brexit heeft dus wel degelijk impact, wat Britse politici ook mogen beweren." Een veel groter wingewest voor westerse bedrijven is China, en dat zal zo blijven. Dat blijkt uit een recente rondvraag bij de leden van de Amerikaanse Kamer van Koophandel in China. Een grote meerderheid van de 430 respondenten, of 64,6 procent, is niet van plan zijn productie te verhuizen uit China als gevolg van de handelsoorlog met de VS. Slechts een klein derde overweegt investeringen in China uit te stellen of te schrappen. Hoe het ook uitdraait, de Chinezen zullen niet bij de pakken blijven zitten, denkt Karel Eloot, senior partner bij de consultant McKinsey in Sjanghai. "Het vrije verkeer van technologie zal afnemen, en daarom ook de innovatie en de productiviteitsgroei in China. Dat zal de Chinezen aanzetten tot de noodzakelijke heroriëntatie van hun economie naar meer binnenlandse consumptie en innovatie. Een ander, ironisch gevolg kan wel eens zijn dat China nog meer buitenlandse bedrijven en kennis opkoopt dan nu." China mag dan een winnaar worden, vele andere landen zullen verliezen. In Turkije, Brazilië en Argentinië krijgen investeerders het warm onder de voeten, zegt Nabil Jijakli, deputy CEO van de kredietverzekeraar Credendo. "De investeerders beginnen de zwakheden van die landen te herontdekken, zoals een hoge schuldgraad, een te grote afhankelijkheid van buitenlands kapitaal, en het gevaar voor muntontwaarding. Nu de VS dankzij de renteverhoging betere rendementen bieden, is de keuze snel gemaakt." Buitenlandse investeerders kunnen zich bij Credendo indekken tegen risico's. Als de wereldwijde onzekerheid de buitenlandse investeringen doet dalen, dan zou Credendo ook een daling moeten zien van het aantal aanvragen voor dekking. Maar dat is niet het geval. "Dat kan nog komen", zegt Jijakli. "De onzekerheid groeit nog maar een paar maanden echt. Dat heeft nu al gevolgen voor de internationale handel. De Wereldbank en de Wereldhandelsorganisatie hebben hun groeiprognoses voor de wereldhandel neerwaarts moeten bijstellen. De buitenlandse investeringen zullen waarschijnlijk volgen."